Samenvatting
Partijen
Dictum
Trefwoorden
++++
1. Lid-Staten - Verplichtingen - Uitvoering van richtlijnen - Niet-nakoming - Rechtvaardiging - Ontoelaatbaarheid
(EEG-Verdrag, art. 169)
2. Handelingen van de instellingen - Richtlijnen - Uitvoering door Lid-Staten - Ontoereikendheid van eenvoudige administratieve praktijken
(EEG-Verdrag, art. 189, derde alinea)
Samenvatting
1. Volgens vaste rechtspraak kan een Lid-Staat zich niet beroepen op nationale bepalingen, praktijken of situaties ter rechtvaardiging van de niet-nakoming van door gemeenschapsrichtlijnen opgelegde verplichtingen en termijnen.
2. Eenvoudige administratieve praktijken, die naar hun aard volgens goeddunken van de administratie kunnen worden gewijzigd en waaraan onvoldoende bekendheid is gegeven, zijn niet te beschouwen als een geldige uitvoering van de verplichting die krachtens artikel 189 van het Verdrag rust op de Lid-Staten tot wie een richtlijn is gericht (zie arrest van 15 maart 1983, zaak 145/82, Commissie/Italië, Jurispr. 1983, blz. 711).
Partijen
in zaak C-167/90,
Commissie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door haar juridisch adviseur E. Lasnet, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg bij G. Berardis, lid van haar juridische dienst, Centre Wagner, Kirchberg,
verzoekster,
tegen
Koninkrijk België, vertegenwoordigd door J. Devadder, adjunct-adviseur bij het Ministerie van Buitenlandse zaken, Buitenlandse handel en Ontwikkelingssamenwerking, als gemachtigde, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg ter Belgische ambassade, Rue des Girondins 4,
verweerder,
betreffende een verzoek aan het Hof om vast te stellen dat het Koninkrijk België de krachtens het EEG-Verdrag op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen, door in strijd met artikel 1 van richtlijn 85/432/EEG van de Raad van 16 september 1985 inzake de cooerdinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde werkzaamheden op farmaceutisch gebied (PB 1985, L 253, blz. 34), de toegang tot de werkzaamheden van apotheker titularis alsmede van alle aan ziekenhuisofficina' s of geneesmiddelendepots verbonden apothekers voor te behouden aan houders van het certificaat van ziekenhuisapotheker, en door, behalve voor zover het het bepaalde in de artikelen 15 en 17 betreft, niet de maatregelen mee te delen of vóór 1 oktober 1987 vast te stellen welke noodzakelijk zijn om zich te voegen naar richtlijn 85/433/EEG van de Raad van 16 september 1985 inzake de onderlinge erkenning van diploma' s, certificaten en andere titels op het gebied van de farmacie, tevens houdende maatregelen tot vergemakkelijking van de daadwerkelijke uitoefening van het recht van vestiging voor bepaalde werkzaamheden op farmaceutisch gebied (PB 1985, L 253, blz. 37), zoals gewijzigd bij richtlijn 85/584/EEG van de Raad van 20 december 1985 in verband met de toetreding van Spanje en Portugal (PB 1985, L 373, blz. 42).
HET HOF VAN JUSTITIE,
samengesteld als volgt: O. Due, president, G. F. Mancini, T. F. O' Higgins en G. C. Rodríguez Iglesias, kamerpresidenten, Sir Gordon Slynn, R. Joliet, F. A. Schockweiler, F. Grévisse en M. Zuleeg, rechters,
(rechtsoverwegingen niet opgenomen)
rechtdoende, verstaat:
Dictum
1) a) Door de toegang tot de werkzaamheden van apotheker titularis en tot die van apotheker bij ziekenhuisofficina' s en geneesmiddelendepots afhankelijk te stellen van het bezit van het certificaat van ziekenhuisapotheker, afgegeven door een door de staat erkende universiteit, is het Koninkrijk België de verplichtingen niet nagekomen die op hem rusten krachtens artikel 1 van richtlijn 85/432/EEG van de Raad van 16 september 1985 inzake de cooerdinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde werkzaamheden op farmaceutisch gebied, en krachtens het EEG-Verdrag.
b) Door niet binnen de gestelde termijnen de nodige bepalingen vast te stellen ter verzekering van de uitvoering van 's Raads richtlijnen 85/433/EEG van 16 september 1985 en 85/584/EEG van 20 december 1985 inzake de onderlinge erkenning van diploma' s, certificaten en andere titels op het gebied van de farmacie, tevens houdende maatregelen tot vergemakkelijking van de daadwerkelijke uitoefening van het recht van vestiging voor bepaalde werkzaamheden op farmaceutisch gebied, is het Koninkrijk België de krachtens het EEG-Verdrag op hem rustende verplichtingen niet nagekomen.
2) Het Koninkrijk België wordt verwezen in de kosten van de procedure.
Full & Egal Universal Law Academy