Conclusie van de advocaat generaal
++++
Mijnheer de President,
mijne heren Rechters,
1 . Het beroep dat de Commissie tegen de Bondsrepubliek Duitsland heeft ingesteld op grond van de bepaling die bij wet van 27 augustus 1982 aan paragraaf 6, tweede alinea, van het Duitse Weingesetz is toegevoegd, doet geen belangrijke rechtsvragen rijzen . Ik kan hier dus onmiddellijk mijn conclusie nemen, waarin ik mij volledig aansluit bij het standpunt van de Commissie .
2 . In haar verweerschrift en vandaag ter terechtzitting heeft de Bondsrepubliek Duitsland overigens al verklaard, dat zij de gegrondheid van de grief van de Commissie niet betwist en ook nooit heeft betwist .
3 . Verweerster heeft daaraan echter toegevoegd, dat in de praktijk strikt de hand wordt gehouden aan de communautaire voorschriften betreffende de verhoging van het natuurlijk alcoholgehalte, zodat er in de Bondsrepubliek Duitsland geen rechtsonzekerheid zou bestaan .
4 . Ik kan dit standpunt helaas niet delen . Wanneer de wettekst en de administratieve praktijk niet overeenstemmen, kan dit, althans bij sommige wijnbouwers, onzekerheid teweegbrengen omtrent hetgeen al dan niet is toegestaan . Het in de vakpers verschenen artikel, dat de gemachtigde van de Commissie zojuist citeerde, bevestigt dit . Voor het overige blijkt uit de rechtspraak van het Hof, in het bijzonder de arresten van 4 april 1974 ( zaak 167/73, Commissie/Frankrijk, Jurispr . 1974, blz . 359, r.o . 47 ), 25 oktober 1979 ( zaak 159/78, Commissie/Italië, Jurispr . 1979, blz . 3247, r.o . 22 ) en 15 oktober 1986 ( zaak 168/85, Commissie/Italië, Jurispr . 1986, blz . 2945, r.o . 11 ), dat :
" de ongewijzigde handhaving in de wettelijke regeling van een Lid-Staat van een bepaling die in strijd is met een verdragsbepaling, ook al is deze laatste rechtstreeks toepasselijk in de rechtsorde van de Lid-Staten, tot een onduidelijke feitelijke situatie ( leidt ), doordat de betrokken rechtssubjecten in onzekerheid worden gelaten over hun mogelijkheden om zich op het gemeenschapsrecht te beroepen . Dit betekent dat de betrokken Lid-Staat, door een dergelijke bepaling te handhaven, de krachtens het Verdrag op hem rustende verplichtingen niet nakomt ."
Dit geldt a fortiori voor de invoering van een nieuwe, met het gemeenschapsrecht strijdige bepaling in de wettelijke regeling van een Lid-Staat .
5 . In rechtsoverweging 13 van voornoemd arrest van 15 oktober 1986 verwees het Hof voorts naar zijn vaste rechtspraak volgens welke :
" eenvoudige administratieve praktijken, die naar hun aard volgens goeddunken van de administratie kunnen worden gewijzigd en waaraan onvoldoende bekendheid is gegeven, niet zijn te beschouwen als een correcte uitvoering van de verplichtingen die het Verdrag oplegt ."
6 . Ten slotte deel ik de mening van de Commissie, dat het uiterst twijfelachtig is of de Duitse rechter bij de huidige formulering van paragraaf 6, tweede alinea, Weingesetz de strafbepalingen van deze wet kan toepassen, wanneer een particulier wordt vervolgd omdat hij bij de verhoging van het natuurlijk alcoholgehalte de "normale waarde" van 3,5% vol . heeft overschreden .
Conclusie
7 . Op grond van het voorgaande kan ik het Hof slechts in overweging geven, recht te doen aan het verzoekschrift van de Commissie en vast te stellen dat de Bondsrepubliek Duitsland de verplichtingen niet is nagekomen die op haar rusten krachtens de voorschriften van de gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt, inzonderheid artikel 32 van verordening nr . 337/79 van de Raad, thans artikel 18 van verordening nr . 822/87, en de artikelen 5 en 189 EEG-Verdrag, door in het Duitse Weingesetz een bepaling op te nemen op grond waarvan in de wijnbouwstreken Mosel-Saar-Ruwer, Mittelrhein en Ahr voor bepaalde druivesoorten en bepaalde gebieden een maximaal toelaatbare verhoging van het natuurlijk alcoholgehalte geldt van 4,5% vol .
8 . Bijgevolg zal verweerster in de kosten moeten worden verwezen .
(*) Vertaald uit het Frans .
Full & Egal Universal Law Academy