Avis juridique important
BESCHIKKING VAN HET HOF (VIERDE KAMER) VAN 26 JANUARI 1989. - URSULA GODFROY TEGEN HOF VAN JUSTITIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. - ONTVANKELIJKHEID. - SAG 259/88.
Jurisprudentie 1989 bladzijde 00123
Pub.RJ bladzijde Pub somm
Partijen
Dictum
++++
Ambtenaren - Beroep - Voorafgaande administratieve klacht - Niet tijdig betwist stilzwijgend besluit tot afwijzing van verzoek - Verval van recht
( Ambtenarenstatuut, artikelen 90 en 91 )
Partijenin zaak 259/88,
U . Godfroy, geboren Wagner, ambtenaar van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, wonende te 7513 Blankenloch ( Bondsrepubliek Duitsland ), vertegenwoordigd door E . Lebrun, advocaat te Brussel, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg ten kantore van T . Biever, advocaat aldaar, 83, boulevard G.-D.-Charlotte,
verzoekster,
tegen
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door F . Hubeau, afdelingshoofd, bijgestaan door D . Waelbroeck, advocaat te Brussel, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg ten kantore van eerstgenoemde, Hof van Justitie, Kirchberg,
verweerder,
betreffende herplaatsing van verzoekster na het op 15 september 1972 verstreken verlof om redenen van persoonlijke aard .
HET HOF VAN JUSTITIE ( Vierde kamer ),
samengesteld als volgt : T . Koopmans, kamerpresident, C . N . Kakouris en M . Díez de Velasco, rechters,
de advocaat-generaal gehoord,
beschikt :
Dictum1 ) Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard .
2 ) Elk der partijen zal de eigen kosten dragen .
Top