Avis juridique important
ARREST VAN HET HOF (DERDE KAMER) VAN 21 MAART 1991. - HANIEL SPEDITION GMBH TEGEN COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. - VERORDENING (EEG) NR. 2200/87 VAN DE COMMISSIE - INHOUDING OP BETALINGEN TER ZAKE VAN VOEDSELHULP. - ZAAK C-226/89.
Jurisprudentie 1991 bladzijde I-01599
Pub.RJ bladzijde Pub somm
Samenvatting
Partijen
Dictum
++++
Landbouw - Gemeenschappelijk landbouwbeleid - Voedselhulp - Uitvoering - Aanbestedingsregeling - Waarborgregeling - Te late levering - Sanctie - Inhouding op leveringszekerheid bij vrijgifte daarvan - Inhouding op voor levering van goederen verschuldigd bedrag - Onwettigheid
( Verordening nr . 2200/87 van de Commissie, art . 18, lid 2, en 22, sub 2 )
SamenvattingGelijk het Hof reeds heeft uitgemaakt ( zie arrest van 12 december 1990, zaak C-172/89, Vandemoortele, Jurispr . 1990, blz . I-4677 ), kunnen - al dan niet strafrechtelijke - sancties slechts worden opgelegd indien daarvoor een duidelijke en eenduidige rechtsgrondslag bestaat . Bijgevolg moet de beschikking waarbij de Commissie een inhouding wegens te late levering heeft toegepast op het bedrag dat zij een inschrijver verschuldigd is ter zake van een levering in het kader van de voedselhulp, worden nietigverklaard, daar artikel 18, lid 2, van verordening nr . 2200/87 slechts inhoudingen op dat bedrag toestaat wanneer de kwaliteit of de verpakking van de goederen niet met de voorschriften strookt, en artikel 22, sub 2, van deze verordening de mogelijkheid biedt - waarvan de Commissie in casu geen gebruik heeft gemaakt - te late leveringen te bestraffen met een inhouding op de zekerheid bij de vrijgifte daarvan .
Partijenin zaak C-226/89,
Haniel Spedition GmbH, vennootschap naar Duits recht, gevestigd te Duisburg ( Bondsrepubliek Duitsland ), vertegenwoordigd door D . Schroeder, advocaat te Keulen, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg bij Loesch & Wolter, advocaten aldaar, Rue Zithe 8,
verzoekster,
tegen
Commissie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door haar juridisch adviseur D . Booss en K.-D . Borchardt, lid van haar juridische dienst, als gemachtigden, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg bij G . Berardis, lid van haar juridische dienst, Centre Wagner, Kirchberg,
verweerster,
betreffende een beroep tot nietigverklaring van de tot verzoekster gerichte beschikking van de Commissie van 8 mei 1989 betreffende overeenkomstig artikel 22, sub 2 b, van verordening ( EEG ) nr . 2200/87 van de Commissie van 8 juli 1987 verrichte inhoudingen, en tot betaling aan verzoekster van een bedrag van 55 451,50 ECU, vermeerderd met de vertragingsrente overeenkomstig artikel 18, lid 6, tweede alinea, van verordening ( EEG ) nr . 2200/87 vanaf 12 mei 1989 .
HET HOF VAN JUSTITIE ( Derde kamer ),
samengesteld als volgt : J . C . Moitinho de Almeida, kamerpresident, F . Grévisse en M . Zuleeg, rechters,
( rechtsoverwegingen niet opgenomen )
Dictumrechtdoende :
1 ) Verklaart nietig de bij nota van 12 mei 1989 meegedeelde beschikking van de Commissie van 8 mei 1989 om een bedrag van 55 451,50 ECU in te houden op het aan verzoekster verschuldigde bedrag voor een levering in het kader van de voedselhulp .
2 ) Veroordeelt de Commissie tot betaling aan Haniel Spedition GmbH, te Duisburg, van een bedrag van 55 451,50 ECU, vermeerderd met vertragingsrente volgens het door de Commissie gehanteerde tarief vanaf 12 mei 1989 .
3 ) Verwijst de Commissie in de kosten van het geding .
Top