Avis juridique important
80/1282/EGKS: Beschikking van de Commissie van 7 november 1980 houdende machtiging tot het toekennen van steun door het Verenigd Koninkrijk ten behoeve van de kolenmijnindustrie in het financiële jaar 1979-1980 en machtiging tot het toekennen van bijkomende steun door het Verenigd Koninkrijk ten behoeve van de ondernemingen van de kolenmijnindustrie in het financiële jaar 1978-1979 (Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek)
Publicatieblad Nr. L 377 van 31/12/1980 blz. 0012 - 0015
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 7 november 1980 houdende machtiging tot het toekennen van steun door het Verenigd Koninkrijk ten behoeve van de kolenmijnindustrie in het financiële jaar 1979-1980 en machtiging tot het toekennen van bijkomende steun door het Verenigd Koninkrijk ten behoeve van de ondernemingen van de kolenmijnindustrie in het financiële jaar 1978-1979 (Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek) (80/1282/EGKS)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op Beschikking nr. 528/76/EGKS van de Commissie van 25 februari 1976 inzake de communautaire regeling voor de steunmaatregelen van de Lid-Staten ten behoeve van de kolenmijnindustrie (1).
Na raadpleging van de Raad,
I
Overwegende dat de Regering van het Verenigd Koninkrijk de Commissie overeenkomstig artikel 2 van de beschikking in kennis heeft gesteld van de financiële maatregelen die zij voornemens is in de loop van het financiële jaar 1979/1980 (2) direct of indirect ten behoeve van de kolenmijnindustrie te treffen ; dat van deze maatregelen de hierna te noemen steunbedragen overeenkomstig bovengenoemde beschikking voor goedkeuring in aanmerking komen. >PIC FILE= "T0035411">
Overwegende dat de hierboven vermelde steun in overeenstemming is met de criteria die volgens de beschikking inzake de toelaatbaarheid van dergelijke steunmaatregelen van de overheid als eis werden gesteld;
Overwegende dat de steun voor de aantrekking en handhaving van gekwalificeerd personeel gedeeltelijk moet dienen om de kosten van de National Coal Board (NCB) te dekken, die voortvloeien uit diverse rationaliseringen en uit de concentratie van de produktie bij mijnen met de hoogste produktiviteit. Dit brengt verhuiskosten, kosten van vervoer en andere kosten mee;
Overwegende dat de Regering van het Verenigd Koninkrijk in 1979/1980 van deze kosten een bedrag van 3,5 miljoen £ voor haar rekening neemt;
Overwegende dat doel en vorm van de steun aantonen dat het hier een maatregel betreft die voldoet aan de criteria van artikel 8 van de beschikking;
Overwegende dat bij de steun ter dekking van de kosten van kolen- en cokesvoorraden tot een bedrag van 13,4 miljoen £ ervan uitgegaan is dat de totale voorraden bij de producenten, alsmede de aanvullende voorraden bij de verbruikers, die door de producenten direct of indirect worden gefinancierd, circa 19 miljoen ton bedragen. Bij een maandproduktie van rond 10 miljoen ton belopen de voor steun in aanmerking komende voorraden krachtens artikel 9, lid 2, van de beschikking 9 miljoen ton. Het steunbedrag per ton bedraagt derhalve 1,5 £. De werkelijke opslagkosten (met inbegrip van afschrijvingen en rente) liggen belangrijk hoger dan het steunbedrag;
Overwegende dat doel en vofm van de steun aantonen dat het hier een steunmaatregel betreft die voldoet aan de criteria van artikel 9 van de beschikking;
Overwegende dat de steun voor kolen voor centrales ten bedrage van 9,6 miljoen £ een bedrag vormt voor leveringen van de centralekolen in Schotland ; dat, te oordelen naar de gegevens verstrekt door de Regering van het Verenigd Koninkrijk, mag worden aangenomen dat de steun qua omvang en doel in overeenstemming is met artikel 11 van de beschikking.
Overwegende dat de steun ter dekking van de mijnexploitatieverliezen (160,5 miljoen £) de in 1979/1980 ontstane verliezen van de mijnen van het NCB slechts ten dele dekken ; dat de steun enerzijds wordt toegekend om ernstige economische en sociale verstoringen in die bekkens te vermijden waar nog geen voldoende andere werkgelegenheid beschikbaar is en anderzijds om de aanwezige winningscapaciteit in het belang van de continuïteit van de energievoorziening in stand te houden ; dat de steun derhalve verenigbaar is met het bepaalde in artikel 12 van de beschikking; (1) PB nr. L 63 van 11.3.1976, blz. 1. (2) Het financiële jaar 1979/1980 loopt van begin april 1979 tot eind maart 1980.
II
Overwegende dat het onderzoek naar de verenigbaarheid van de voorgenomen steun met de goede werking van de gemeenschappelijke markt vereist, overeenkomstig artikel 3, punt 2 van de beschikking, dat eveneens rekening wordt gehouden met alle overige maatregelen ten behoeve van de lopende produktie in het financiële jaar 1979/1980;
Overwegende dat de steunbedragen vóór de lopende produktie in Groot-Brittannië in het financiële jaar 1979/1980 279,2 miljoen ERE (= 2,31 ERE/ton) zullen bedragen ; dat de Britse steenkoolmijnindustrie derhalve de laagste steunbedragen ontvangt in vergelijking met de andere kolenproducerende landen van de Gemeenschap;
Overwegende dat het onderzoek naar verenigbaarheid van de voorgenomen steun met de goede werking van de gemeenschappelijke markt geen gedetailleerde gegevens of onderzoekingen vereist: - er zijn in 1979 geen voorzieningsmoeilijkheden ontstaan op de Britse kolenmarkt;
- de leveranties van Britse kolen aan andere landen van de Gemeenschap zijn in 1979 ten opzichte van het voorafgaande jaar toegenomen;
- de sluiting van vijf weinig produktieve mijninstallaties heeft tot rationalisering geleid en tot de concentratie van de winning op de installaties met de hoogste produktiviteit;
- de prijzen van Britse cokes- en ketelkolen hebben in 1979 niet geleid tot indirecte steun aan industriële kolenverbruikers.
Overwegende dat bijgevolg kan worden vastgesteld dat de voor het financiële jaar 1979/1980 voorgenomen steun ten behoeve van de lopende produktie van de Britse steenkoolmijnbouw verenigbaar is met de goede werking van de gemeenschappelijke markt;
Overwegende dat deze beoordeling tevens geldt indien de steunbedragen die de kolenmijnondernemingen overeenkomstig Beschikking 73/287/EGKS ontvangen, hierbij in aanmerking worden genomen;
III
Overwegende dat de Commissie van de Europese Gemeenschappen op 7 december 1978 Beschikking 79/23/EGKS heeft gegeven (1) ; dat door deze beschikking de door de Regering van het Verenigd Koninkrijk voor het financiële jaar 1978/1979 beoogde steunmaatregelen ten gunste van de kolenmijnindustrie werden goedgekeurd voor zover deze in het "Memorandum over de financiële maatregelen van de Lid-Staten ten gunste van de kolenmijnindustrie in 1978" (2) van de Commissie waren opgenomen en onderzocht;
Overwegende dat, gelijk in dit memorandum vermeld, de Regering van het Verenigd Koninkrijk in het kader van Beschikking nr. 528/76/EGKS een bedrag van 20,8 miljoen £ aan steun ten behoeve van de kolenmijnindustrie had opgegeven;
Overwegende dat de Regering van het Verenigd Koninkrijk voorts met haar schrijven van 19 maart 1979 voor het financiële jaar 1978/1979 (3) de verhoging van de steun in verband met voorraden kolen en cokes met 27,5 miljoen £ en van steun voor kolen bestemd voor centrales met 17,2 miljoen £ heeft aangevraagd ; dat de Regering van het Verenigd Koninkrijk voorts als nieuwe maatregel steun ter dekking van mijnexploitatieverliezen ten bedrage van 50 miljoen £ heeft opgegeven ; dat, in vergelijking tot het totale volume van de steun ten behoeve van de lopende Britse steenkoolproduktie de verhoging voor het financiële jaar 1978/1979 derhalve 94,7 miljoen £ bedraagt;
Overwegende dat het verzoek om toekenning van steun in verband met voorraden ten bedrage van 9 miljoen £ berusten op ramingen uit september 1977 ; dat de afzet daalde hetgeen tot stijging van de voorraden en daarmede tot hogere kosten leidde zodat de steun in verband met voorraden met 11,5 miljoen £ werd verhoogd ; dat bovendien bij de NSF (National Smokeless Fuels), een dochterbedrijf van de NCB, de cokesvoorraden aanzienlijk zijn gestegen ; dat de Regering van het Verenigd Koninkrijk derhalve het voornemen heeft de NSF voor het financiële jaar 1978/1979 steun ten bedrage van 16 miljoen £ te verlenen ; dat dit bedag een onderdeel vormt van een vijfjarenprogramma voor het op elkaar afstemmen van vraag en aanbod op de cokesmarkt;
Overwegende dat er bij de steun der dekking van kosten in verband met voorraden steenkool en cokes (36,5 miljoen £) van moet worden uitgegaan dat de totale voorraden bij de producenten alsmede de bijkomende voorraden bij verbruikers die rechtstreeks of indirect door producenten worden gefinancierd, eind 1978 ongeveer 21,5 miljoen ton hebben bedragen ; dat bij een maandproduktie van ongeveer 10 miljoen ton de voor steun in aanmerking komende vorraad 11,5 miljoen ton bedraagt ; dat het steunbedrag per ton zomede 3,2 £ bedraagt terwijl de daadwerkelijke opslagkosten (met inbegrip van afschrijvingen en rente) per ton ongeveer 5 £ bedragen;
Overwegende dat de steun derhalve verenigbaar is met het bepaalde in artikel 9 van de beschikking;
Overwegende dat de door de Regering van het Verenigd Koninkrijk aangevraagde steun voor kolen bestemd (1) PB nr. L 9 van 13.1.1979, blz. 33 e.v. (2) Doc. (COM(78) 367 def. blz. A 16 e.v. (3) Het financiële jaar 1978/1979 loopt van begin april 1978 tot eind maart 1979. voor centrales ten bedrage van 8,5 miljoen £ berustte op ramingen van september 1978 waarbij geen rekening was gehouden met de sterke daling van de koers van de US-dollar in 1978;
Overwegende dat, ten aanzien van de beoordeling van de verhoging van de steun voor kolen bestemd voor centrales principieel geen andere beoordelingsaspecten naar voren komen dan die welke de Commissie in haar beschikking van 7 december 1978 (1) heeft uiteengezet ; dat derhalve kan worden geconstateerd dat de voorziene steun verenigbaar is met het bepaalde in artikel 11 van de beschikking;
Overwegende dat de Regering van het Verenigd Koninkrijk verzoekt de NCB steun ten bedrage van 50 miljoen £ ter dekking van mijnexploitatieverliezen in het financiële jaar 1978/1979 te verlenen ; dat de daadwerkelijke mijnexploitatieverliezen van de NCB in het financiële jaar 1978/1979 volgens het jaarverslag van de NCB ongeveer 100 miljoen £ bedragen;
Overwegende dat de steun enerzijds bestemd is om de sluiting van onrendabele installaties op te schorten ten einde ernstige economische en sociale verstoringen te vermijden in gebieden waar nog onvoldoende andere werkgelegenheid bestaat ; dat anderijds de steun er tevens toe dient de met het oog op de continuïteit van de energievoorziening op lange termijn vereiste winningscapaciteit in stand te houden ; dat derhalve de steun verenigbaar is met het bepaalde in artikel 12 van de beshikking;
IV
Overwegende dat, voor wat betreft de verenigbaarheid van de totale steun van het Verenigd Koninkrijk voor de lopende produktie met de goede werking van de gemeenschappelijke markt op het volgende dient te worden gewezen: - bij het handelsverkeer in steenkool tussen het Verenigd Koninkrijk en de overige landen van de Gemeenschap is in 1978 uit niets gebleken dat er tussen de Britse steenkoolmijnbouw en die in de overige landen van de Gemeenschap ten gevolge van steunmaatregelen sprake zou kunnen zijn van concurrentievervalsing;
- de Britse prijzen voor cokes- en ketelkolen hebben in 1978 niet geleid tot indirecte steun voor industriële kolenverbruikers.
Overwegende dat derhalve kan worden geconstateerd dat de voor het financiële jaar 1978/1979 voorziene verhoging van de steun voor de lopende produktie van de Britse steenkoolmijnbouw verenigbaar is met de goede werking van de gemeenschappelijke markt;
V
Overwegende dat overeenkomstig artikel 14, punt 1, van de beschikking, de Commissie zich ervan dient te vergewissen of de goedgekeurde steun uitsluitend gebruikt wordt conform de in de artikelen 7 t/m 12 van de beschikking genoemde doelstellingen ; dat zij daarom in het bijzonder op de hoogte dient te worden gesteld van de omvang en de verdeling der betaalde bedragen,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1
Het Verenigd Koninkrijk wordt machtiging verleend voor het financiële jaar 1979/1980, steun aan de Britse steenkolenmijnbouw te verlenen tot een bedrag van 187 miljoen £.
Dit bedrag is de som van de volgende steunmaatregelen: 1. Bijdrage in de dekking van de kosten die voor de National Coal Board (NCB) ontstaan door het feit dat in het kader van de rationalisering van de produktie hergroeperingen van personeel moeten plaatsvinden. Het betreft hier een bijdrage van 3 500 000 £;
2. Steun ter dekking van de kosten voor opgeslagen kolen en cokes tot een bedrag van 13 400 000 £;
3. Steun tot een bedrag van 9 600 000 £ voor levering van ketelkolen ten behoeve van centrales in Schotland;
4. Steun ter dekking van mijnexploitatieverliezen tot een bedrag van 160 500 000 £.
Voor het financiële jaar 1978/1979 wordt het Verenigd Koninkrijk machtiging verleend bijkomende steun tot een bedrag van 94 700 000 £ ten behoeve van de Britse steenkolenmijnbouw te verlenen.
Dit bedrag is de som van de volgende steunmaatregelen: 1. Steun ter dekking van de kosten voor opgeslagen kolen en cokes tot een bedrag van 27 500 000 £:
2. Steun tot een bedrag van 17 200 000 £ voor levering van ketelkolen ten behoeve van centrales in Schotland;
3. Steun ter dekking van mijnexploitatieverliezen tot een bedrag van 50 000 000 £.
Artikel 2
De Regering van het Verenigd Koninkrijk verstrekt de Commissie uiterlijk op 31 december 1980 (1) PB nr. L 9 van 13.1.1979, blz. 33. bijzonderheden over de op grond van deze beschikking verleende steunbedragen en in het bijzonder over de omvang en de verdeling van de verrichte betalingen.
Artikel 3
Deze beschikking is gericht tot het Verenigd Koninkrijk.
Gedaan te Brussel, 7 november 1980.
Voor de Commissie
Guido BRUNNER
Lid van de Commissie
Top