Belangrijke juridische mededeling
Conclusie van advocaat-generaal Mischo van 9 oktober 1990. - COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN TEGEN IRELAND. - VERPLICHTING TOT HET VERSTREKKEN VAN INLICHTINGEN MET BETREKKING TOT DE VISSERIJ. - ZAAK 39/88.
Jurisprudentie 1990 bladzijde I-04271
Conclusie van de advocaat generaal
++++
Mijnheer de President,
mijne heren Rechters,
1 . In het kader van zaak C-39/88 heeft de Commissie het Hof verzocht vast te stellen, dat Ierland verscheidene bepalingen heeft geschonden, die de Lid-Staten verplichten, haar bepaalde gegevens over visserijprodukten mee te delen .
2 . Ik zal mij ertoe beperken om de door de Commissie genoemde specifieke bepalingen in herinnering te brengen en voor een beschrijving van de gehele betrokken regeling verwijs ik naar het rapport ter terechtzitting .
De eerste grief van de Commissie
3 . De eerste grief van de Commissie heeft betrekking op schending van artikel 11, lid 1, van verordening ( EEG ) nr . 3796/81 van de Raad van 29 december 1981 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector visserijprodukten ( PB 1981, L 379, blz . 1; hierna : de basisverordening ), dat luidt :
"Gedurende het gehele tijdvak waarin de oriëntatieprijs van toepassing is, delen de Lid-Staten aan de Commissie de prijzen mee die op de representatieve groothandelsmarkten of in de representatieve havens worden geconstateerd voor de produkten met de kenmerken die voor de vaststelling van de oriëntatieprijs zijn gekozen ."
4 . De inhoud van deze verplichting is nader uitgewerkt in artikel 1 van verordening ( EEG ) nr . 3598/83 van de Commissie ( 1 ), dat luidt als volgt : ( 2 )
"1 ) De in artikel 11, lid 1, van verordening ( EEG ) nr . 3796/81 bedoelde mededelingen omvatten, voor elk der in bijlage I, sub A, D en E, van die verordening genoemde produkten en voor iedere representatieve markt of haven :
a ) de gemiddelde prijs van de marktdag :
- van elk produkt,
en
- van de produktklasse die in aanmerking is genomen voor de vaststelling van de oriëntatieprijs, gewogen volgens de verhandelde hoeveelheden;
b ) de totale aangelande en verhandelde hoeveelheden van het produkt en van de produktklasse vermeld sub a, tweede streepje;
c ) de totale hoeveelheid die uit de markt werd genomen .
2 ) De mededelingen worden per telexbericht aan de Commissie gezonden op de tiende en de vijfentwintigste dag van iedere maand, voor de perioden die telkens met de daaraan voorafgaande halve maand overeenkomen en, wanneer een crisissituatie of een verstoring der markten dreigt te ontstaan, op iedere marktdag ."
5 . Ierland behoeft de betrokken mededelingen enkel te verstrekken voor op de in bijlage I, sub A, van de basisverordening genoemde produkten . Volgens de Commissie bestaat de beweerde niet-nakoming in het feit, dat verweerder haar de betrokken gegevens slechts eenmaal per jaar toezendt in plaats van twee keer per maand .
6 . Ierland bestrijdt deze grief niet, maar betoogt, dat de aan de Commissie gezonden gegevens, gelet op het doel ervan, voldoende zijn om de Commissie in staat te stellen om de Raad jaarlijks voorstellen te doen ter vaststelling van de oriëntatieprijzen van de betrokken produkten .
7 . Verweerder verklaart eveneens, dat hij wegens het geringe aantal beschikbare visserijinspecteurs en het grote aantal havens en aanlandingsplaatsen in Ierland, de betrokken gegevens niet twee keer per maand kan meedelen . Bovendien heeft het tijdens de onderhandelingen over de toepasselijke verordeningen herhaaldelijk erop gewezen, dat het uiterst moeilijk aan deze verplichting zou kunnen voldoen .
8 . Ter terechtzitting heeft Ierland bovendien de aandacht van het Hof gevestigd op het feit, dat verordening nr . 3598/83 met ingang van 1 januari 1991 zal worden vervangen door verordening ( EEG ) nr . 1106/90 van de Commissie van 18 april 1990 inzake mededelingen in het kader van de gemeenschappelijke ordening der markten in de sector visserijprodukten ( PB 1990, L 111, blz . 50 ). Artikel 2 van deze verordening bepaalt, dat de Lid-Staten voor elk van de in bijlage I, sub A, van de basisverordening genoemde produkten de gemiddelde marktprijzen per maand moeten toezenden, terwijl zij voordien de gemiddelde prijs per marktdag iedere veertien dagen moesten meedelen .
9 . Hieruit blijkt wel, dat deze halfmaandelijkse mededelingen niet echt nodig waren voor de goede werking van deze marktordening . Dit neemt niet weg dat Ierland, voordat dit beroep werd ingesteld, de gegevens slechts eenmaal per jaar heeft toegezonden en dat het dus evenmin aan de verplichtingen van de nieuwe verordening heeft voldaan, wanneer deze reeds van kracht was geweest .
10 . In elk geval kan niet worden ontkend, dat gedurende het tijdvak waarop dit beroep betrekking heeft, de verplichtingen van de oude verordening van de Commissie voor Ierland golden . Zolang de geldigheid en de toepasselijkheid van de ingeroepen bepalingen niet worden betwist, wat in casu het geval is, kan het Hof slechts kennis nemen van de tekst ervan en constateren dat zij niet zijn nageleefd .
11 . Zelfs wanneer was bewezen, dat de niet-nakoming geen nadelige invloed op de werking van de marktordening heeft gehad, doet dit aan de niet-nakoming zelf niets af . Wat dit punt betreft, verwijs ik naar mijn conclusie van heden in zaak C-209/88 ( Commissie/Italië ).
12 . Hier moet dus de vaste rechtspraak van het Hof worden gevolgd, waaruit blijkt dat :
"een Lid-Staat zich, ter rechtvaardiging van de niet-eerbiediging van verplichtingen en termijnen die in de richtlijnen van de Gemeenschap besloten liggen, niet ten exceptieve op nationale bepalingen, praktijken of toestanden kan beroepen ." ( 3 )
13 . Nog zeer onlangs heeft het Hof zich in dezelfde zin uitgesproken in zijn arrest van 14 juni 1990 ( zaak C-48/89, Commissie/Italië, Jurispr . 1990, blz . I-2425 ) waarin de verweerster, evenals in casu, had aangevoerd, dat de uitvoering van het besluit op grond waarvan zij verplicht was, de Commissie bepaalde gegevens te verstrekken, moeilijkheden opleverde . Dit arrest bevestigt reeds eerdere rechtspraak van het Hof, volgens welke :
"de bij de uitvoering van een communautair besluit aan de dag getreden moeilijkheden een Lid-Staat niet het recht geven zich eenzijdig van de nakoming zijner verplichtingen ontslagen te achten ." ( 4 )
De tweede grief van de Commissie
14 . In haar verzoekschrift maakt de Commissie eveneens melding van schending van artikel 11, lid 3, van de basisverordening, dat luidt :
"De Lid-Staten stellen de Commissie elk kwartaal in kennis van de verkoopprijzen die in de loop van het voorafgaande kwartaal bij de groothandel gelden voor de in bijlage IV, sub B, bedoelde produkten die aan boord en aan de wal zijn ingevroren ."
15 . Deze verplichting is nader uitgewerkt in artikel 2 van verordening nr . 3598/83 .
16 . De Commissie had deze grief echter beperkt tot de gegevens over de aan boord ingevroren produkten . Nadat verweerder had tegengeworpen, dat het hierbij gaat om "een techniek die vóór januari 1988 niet in Ierland en evenmin op Ierse vissersschepen werd gebruikt", heeft de Commissie ter terechtzitting dit gedeelte van haar beroep ingetrokken .
Conclusie
17 . Ik geef het Hof derhalve in overweging, vast te stellen dat Ierland, door niet binnen de gestelde termijnen mededeling te doen van de in artikel 11, lid 1, van verordening nr . 3796/81 en artikel 1 van verordening nr . 3598/83 genoemde gegevens, de verplichtingen niet is nagekomen die krachtens deze bepalingen op hem rusten . Aangezien aldus de Commissie in het gelijk wordt gesteld ten aanzien van een van haar vorderingen, doch zij anderzijds haar tweede vordering heeft ingetrokken zonder dat dit gerechtvaardigd werd door de houding van Ierland, dienen beide partijen mijns inziens de eigen kosten te dragen .
(*) Oorspronkelijke taal : Frans .
( 1 ) Verordening van 20 december 1983 betreffende de mededeling van de geconstateerde prijzen en de vaststelling van de lijst van voor visserijprodukten representatieve markten en havens ( PB 1981, L 357, blz . 17 ).
( 2 ) Zoals gewijzigd bij verordening ( EEG ) nr . 3473/85 van de Commissie van 10 december 1985 tot wijziging van verordening ( EEG ) nr . 3598/83 betreffende de mededeling van de geconstateerde prijzen en de vaststelling van de lijst van voor de visserijprodukten representatieve markten en havens, met name met het oog op de toetreding van Spanje en Portugal ( PB 1985, L 333, blz . 10 ).
( 3 ) Zie met name het arrest van 3 oktober 1984, zaak 254/83, Commissie/Italië, Jurispr . 1984, blz . 3395 .
( 4 ) Zie met name de arresten van 7 februari 1979, zaak 128/78, Commissie/Verenigd Koninkrijk, Jurispr . 1979, blz . 419, en 7 februari 1973, zaak 39/72, Commissie/Italië, Jurispr . 1973, blz . 101 .
Top