Partijen
Dictum
Trefwoorden
++++
Lid-Staten - Verplichtingen - Uitvoering van richtlijnen - Niet betwiste niet-nakoming
(EEG-Verdrag, art. 169)
Partijen
In zaak C-309/90,
Commissie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door haar juridisch adviseur D. Gouloussis als gemachtigde, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg bij R. Hayder, representant van haar juridische dienst, Centre Wagner, Kirchberg,
verzoekster,
tegen
Helleense Republiek, vertegenwoordigd door E. Skandalou, lid van de bijzondere dienst Communautaire geschillen van het Ministerie van Buitenlandse zaken, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg ter Griekse ambassade, Val Sainte-Croix 117,
verweerster,
betreffende een verzoek aan het Hof om vast te stellen dat de Helleense Republiek de krachtens het EEG-Verdrag op haar rustende verplichtingen niet is nagekomen, door de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen om te voldoen aan 's Raads richtlijnen 85/384/EEG van 10 juni 1985 inzake de onderlinge erkenning van de diploma' s, certificaten en andere titels op het gebied van de architectuur, tevens houdende maatregelen tot vergemakkelijking van de daadwerkelijke uitoefening van het recht van vestiging en vrij verrichten van diensten (PB 1985, L 223, blz. 15), 85/614/EEG van 20 december 1985 tot wijziging van richtlijn 85/384/EEG in verband met de toetreding van Spanje en Portugal (PB 1985, L 376, blz. 1), en 86/17/EEG van 27 januari 1986 tot wijziging van richtlijn 85/384/EEG in verband met de toetreding van Portugal (PB 1986, L 27, blz. 71, met rectificatie in PB 1986, L 87, blz. 36) niet binnen de gestelde termijnen vast te stellen en aan de Commissie mee te delen.
HET HOF VAN JUSTITIE,
samengesteld als volgt: O. Due, president, F. A. Schockweiler, F. Grévisse en P. J. G. Kapteyn, kamerpresidenten, G. F. Mancini, C. N. Kakouris, J. C. Moitinho de Almeida, M. Díez de Velasco en M. Zuleeg, rechters,
(rechtsoverwegingen niet opgenomen)
Dictum
rechtdoende, verstaat:
1) Door de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen om te voldoen aan 's Raads richtlijnen 85/384/EEG van 10 juni 1985 inzake de onderlinge erkenning van de diploma' s, certificaten en andere titels op het gebied van de architectuur, tevens houdende maatregelen tot vergemakkelijking van de daadwerkelijke uitoefening van het recht van vestiging en vrij verrichten van diensten, 85/614/EEG van 20 december 1985 tot wijziging van richtlijn 85/384/EEG in verband met de toetreding van Spanje en Portugal, en 86/17/EEG van 27 januari 1986 tot wijziging van richtlijn 85/384/EEG in verband met de toetreding van Portugal, niet binnen de gestelde termijnen vast te stellen en aan de Commissie mee te delen, is de Helleense Republiek de krachtens het EEG-Verdrag op haar rustende verplichtingen niet nagekomen.
2) De Helleense Republiek wordt verwezen in de kosten van de procedure.
Full & Egal Universal Law Academy