Nr. C 3 4 6 / 4 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen 3 1 . 12. 82
voorgestelde data in, hoewel het een kortere termijn
wenselijker acht.
4. Wat de bijlage betreft, neemt het Comité nota van
het feit dat de hierin vervatte technische voorschriften
Gedaan te Brussel, 24 november 1982.
Dit advies luidt als volgt:
HET ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ,
Gezien het Verdrag tot oprichting van de Europese
Economische Gemeenschap, in het bijzonder de artikelen
235 en 198,
Gezien de op 6 juli 1982 gedateerde adviesaanvrage van
de Raad van de Europese Gemeenschappen inzake het
voorstel voor een vijfjarenprogramma voor onderzoek en
ontwikkeling op het gebied van de toegepaste metrologie
en referentiematerialen - Niet-nucleaire indirecte actie
( 1 9 8 3 - 1 9 8 7 ) 0 ,
Gezien het op 19 augustus 1982 door zijn Voorzitter
genomen besluit, de Afdeling voor energie en nucleaire
vraagstukken met de voorbereiding van een advies inzake
dit onderwerp te belasten,
Gezien het communautaire programma voor dit taakge-
bied over het tijdvak 1979 - 1982 (2) en het advies van het
Comité dienaangaande (3),
Gezien het evaluatierapport van 1981 inzake het pro-
gramma voor referentiematerialen en toegepaste metro-
logie (4),
(») PB nr. C 18-7 van 22. 7. 1982, blz. 8.
(2) PB nr. L 258 van 13. 10. 1979.
(3) PB nr. C 128 van 21. 5. 1979.
(«) EUR 7811.
overeenstemmen met de normen van de Economische
Commissie voor Europa van de Verenigde Naties (reeks
wijzigingen 04 van reglement 15) en meent het dat deze,
gezien de huidige stand van de technische kennis, als de
best mogelijke oplossing moeten worden aangemerkt.
De Voorzitter
van het Economisch en Sociaal Comité
Fran^ois CEYRAC
Gezien het advies dat tijdens de op 5 november 1982
gehouden 75e vergadering door voornoemde Afdeling
werd opgesteld.
Gezien het door de rapporteur, de heer von der Decken,
mondeling uitgebrachte verslag,
Gezien de beraadslagingen tijdens de op 24 en 25
november 1982 gehouden 202e zitting (vergadering van
24 november),
BRENGT VOLGEND ADVIES UIT,
dat met algemene stemmen is goedgekeurd.
1. Het Comité heeft al vaker een positief advies over
O &C O-programma's inzake dit onderwerp uitgebracht.
Het wil eens te meer wijzen op de betekenis van
referentiematerialen en -methoden, alsook van de toege-
paste metrologie voor talrijke economische en sociale
activiteiten. Voor industrie, handel, gezondheidszorg,
milieubescherming, landbouw e. d. is een toenemende
harmonisering op dit terrein van uitermate groot belang.
Afwijkingen bij meetmethoden en -resultaten kunnen
o.m. grote handelsbelemmeringen veroorzaken en ver-
hinderen dat de richtlijnen van de Gemeenschap correct
ten uitvoer worden gelegd.
Advies inzake een voorstel voor een vijfjarenprogramma voor onderzoek en ontwikkeling op
het gebied van de toegepaste metrologie en referentiematerialen - Niet-nucleaire indirecte
actie ( 1 9 8 3 - 1 9 8 7 )
De tekst waarop de adviesaanvrage betrekking heeft is bekendgemaakt in het Publikatieblad
van de Europese Gemeenschappen nr. C 187 van 22 juli 1982, blz. 8.
A. JURIDISCHE GRONDSLAG VAN H E T ADVIES
Op 6 juli 1982 heeft de Raad besloten het Economisch en Sociaal Comité overeen-
komstig de bepalingen van artikel 235 en 198 van het Verdrag tot oprichting van de Europese
Economische Gemeenschap over bovengenoemd voorstel te raadplegen.
B. ADVIES VAN H E T E C O N O M I S C H EN SOCIAAL C O M I T É
Het Economisch en Sociaal Comité heeft beraadslaagd over zijn advies inzake voornoemd
onderwerp tijdens zijn op 24 en 25 november 1982 te Brussel gehouden 202e zitting.
31. 12. 82 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen Nr . C 3 4 6 / 5
2. De Gemeenschap heeft op dit terrein reeds drie
onderzoekprogramma's ten uitvoer gelegd, nl. de pro-
gramma's voor de tijdvakken 1973 - 1975, 1976 - 1978
(2,7 miljoen RE) en 1 9 7 9 - 1 9 8 2 ( 1 0 , 3 miljoen RE). De
Commissie stelt nu een vierde programma voor, dat deze
keer een periode van vijf jaar zal bestrijken en een bedrag
van 34,7 miljoen Ecu zal vergen. Het Comité acht deze
uitbreiding van het programma, gezien de tot dusverre
bereikte resultaten, de betekenis en de omvang van de
problemen, noodzakelijk en gegrond en stemt dan ook
met het voorgestelde programma in.
Bijzondere opmerkingen
3 . Het stemt tot voldoening dat de Commissie met
zoveel woorden aangeeft, met dit programma niet de
nationale en andere internationale activiteiten op dit
gebied te willen vervangen of deze concurrentie te willen
aandoen, maar de problemen die voor de Europese
Gemeenschap bijzonder belangrijk zijn, complementair
te willen behandelen en voor samenhang te willen
zorgen.
4. Het Comité stelt met instemming vast dat de
resultaten bij met name anorganische referentiemateria-
len thans zeer goed vastliggen. Bij organische referentie-
materialen, waaraan in het vervolg intensiever dient te
worden gewerkt, zijn de problemen mogelijk complexer,
zodat nauwe contacten met de praktijk van groot belang
zullen zijn.
5. Het Comité heeft in zijn advies (') inzake het meest
recente O & O-programma (1979 - 1982) voor hetzelf-
de onderwerp gewezen op de noodzaak van een overkoe-
pelend informatief programma (3): „Volgens hem (het
comité) is het van essentieel belang, aan de waardevolle
onderzoekwerkzaamheden die worden verricht, bekend-
heid te geven door middel van een overkoepelend infor-
matief programma over de beschikbare materialen, zodat
een maximum aan praktisch profijt uit de werkzaamhe-
den van de Gemeenschap kan worden getrokken" (§ 4) .
Het Comité betreurt dat juist op dit punt veel te weinig is
gedaan en aldus de met communautaire gelden opge-
bouwde diensten en mogelijkheden niet kunnen worden
geëxploiteerd. Het onderstreept nogmaals de noodzaak
van zo'n informatie-programma en vraagt de Commissie
na te gaan of dit manco niet kan worden ondervangen
door versterking van de GCO-ondersteuning van het
programma, dat twee jaar geleden drastisch werd inge-
krompen.
6. Het Comité oordeelt positief over het voornemen
van de Commissie, het programma na drie jaar door het
bevoegde RCPB te laten doorlichten en eventueel aan te
passen, en het wijst erop dat het van groot belang is, bij de
nieuwe formulering van het programma het standpunt
van de gebruikers in aanmerking te nemen.
'ï PBnr. C 128 van 21. 5. 1979.
Gedaan te Brussel, 24 november 1982.
De Voorzitter
van het Economisch en Sociaal Comité
Francois CEYRAC
Advies inzake een voorstel voor een verordening (EEG) van de Raad tot wijziging
van Verordening (EEG) nr. 3 1 6 4 / 7 6 betreffende het communautair contingent voor het
goederenvervoer over de weg tussen de Lid-Staten, alsmede van Verordening (EEG)
nr. 2 9 6 4 / 7 9
De tekst waarop de adviesaanvrage betrekking heeft is bekendgemaakt in het Publikatieblad
van de Europese Gemeenschappen nr. C 247 van 21 september 1982, blz. 4.
A. JURIDISCHE GRONDSLAG VAN H E T ADVIES
O p 24 september 1982 heeft de Raad besloten het Economisch en Sociaal Comité overeen-
komstig de bepalingen van artikel 75 van het Verdrag tot oprichting van de Europese
Economische Gemeenschap over bovengenoemd voorstel te raadplegen.
Full & Egal Universal Law Academy