CONCLUSIE VAN DE ADVOCAAT-GENERAAL G. REISCHL
VAN 28 JANUARI 1981 ( 1 )
Mijnheer de President,
mijne heren Rechters,
In de zaak die ons thans bezighoudt, gaat het om richtlijn nr. 76/769 van de Raad van 27 juli 1976 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen der Lid-Staten inzake de beperking van het op de markt brengen en van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen en preparaten (PB L 262 van 1976, blz. 201).
Volgens artikel 3 van die richtlijn — voor verdere bijzonderheden verwijs ik naar het rapport ter terechtzitting — moesten de Lid-Staten binnen 18 maanden volgende op de kennisgeving van de richtlijn, de nodige maatregelen treffen om aan de betrokken bepalingen te voldoen. Deze termijn is op 2 februari 1978 verstreken.
In casu — bij brief van 29 januari 1979 heeft de Commissie de procedure van artikel 169 EEG-Verdrag ingeleid — heeft verweerster, de Italiaanse Republiek, erop gewezen dat de Gemeenschap de laatste jaren in sterk toenemende mate harmonisatierichtlijnen is gaan uitvaardigen, waardoor veelvuldig een beroep moet worden gedaan op de wetgever voor de nakoming van gemeenschapsrechtelijke verplichtingen. De Italiaanse regering tracht derhalve van het Italiaanse Parlement machtiging te verkrijgen om aan deze talrijke verplichtingen door middel van decreten te kunnen voldoen. Een daartoe strekkend wetsontwerp zou op 16 juli 1980 door de Senaat zijn aanvaard en thans in behandeling zijn bij het Huis van afgevaardigden. Na goedkeuring van dit ontwerp, waarvoor echter een nauwkeurig tijdstip niet valt aan te geven, zal aan talrijke communautaire richtlijnen, waaronder ook de onderhavige, snel uitvoering kunnen worden gegeven.
Ook in deze zaak kan op grond van de door de Commissie aangehaalde rechtspraak worden gesteld dat een dergelijk argument in een procedure krachtens artikel 169 EEG-Verdrag klaarblijkelijk irrelevant is.
Aangezien in Italië tot op de dag van heden geen maatregelen zijn getroffen om aan voornoemde richtlijn te voldoen, moet ook in deze zaak worden vastgesteld dat de Italiaanse Republiek de ingevolge het EEG-Verdrag op haar rustende verplichtingen niet is nagekomen, door niet binnen de voorgeschreven termijn de nodige maatregelen te treffen om aan richtlijn nr. 76/769 te voldoen. Conform de eis van de Commissie dient de Italiaanse Republiek ook hier in de kosten te worden verwezen.
( 1 ) Vertaald uit het Duits.
Full & Egal Universal Law Academy