Avis juridique important
87/45/EEG: Beschikking van de Commissie van 10 december 1986 inzake een procedure op grond van artikel 85 van het EEG-Verdrag (IV/29.688 - The London Grain Futures Market) (Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek)
Publicatieblad Nr. L 019 van 21/01/1987 blz. 0022 - 0025
*****
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE
van 10 december 1986
inzake een procedure op grond van artikel 85 van het EEG-Verdrag
(IV/29.688 - The London Grain Futures Market)
(Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek)
(87/45/EEG)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE
GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,
Gelet op Verordening nr. 17 van de Raad van 6 februari 1962, eerste verordening over de toepassing van de artikelen 85 en 86 van het Verdrag (1), laatstelijk gewijzigd bij de Akte van Toetreding van Spanje en Portugal, en met name op artikel 2,
Gezien de aanmelding en het verzoek om een negatieve verklaring betreffende de Articles of Association (statuten) en Regulations (reglementen) van de London Grain Futures Market, ingediend op 22 augustus 1978,
Gezien de bekendmaking van het essentiële gedeelte van de aanmelding (2) overeenkomstig artikel 19, lid 3, van Verordening nr. 17,
Na raadpleging van het Adviescomité voor mededingingsregelingen en economische machtsposities,
Overwegende hetgeen volgt:
I. DE FEITEN
(1) De »London Grain Futures Market" (LGFM) is opgericht en wordt beheerd onder toezicht van de »Grain and Feed Trade Association" (GAFTA) en is een van de vele goederenmarkten die te Londen gevestigd zijn. De goederenmarkten zijn zelfregulerende organisaties, geleid door bestuurscomités (»Committees of Management") die worden bijgestaan door secretariaten en gebruik maken van bevoegdheden welke daaraan door de leden ervan in marktregelingen (»market rule books") zijn toegekend. Het LGFM Comité bestaat uit dertien leden, waarvan er vier zijn gekozen door de leden van de LGFM, zeven door de Raad van GAFTA (die op zijn beurt grotendeels wordt verkozen uit leden van GAFTA) en twee personen die eenmaal per jaar door de »UK Agricultural Supply Trade Association Limited" worden benoemd. Hoewel de markten zelfregulerend zijn, is er een zekere mate van toezicht door de »Bank of England" en in toenemende mate controle op de leden door de »Association of Futures Brokers and Dealers Limited" (AFBD).
(2) De LGFM heeft ten doel in Londen een termijnmarkt voor graan op te richten en deze te beheren. Een termijnmarkt stelt faciliteiten ter beschikking voor het sluiten van overeenkomsten voor de aankoop en verkoop van een goed dat op aangegeven tijdstippen in de toekomst moet worden geleverd. Termijnmarkten zijn voornamelijk ontwikkeld om diegenen die aan goederenhandel doen tegen de risico's van ongunstige prijsbewegingen bescherming te bieden.
(3) De LGFM stelt voor handel en prijsvorming een marktruimte (»floor") ter beschikking, beslist over uiteenlopende technische vraagstukken zoals toelaatbare leveringsmaanden en condities voor standaardovereenkomsten en biedt clearings- en afwikkelingsfaciliteiten. De handel geschiedt op de »floor" waar de handelaren elkaar ontmoeten met offerten en biedingen in een stelsel dat als »open outcry" (open afroep) bekend staat.
(4) De internationale termijnmarkten in Londen behoren tot de voornaamste markten die in de internationale goederenhandel worden gebruikt, en zij dragen bij tot de stabiliteit en de vlotte afwikkeling van de wereldhandel en tot de wereldprijsvorming. De relatieve omvang van de LGFM ten opzichte van haar voornaamste concurrenten is hieronder weergegeven:
Jaarlijkse handelsvolumes bij gerst
1980-1985
(in ton)
1.2.3 // // // // Jaar // Londen (1) // Winnipeg (2) // // // // 1980/1981 // 5 766 230 // // 1981/1982 // 3 489 183 // // 1982/1983 // 3 497 718 // // 1983/1984 // 3 567 316 // 9 596 140 // 1984/1985 // 2 276 438 // 5 737 400 // // //
(1) 1-ton-contract.
(2) 20-ton-contract.
Jaarlijkse handelsvolumes bij tarwe
1980-1985
(in ton)
1.2.3.4.5.6 // // // // // // // Jaar // Londen (1) // Winnipeg (2) // Minneapolis (3) // Mid-America (3) // Chicago (3) // // // // // // // 1980/1981 // 6 432 448 // // // // // 1981/1982 // 4 855 147 // // // // // 1982/1983 // 5 763 182 // // 1 405 016 // 1 237 736 // 14 386 624 // 1983/1984 // 6 810 414 // 2 270 880 // 1 252 832 // 1 497 224 // 11 010 968 // 1984/1985 // 6 018 310 // 2 169 960 // 1 101 192 // 1 285 608 // 7 876 304 // // // // // //
(1) 1-ton-contract.
(2) 20-ton-contract.
(3) 5 000-schepels-contract (1 ton = 36,7437 schepels).
(5) Momenteel worden in het kader van de LGFM twee contracten gesloten:
a) Het gerstcontract inzake gerst afkomstig uit de Gemeenschap van kwaliteit die in details is omschreven in »Rule" 21 van de LGFM-Reglementen voor leverantie aan de afnemers per vrachtwagen in bulk, uit een depot dat door het Comité van de LGFM op het vaste land van Groot-Brittannië is geregistreerd.
b) Een tarwecontract voor B-kwaliteit tarwe afkomstig uit de Gemeenschap van een kwaliteit die in details in »Rule" 21b van de LGFM-Reglementen is omschreven voor leverantie aan afnemers per vrachtauto in bulk uit een depot dat door het Comité op het vasteland van Groot-Brittannië is geregistreerd.
Tenzij door het Comité anders is bepaald, vindt de handel plaats met het oog op leverantie in de maanden september, november, januari, maart en mei voor gerst en tarwe, alsmede de maand juli voor tarwe.
(6) Alle op de LGFM gesloten overeenkomsten moeten bij het clearingkantoor van GAFTA worden geregistreerd. Het clearingkantoor is door GAFTA opgericht met het oog op een reglementering van de transacties in termijncontracten en heeft als voornaamste doel de overdracht van documenten, betalingen, vereffeningen, aanzeggingen en andere relevante aangelegenheden tussen de leden te vergemakkelijken aan de hand van de LGFM-Reglementen. Behoudens bepaalde condities in de Statuten van GAFTA, exploiteert deze organisatie een waarborgsysteem voor de nakoming van overeenkomsten van de leden van de LGFM in wier naam deze overeenkomsten zijn geregistreerd.
(7) Er zijn twee hoofdcategorieën lidmaatschap van de LGFM. De eerste bestaat uit volledige leden die het recht hebben handel te drijven op de »floor" van de markt. De regels bepalen dat volledig lidmaatschap tot 58 leden beperkt blijft. De tweede categorie leden bestaat uit geassocieerde leden (»associate members"). Hun aantal is niet beperkt.
(8) Volgens de criteria in de reglementen voor volledige leden moeten gegadigden voor het lidmaatschap aan bepaalde financiële voorwaarden voldoen. Om een volledig lid te worden moet de gegadigde het Comité aantonen dat hij actief belang stelt in de graanhandel en daadwerkelijk over een kantoor beschikt dat door het Comité is goedgekeurd.
(9) »Associate members" moeten binnen een Lid-Staat daadwerkelijk over een echt kantoor beschikken, dat door het Comité is goedgekeurd.
(10) Alle leden moeten lid zijn van GAFTA, maar een ieder die zich bezig houdt (of gehouden heeft) met de graanhandel en iedere organisatie waar ook gevestigd die zich met de graanhandel bezig houdt, komt voor lidmaatschap van GAFTA in aanmerking, en het lidmaatschap van de organisatie kan tot 1 000 leden of meer gaan.
(11) In het algemeen kan een lid zijn lidmaatschapsbewijs verkopen mits de koper overeenkomstig de Reglementen van de LGFM wordt gekozen.
(12) Het Comité moet thans zijn besluiten met betrekking tot de rechten van de leden inzake het lidmaatschap met redenen omkleden. Indien het Comité een aanvraag om lidmaatschap afwijst, toestemming weigert voor een verkoop van een lidmaatschapsbewijs van een lid, een lid voor meer dan zeven dagen schorst, een lid van zijn lidmaatschap ontheft of indien een lid wordt geacht zich te hebben teruggetrokken nadat hij niet langer aan die criteria voor zijn categorie lidmaatschap voldoet, kan een beroepsprocedure worden aangespannen. In die gevallen kan de kandidaat of het lid dat met het besluit van het Comité geen genoegen neemt, het Comité vragen dit besluit opnieuw te overwegen, en daarbij alle door hem relevant geachte opmerkingen maken en gegevens overleggen. (13) In de Reglementen is bepaald dat een lid over het algemeen lid moet zijn van de AFBD. Dit vereiste is evenwel niet bindend voor alle leden. Een lid is van deze verplichting ontslagen indien hij a) geen »full member" is en geen zakencentrum in het Verenigd Koninkrijk heeft, dan wel b) uitsluitend voor eigen rekening of namens een verbonden onderneming zakelijke transacties verricht of c) onder een categorie leden valt die op grond van de bepalingen van de AFBD zelf geen lid behoeft te zijn van de AFBD. De AFBD is een van de zeven zelfregulerende instellingen (»self-regulatory organisations" (SRO's)) die naar verwachting zullen worden erkend door het »Securities and Investments Board" (SIB) dat vooruitlopend op de »Financial Services Act" is opgericht, volgens welke wet de enigen die investeringen in het Verenigd Koninkrijk mogen doen »erkende personen" of bepaalde »vrijgestelde personen" zijn. De leden van de LGFM zullen aldus worden erkend door het feit dat zij leden zijn van de AFBD. Ten einde lid van de AFBD te kunnen worden, dienen kandidaten aan bepaalde kwalitatieve criteria te voldoen die het hoofddoel van de AFBD tot uitdrukking brengen; het bevorderen en handhaven van een systeem van toezicht op de bedrijfsvoering van makelaars en handelaren op goederen-, financiële en andere termijnmarkten, in het bijzonder met het oog op de bescherming van de belangen van hun klanten. Deze criteria hebben betrekking op de geschiktheid van de financiële en bedrijfsstatus van de leden en hun geschiktheid in andere opzichten zoals betrouwbaarheid, opleiding, ervaring en financiële middelen.
(14) De Reglementen van de LGFM bepalen dat er »een" commissieloon moet worden berekend door elk lid met betrekking tot iedere transactie op de Londense graantermijnmarkt voor een derde, ongeacht of deze al dan niet lid is; over de commissietarieven kan evenwel vrij worden onderhandeld. Bij een tweevoudige transactie (»straddle") kan één commissieloon worden berekend, mits zij gelijktijdig tot stand komen. Er vindt een »straddle" plaats wanneer een aankoop krachtens één contract plaatsvindt tegenover een gelijktijdige verkoop krachtens een ander contract voor hetzelfde soort graan voor een andere leveringsmaand of voor een andere soort graan voor dezelfde of een andere leveringsmaand.
II. JURIDISCHE BEOORDELING
(15) De aangemelde Reglementen van de LGFM moeten worden beschouwd als overeenkomsten in de zin van artikel 85.
(16) In de Reglementen van de LGFM is rekening gehouden met de opmerkingen van de Commissie met betrekking tot een aantal andere termijnmarkten in Londen. De Commissie heeft reeds een negatieve verklaring verleend met betrekking tot de Reglementen (»Rules") van deze organisaties in Beschikking 85/563/EEG (1) (suiker), Beschikking 85/564/EEG (2) (cacao), Beschikking 85/565/EEG (3) (koffie) en Beschikking 85/566/EEG (4) (rubber).
(17) In de Reglementen zoals zij oorspronkelijk worden aangemeld, werden de minimumnettotarieven van de commissielonen vastgelegd die konden worden berekend voor graantransacties. In de Reglementen waren tarieven opgenomen voor commissielonen die varieerden naar gelang van de aard van de klant. De tarieven waren hoger voor »associate members" dan voor volledige leden en nog hoger voor niet-leden. Men kon een speciaal tarief verkrijgen indien een »dagtransactie" plaatsvond wanneer koop en aankoop op dezelfde dag geschiedden en op die dag tot een contract leidden. De Reglementen verboden iedere vorm van korting op de minimumcommissielonen, en iedere vorm van regeling tot rechtstreekse of onrechtstreekse totstandbrenging van een korting op de minimumtarieven werd als een inbreuk op de Reglementen beschouwd.
(18) De Commissie beschouwde dat systeem van gespecificeerde minimumcommissietarieven als een vorm van prijsstelling in strijd met artikel 85, lid 1, van het EEG-Verdrag. Zij verzocht de LGFM het systeem van vastgestelde minimumtarieven op te geven. Dat systeem is nu volledig afgeschaft en iedere verwijzing naar het systeem in de Reglementen is geschrapt. Deze bevatten niet langer enige vorm van minimumcommissieloon maar bepalen uitsluitend dat »een" commissieloon moet worden berekend door ieder lid voor ieder contract uit naam van derden (ongeacht of deze derde al dan niet lid is). Er bestaat een volledige vrijheid om over de feitelijke commissietarieven te onderhandelen en de Commissie meent dan ook dat deze verplichting geen waarneembare concurrentiebeperking oplevert.
(19) Voorts zijn naar aanleiding van de opmerkingen van de Commissie wijzigingen aangebracht in de Reglementen ten aanzien van het lidmaatschap, zodat daaruit nu duidelijk blijkt dat het lidmaatschap open is en de criteria volgens welke de aanvragen om lidmaatschap worden beoordeeld objectief zijn. Het Comité moet zijn besluiten met betrekking tot de rechten op lidmaatschap van het lid met redenen omkleden. Om de rechten van bestaande of potentiële leden te beschermen is een beroepsprocedure ingevoerd.
(20) Er zijn naar aanleiding van de bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen op grond van artikel 19, lid 3, van Verordening nr. 17 geen opmerkingen binnengekomen.
(21) De statuten van GAFTA en de Reglementen van de LGFM, als hierboven beschreven, omvatten geen bedingen die waarneembare beperkingen van de mededinging binnen de gemeenschappelijke markt opleveren. Voor de Commissie bestaat er derhalve op grond van de haar bekende gegevens geen aanleiding om krachtens artikel 85, lid 1, op te treden. Zij kan derhalve uit hoofde van artikel 2 van Verordening nr. 17 een negatieve verklaring afgeven,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1
Voor de Commissie bestaat op grond van de haar bekende gegevens geen aanleiding om uit hoofde van artikel 85, lid 1, van het EEG-Verdrag op te treden tegen de Statuten (»Articles of Association") en de Reglementen (»Rules and Regulations") van de London Grain Futures Market zoals deze op 22 augustus 1978 zijn aangemeld.
Artikel 2
Deze beschikking is gericht tot de London Grain Futures Market, met zetel in Baltic Exchange Chambers, 24/28 St Mary Axe, London EC 3A 8EP, Verenigd Koninkrijk.
Gedaan te Brussel, 10 december 1986.
Voor de Commissie
Peter SUTHERLAND
Lid van de Commissie
(1) PB nr. 13 van 21. 2. 1962, blz. 204/62.
(2) PB nr. C 251 van 8. 10. 1986, blz. 5.
(1) PB nr. L 369 van 31. 12. 1985, blz. 25.
(2) PB nr. L 369 van 31. 12. 1985, blz. 28.
(3) PB nr. L 369 van 31. 12. 1985, blz. 31.
(4) PB nr. L 369 van 31. 12. 1985, blz. 34.
Top