Avis juridique important
80/1361/EEG: Beschikking van de Commissie van 30 december 1980 tot machtiging van het Verenigd Koninkrijk om de handel in zaaizaad van bepaalde rassen van landbouwgewassen te beperken (Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek)
Publicatieblad Nr. L 384 van 31/12/1980 blz. 0046 - 0047
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 30 december 1980 tot machtiging van het Verenigd Koninkrijk om de handel in zaaizaad van bepaalde rassen van landbouwgewassen te beperken (Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek) (80/1361/EEG)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,
Gelet op Richtlijn 70/457/EEG van de Raad van 29 september 1970 betreffende de gemeenschappelijke rassenlijst voor landbouwgewassen (1), laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 79/967/EEG van de Raad van 12 november 1979 (2), en met name op artikel 15, leden 2, 3 en 7,
Gezien het door het Verenigd Koninkrijk gedane verzoek,
Overwegende dat krachtens artikel 15, lid 1, van voornoemde richtlijn zaaizaad en pootgoed van rassen van landbouwgewassen die in 1978 in ten minste één Lid-Staat officieel zijn toegelaten en overigens aan de in dezelfde richtlijn vastgelegde voorwaarden voldoen met ingang van 31 december 1980 in de Gemeenschap aan geen enkele handelsbeperking ten aanzien van het ras meer zijn onderworpen;
Overwegende evenwel dat in artikel 15, lid 2, van voornoemde richtlijn is bepaald dat een Lid-Staat die daarom verzoekt, kan worden gemachtigd de handel in zaaizaad en pootgoed van bepaalde rassen te verbieden;
Overwegende dat het Verenigd Koninkrijk voor een aantal rassen van verschillende soorten om een dergelijke machtiging heeft verzocht;
Overwegende dat de in deze beschikking genoemde rassen in het Verenigd Koninkrijk aan officiële onderzoeken te velde zijn onderworpen ; dat deze onderzoeken in het Verenigd Koninkrijk tot de conclusie hebben geleid dat genoemde rassen in dit land niet voldoende onderscheidbaar zijn;
Overwegende dat voor het ras Lossam (rode klaver) aan de hand van het dossier inzake de onderzoekresultaten kan worden geconstateerd dat genoemd ras in het Verenigd Koninkrijk volgens de nationale voorschriften met betrekking tot de toelating van de rassen in het Verenigd Koninkrijk, die op grond van de vigerende communautaire bepalingen van toepassing zijn, niet onderscheidbaar is van andere in dit land toegelaten rassen (artikel 15, lid 3, sub a), eerste geval, van voornoemde richtlijn);
Overwegende dat derhalve in alle opzichten moet worden voldaan aan het verzoek van het Verenigd Koninkrijk betreffende dit ras;
Overwegende dat voor de overige gevallen het verzoek momenteel door de Commissie grondig wordt onderzocht ; dat het onderzoek voor de rassen Chiwago (roodzwenkgras), Aka (Italiaans raaigras), Albi, Arno, Barry, Maprima en Yorktown (Engels raaigras) niet kan worden afgesloten binnen de in artikel 15, lid 1, van de richtlijn bedoelde termijn;
Overwegende dat het derhalve dienstig lijkt de betrokken termijn voor het Verenigd Koninkrijk zodanig te verlengen dat de aanvraag voor de betrokken rassen volledig kan worden onderzocht (artikel 15, lid 7, van de bovengenoemde richtlijn);
Overwegende dat het verzoek van het Verenigd Koninkrijk op geen andere rassen betrekking heeft;
Overwegende dat de in deze beschikking vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Permanent Comité voor teeltmateriaal voor land-, tuinen bosbouw,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1
Het Verenigd Koninkrijk wordt gemachtigd om op zijn hele grondgebied de handel te verbieden in zaaizaad van (1)PB nr. L 225 van 12.10.1970, blz. 1. (2)PB nr. L 293 van 20.11.1979, blz. 16. het volgende in de gemeenschappelijke rassenlijst voor landbouwgewassen van 1981 vermelde ras : Lossam (Trifolium pratense L.).
Artikel 2
De in artikel 1 bedoelde machtiging zal worden ingetrokken zodra wordt geconstateerd dat de voorwaarden voor de verlening ervan niet meer zijn vervuld.
Artikel 3
Het Verenigd Koninkrijk deelt de Commissie mede vanaf welke datum en op welke wijze het van de in artikel 1 bedoelde machtiging gebruik maakt. De Commissie stelt de andere Lid-Staten daarvan in kennis.
Artikel 4
1. Voor de onderstaande rassen wordt de in artikel 15, lid 1, van Richtlijn 70/457/EEG bedoelde termijn, die op 31 december 1980 afloopt, voor het Verenigd Koninkrijk verlengd tot en met 31 maart 1981.
Voedergewassen
1. Festo carobra L.
Chiwago
2. Lolium perenne L.
Albi
Arno
Barry
Maprima
Yorktown.
2. Voor de onderstaande rassen wordt de in lid 1 bedoelde termijn, die op 31 december 1980 afloopt, voor het Verenigd Koninkrijk verlengd tot en met 30 juni 1981.
Voedergewassen
Lolium multiflorum Lam.
Aka.
Artikel 5
Deze beschikking is gericht tot het Verenigd Koninkrijk.
Gedaan te Brussel, 30 december 1980.
Voor de Commissie
Finn GUNDELACH
Vice-Voorzitter
Top