Avis juridique important
ARREST VAN HET HOF VAN 27 MAART 1990. - ITALIAANSE REPUBLIEK TEGEN COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. - LANDBOUW - GOEDKEURING EOGFL-REKENINGEN - GEBOORTEPREMIE VOOR KALVEREN. - ZAAK 10/88.
Jurisprudentie 1990 bladzijde I-01229
Pub.RJ bladzijde Pub somm
Samenvatting
Partijen
Dictum
++++
1 . Landbouw - Gemeenschappelijke ordening der markten - Rundvlees - Geboortepremie voor kalveren - Behandeling van aanvragen door autoriteiten van Lid-Staten - Termijn niet in gemeenschapsregeling bepaald - Inachtneming van ten opzichte van doel van regeling redelijke termijn
( EEG-Verdrag, artikel 5; verordeningen nrs . 1201/82 en 1215/83 van de Raad; verordening nr . 1262/83 van de Commissie, artikel 1 )
2 . Gemeenschapsrecht - Beginselen - Rechtszekerheid - Regeling die financiële consequenties kan hebben - Termijn waarbinnen Lid-Staten aanvragen van door EOGFL gefinancierde premies moeten behandelen - Tijdige bepaling en mededeling
Samenvatting1 . Ingevolge het beginsel van loyale samenwerking tussen de communautaire en nationale instanties, in artikel 5 van het Verdrag neergelegd om in het belang van de deelnemers aan het economisch verkeer een juiste toepassing van het gemeenschapsrecht te verzekeren, moeten de nationale instanties erop toezien, dat het doel van de gemeenschapsregeling inzake de geboortepremie voor kalveren wordt bereikt . Zij dienen aanvragen dus te behandelen binnen een termijn die aan dat doel - zoals omschreven in de verordeningen nrs . 1201/82 en 1215/83 - beantwoordt, ook al is in de uitvoeringsverordeningen van de Commissie geen termijn bepaald . In dat geval kan de Commissie de Lid-Staten doen weten, wat zij als een redelijke termijn beschouwt .
2 . Volgens vaste rechtspraak ( zie laatstelijk arrest van 13.3.1990, zaak C-30/89, Commissie/Frankrijk, Jurispr . 1990, blz . 691 ) is voor het gemeenschapsrecht rechtszekerheid en voorzienbaarheid een dwingend vereiste, in het bijzonder in het geval van een regeling die financiële consequenties kan hebben . Wanneer de Commissie dus besluit financiële gevolgen te verbinden aan het feit dat de nationale instanties de door de deelnemers aan het economisch verkeer ingediende aanvragen van door het EOGFL gefinancierde premies niet binnen een redelijke termijn hebben behandeld, vereist het beginsel van goed bestuur, dat zij alle betrokken Lid-Staten tijdig meedeelt, wat zij als een redelijke termijn beschouwt .
Partijenin zaak C-10/88,
Italiaanse Republiek, vertegenwoordigd door L . Ferrari Bravo, hoofd van de dienst diplomatieke geschillen van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, als gemachtigde, bijgestaan door O . Fiumara, avvocato dello Stato, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg ter Italiaanse ambassade, 5, rue Marie-Adelaïde,
verzoekster,
tegen
Commissie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door haar juridisch adviseurs P . Karpenstein en G . Marenco als gemachtigden, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg bij G . Kremlis, lid van haar juridische dienst, Centre Wagner, Kirchberg,
verweerster,
betreffende een beroep tot gedeeltelijke nietigverklaring van beschikking 87/541/EEG van de Commissie van 21 oktober 1987 tot wijziging van de beschikkingen 87/468/EEG en 87/469/EEG betreffende de goedkeuring van de door de Lid-Staten uit hoofde van de begrotingsjaren 1984 en 1985 ingediende rekeningen voor de door het Europees Oriëntatie - en Garantiefonds voor de Landbouw, afdeling Garantie, gefinancierde uitgaven ( PB 1987, L 324, blz . 32 ).
HET HOF VAN JUSTITIE,
samengesteld als volgt : Sir Gordon Slynn, kamerpresident, waarnemend voor de president, C . N . Kakouris, kamerpresident, T . Koopmans, G . F . Mancini, T . F . O' Higgins, G . C . Rodríguez Iglesias en M . Díez de Velasco, rechters,
( rechtsoverwegingen niet opgenomen )
rechtdoende :
Dictum1 ) Verklaart nietig beschikking 87/541/EEG van de Commissie van 21 oktober 1987 tot wijziging van de beschikkingen 87/468/EEG en 87/469/EEG betreffende de goedkeuring van de door de Lid-Staten uit hoofde van de begrotingsjaren 1984 en 1985 ingediende rekeningen voor de door het Europees Oriëntatie - en Garantiefonds voor de Landbouw, afdeling Garantie, gefinancierde uitgaven, voor zover de Commissie voor het begrotingsjaar 1985 een bedrag van 19 045 553 222 LIT, door de Italiaanse Republiek gedeclareerd ter zake van geboortepremies voor kalveren in het verkoopseizoen 1983/1984, niet ten laste van het EOGFL heeft gebracht .
2 ) Verwijst de Commissie in de kosten van het geding .
Top