ARCHIVES HISTORIQUES
DE LA COMMISSION
COLLECTION RELIEE DES
DOCUMENTS "COM"
COM (86) 367
Vol. 1986/0164
Disclaimer
Conformément au règlement (CEE, Euratom) n° 354/83 du Conseil du 1er février 1983
concernant l'ouverture au public des archives historiques de la Communauté économique
européenne et de la Communauté européenne de l'énergie atomique (JO L 43 du 15.2.1983,
p. 1), tel que modifié par le règlement (CE, Euratom) n° 1700/2003 du 22 septembre 2003
(JO L 243 du 27.9.2003, p. 1), ce dossier est ouvert au public. Le cas échéant, les documents
classifiés présents dans ce dossier ont été déclassifiés conformément à l'article 5 dudit
règlement.
In accordance with Council Regulation (EEC, Euratom) No 354/83 of 1 February 1983
concerning the opening to the public of the historical archives of the European Economic
Community and the European Atomic Energy Community (OJ L 43, 15.2.1983, p. 1), as
amended by Regulation (EC, Euratom) No 1700/2003 of 22 September 2003 (OJ L 243,
27.9.2003, p. 1), this file is open to the public. Where necessary, classified documents in this
file have been declassified in conformity with Article 5 of the aforementioned regulation.
In Übereinstimmung mit der Verordnung (EWG, Euratom) Nr. 354/83 des Rates vom 1.
Februar 1983 über die Freigabe der historischen Archive der Europäischen
Wirtschaftsgemeinschaft und der Europäischen Atomgemeinschaft (ABI. L 43 vom 15.2.1983,
S. 1), geändert durch die Verordnung (EG, Euratom) Nr. 1700/2003 vom 22. September 2003
(ABI. L 243 vom 27.9.2003, S. 1), ist diese Datei der Öffentlichkeit zugänglich. Soweit
erforderlich, wurden die Verschlusssachen in dieser Datei in Übereinstimmung mit Artikel 5
der genannten Verordnung freigegeben.
COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN
C0MC86) 367 def.
Brussel, 8 september 1986
AANBEVELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD
Bescherming van de Gemeenschap en haar Lid-Staten tijdens de
crisis van de Internationale Tinraad
(door de Commissie bij de Raad ingediend)
C0M(86) 367 def.
-aanbeveling
van de Commissie aan de Raad
Betreft : Bescherming van de Gemeenschap en haar Lid-Staten tijdens de crisis
van de Internationale Tinraad
1. De Internationale Tinraad (ITC) die is opgericht krachtens de voorgaande
Internationale Tinovereenkomsten, is krachtens de Zesde Internationale Tinovereen-
komst blijven bestaan, met het lidmaatschap, de bevoegdheden en de functies
als in de genoemde zesde overeenkomst bepaald. De ITC bezit rechtspersoon
lijkheid naar internationaal recht en geniet op het grondgebied van de gastheen-
regering - het Verenigd Koninkrijk - de voorrechten en immuniteiten die zijn
vastgelegd in een 0vereenkomst inzake vestiging van de zetel en in de "International
Tin Council (Immunities and Privileges) Order 1972".
2. De Zesde Internationale Tinovereenkomst is ondertekend door 22 staten
(waaronder de tien Lid-Staten van de EEG in haar samenstelling per
31 december 1985) en door de EEG.
De EEG is volledig lid van de ITC krachtens artikel 56 van de overeenkomst,
waarin zij met zoveel woorden wordt genoemd en waarin haar het stemrecht over
alle binnen haar bevoegdheid liggende aangelegenheden wordt toegekend. De
besluiten inzake het beheer van de buffervoorraad, als handelspolitiek instrument,
vallen onder deze bevoegdheid die de Gemeenschap regelmatig heeft uitgeoefend.
3. De financiering van de ITC komt ten laste van zijn leden. Op intra
communautair niveau is afgesproken dat de financiering uitsluitend ten laste
van de Lid-Staten komt. Deze hebben aan het ITC systematisch alle bijdragen
van het aandeel van de Gemeenschap betaald, dat - in de praktijk - rechtstreeks
van hen werd gevraagd.
- 2 -
Deze regeling wordt> naar het lijkt, door de schuldeisers aangevochten. In
dit verband zij opgemerkt dat in bijlage B van de Overeenkomst - waarin de
verdeelsleutel is vastgesteld - ten laste van de Gemeenschap een bepaald
percentage van deelneming in de kosten is vermeld, dat vervolgens over haar
tien Lid-Staten wordt verdeeld.
4. Sedert 24 oktober 1985 heeft de ITC zijn betalingen voor de operaties
met de buffervoorraad opgeschort, daar zijn financiële middelen praktisch
zijn uitgeput. Zijn schulden aan banken en makelaars op de London Metal
Exchange lopen in de miljoenen pond sterling. Eén schuldeiser (de Standard
Chartered Bank) heeft voor de High Court of Justice een gerechtelijke procedure
aanhangig gemaakt om niet alleen de ITC maar ook alle leden daarvan, met
inbegrip van de EEG, te doen veroordelen. Deze schuldeiser kon genoegdoening
worden gegeven dank zij een schikking waarbij door de ITC de laatste nog
beschikbare hoeveelheden tin te zijner beschikking werden gesteld. Andere
schuldeisers hebben zowel gerechtelijke procedures als arbitrageprocedures ingesteld
tegen de ITC alleen.
Daar het duidelijk is dat de ITC niet meer in staat is om nog aan enige
schuld te voldoen, hebben de banken enerzijds en de makelaars anderzijds zich
in consortia verenigd om te trachten de financiële aansprakelijkheid van de
leden van de ITC voor de schulden van de ITC zelf in het geding te brengen.
5. Gezien zowel de rechtspositie van de EEG binnen de ITC als het voordeel
voor de schuldeisers om in een zaak van een dergelijke omvang nog een aansprake
lijke erbij te kunnen aanspreken, is het onvermijdelijk dat, indien de consortia
ertoe zouden besluiten om de leden van de ITC voor de Britse rechter te dagen,
zij het precedent van de Standard Chartered Bank zullen volgen en zowel de
Lid-Staten als de EEG in rechte zullen aanspreken.
6. Een dergelijke actie brengt de handelspolitieke maatregelen in het geding,
die door de interventies van de ITC zowel op de tinmarkt als op de kapitaalmarkt
voor de financiering van de tinmarkt tot stand zijn gebracht en waartoe - naar de
schuldeisers stellen - is besloten door alle leden die voor de door de ITC
gevoerde handelspolitiek verantwoordelijk zijn. Het staat dan ook
- 3 -
aan, de Gemeenschap om op het niveau van de intracommunautaire betrekkingen de
op haar weg Liggende verantwoordelijkheid te aanvaarden ten einde het hoofd
te bieden aan de consequenties van de in het geding gebrachte handelspolitieke
maatregelen. Gelet op de politieke regelingen die voor de grondstoffenovereen
komsten gelden, zal deze verantwoordelijkheid gestalte moeten krijgen door met
één stem een gemeenschappelijk standpunt van de Gemeenschap en haar Lid-Staten
tot uitdrukking te brengen. Voorts is dit nodig daar de gerechtelijke actie
in het kader van een grondstoffenovereenkomst, zowel de communautaire finan
ciering als die van de Lid-Staten op hetzelfde niveau in het geding zou brengen.
7. Naast dit juridische en politieke aspect - dat ten aanzien van de
intracommunautaire betrekkingen bij de grondstoffenovereenkomsten van fundamentele
betekenis is - bestaat er ontegenzeglijk een concreet belang om tegenover de
vorderingen van de schuldeisers van de ITC gemeenschappelijk op te treden.
De schuldeisers maken zich namelijk op om een aantal grondbeginselen in het
geding te brengen die onvermijdelijk volgens een gemeenschappelijk standpunt
moeten worden verdedigd; het gaat hierbij om :
- de soevereine of functionele immuniteit van de Staten;
- de soevereine of functionele immuniteit van de Gemeenschap;
- de beperkte of onbeperkte financiële aansprakelijkheid van de leden van
internationale organisaties;
- het recht van subrogatie van de schuldeisers waardoor deze zouden treden in de
rechten van de internationale organisatie om bij haar leden de middelen te
claimen die zij nodig heeft om haar doelstellingen te kunnen blijven nastreven.
Als ook maar één van de verweerders op één van deze punten in het ongelijk
zou worden gesteld, zou dit voor de gehele Gemeenschap en haar Lid-Staten
nadelige gevolgen hebben.
Als voorbeeld diene dat een uitspraak waarbij de soevereine immuniteit
van de Gemeenschap niet wordt erkend, uiteindelijk de begroting van de Gemeenschap
in gevaar zou kunnen brengen.
- 4 -
8. Ten einde het gemeenschappelijke standpunt van^ de Gemeenschap en haar
Lid-Staten doeltreffend en snel - binnen de betrekkelijk korte termijn die hen
bij de gerechtelijke procedure zal. worden gelaten (voor de Gemeenschap 15 dagen) -
tot uitdrukking te brengen, beveelt de Commissie de Raad aan om een besluit
te nemen omtrent het beginsel om één enkele verdediger (een solicitor die
wordt bijgestaan door een barrister) aan te wijzen die de Gemeenschap en haar
Lid-Staten vertegenwoordigt.
Krachtens de politieke regeling die geldt voor de grondstoffenovereenkomsten
kunnen de Lid-Staten die zulks wensen zich uiteraard doen vertegenwoordigen door
een tweede verdediger wiens betogen - die betrekking moeten hebben op eventuele
aspecten die speciaal de betrokken Lid-Staat aangaan - precies moeten passen
in het kader van het gemeenschappelijke standpunt, ten doel moeten hebben
dit standpunt te ondersteunen en te ontwikkelen en moeten worden gehouden in
goed overleg met de verdediger van de Gemeenschap en al haar Lid-Staten.
o
o o
De Commissie verzoekt de Raad bijgevolg te besluiten
- dat één enkele sol ic i tor , bijgestaan door een barris ter , de Gemeenschap en
al haar Lid-Staten vertegenwoordigt en verdedigt op basis van een gemeenschap
pelijk standpunt in de rechtsgedingen die tegen hen aanhangig zouden kunnen
worden gemaakt door schuldeisers van de Internationale Tinraad;
- dat de Lid-Staten zich desgewenst kunnen doen bijstaan en vertegenwoordigen
- met betrekking tot de aspecten die speciaal hun aangaan - door een tweede
verdediger wiens betogen precies moeten passen in het kader van het gemeen
schappelijke standpunt, ten doel moeten hebben dit standpunt te ondersteunen
en te ontwikkelen en moeten worden gehouden in goed overleg met de verdediger
van de Gemeenschap en al haar Lid-Staten.
Full & Egal Universal Law Academy