Conclusie van de advocaat generaal
++++
Mijnheer de President,
mijne heren Rechters,
J . Verbrugge is directeur van de supermarkt Continent te Reims . Hij verkocht boeken voor een lagere prijs dan is toegelaten door de Franse wettelijke regeling, te weten wet nr . 81-766 van 10 augustus 1981, zoals gewijzigd bij wet nr . 85-500 van 13 mei 1985, en het uitvoeringsbesluit nr . 85-556 van 29 mei 1985 . Behoudens uitzonderingen, verbiedt deze wettelijke regeling boeken die minder dan twee jaar eerder zijn uitgegeven of ingevoerd, te verkopen met een korting van meer dan 5% op de door de uitgever of importeur vastgestelde prijs, tenzij het boeken betreft die zijn uitgegeven in en ingevoerd uit een andere Lid-Staat of die, in Frankrijk uitgegeven, naar een andere Lid-Staat zijn uitgevoerd en vandaar weer in Frankrijk zijn ingevoerd .
De feiten van de onderhavige zaak staan vast . Omdat hij concurrentie ondervond van andere boekverkopers, die kennelijk lagere dan de wettelijk vastgestelde prijzen hanteerden, bood Verbrugge zijn klanten de keuze tussen de wettelijk vastgestelde prijs en een prijs met 20% korting op de geadviseerde verkoopprijs . Hoewel er in casu geen bewijs is van een feitelijke verkoop, ligt het voor de hand dat vele, zo niet alle klanten voor de laagste prijs plachten te kiezen .
Het tribunal de police te Reims, waarvoor de zaak dient, heeft het Hof de volgende vraag gesteld :
"Staan de in het EEG-Verdrag neergelegde communautaire beginselen van gelijkheid en non-discriminatie eraan in de weg, dat een Lid-Staat door middel van een wettelijke maatregel voor één en dezelfde handelssector, te weten de boekhandel, en voor identieke of gelijksoortige produkten, te weten boeken, een tweeledige prijsregeling invoert, op grond waarvan vaste prijzen - waarop tot 5% korting kan worden verleend - gelden voor in die staat uitgegeven en verkochte boeken die tijdens de verhandeling geen communautaire binnengrens hebben overschreden, terwijl de prijzen met name voor in Frankrijk uitgegeven en uit een Lid-Staat wederingevoerde boeken vrij zijn?"
Het gaat hier in wezen om hetzelfde punt als in zaak 355/85, Cognet, arrest van 23 oktober 1986 ( Jurispr . 1986, blz . 0000 ).
Verbrugges raadsman heeft proberen aan te tonen dat de Franse wettelijke regeling verschillende gevolgen heeft voor de boekhandelaar die in Frankrijk uitgegeven boeken verkoopt die Frankrijk nooit hebben verlaten, en voor de boekhandelaar die boeken verkoopt die zijn ingevoerd of die, na uitgave in Frankrijk, zijn uitgevoerd en wederingevoerd . Het resultaat van deze wettelijke regeling zou zijn dat prijsconcurrentie in het detailhandelsstadium wordt verhinderd en dat er discriminatie ontstaat .
Een groot gedeelte van zijn betoog is naar mijn gevoelen meer gericht op het kritiseren van de Franse wettelijke regeling dan op het aantonen van de onverenigbaarheid daarvan met het gemeenschapsrecht . Wat hij aanvoert met betrekking tot de verenigbaarheid van de Franse wettelijke regeling met het gemeenschapsrecht, is in wezen reeds behandeld in 's Hofs arrest in de zaak Cognet en eveneens in het arrest van 25 februari 1987 ( zaak 168/86, Rousseau, Jurispr . 1987, blz . 0000 ).
Er is in de schriftelijke en mondelinge opmerkingen niets aangevoerd wat het Hof aanleiding zou kunnen geven om af te wijken van zijn beslissingen in de zaken Cognet en Rousseau .
Tijdens de procedure is verwezen naar artikel 3, sub f, hoewel dit in de prejudiciële vraag zelf niet wordt genoemd . Zoals ik reeds opmerkte in de zaak Cognet, meen ik dat dat artikel op zichzelf niet kan worden ingeroepen in een procedure tussen een Lid-Staat en een ondernemer in die staat ( zie ook zaak 229/83, Leclerc, Jurispr . 1985, blz . 1 ).
Op grond van de door mij in de zaak Cognet genoemde redenen geef ik derhalve in overweging, de door het tribunal de police te Reims gestelde vraag te beantwoorden als volgt :
Artikel 7 noch enige andere bepaling of enig ander beginsel van het EEG-Verdrag is van toepassing op een verschil in behandeling in het kader van een wettelijke regeling, inhoudende dat de detailhandelsprijs van boeken door de uitgever of de importeur van het boek wordt vastgesteld en verbindend is voor alle detailhandelaren, en ingevolge welke de prijs van in de betrokken Lid-Staat uitgegeven en gedrukte boeken vrij is wanneer het om boeken gaat die na uitvoer naar een andere Lid-Staat weer zijn ingevoerd, terwijl hij door de uitgever wordt vastgesteld wanneer het boeken betreft die tijdens hun verhandeling geen communautaire binnengrens hebben overschreden .
De door de Commissie in de onderhavige zaak gemaakte kosten kunnen niet voor vergoeding in aanmerking komen . Ten aanzien van Verbrugge heeft de nationale rechterlijke instantie over de kosten te beslissen .
(*) Vertaald uit het Engels .
Full & Egal Universal Law Academy