CONCLUSIE VAN ADVOCAAT-GENERAAL
M. DARMON
van 15 mei 1992 ( *1 )
1.
Met dit beroep wegens niet-nakoming verzoekt de Commissie het Hof vast te stellen, dat de Italiaanse Republiek de krachtens artikel 189, derde alinea, EEG-Verdrag op haar rustende verplichtingen niet is nagekomen, door geen mededeling te doen van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen die zij moest vaststellen voor het volgen van richtlijn 89/360/EEG van de Raad van 30 mei 1989 ( 1 ) en van richtlijn 89/321/EEG van de Commissie van 27 april 1989 ( 2 ), of door niet binnen de gestelde termijn de maatregelen te treffen die nodig waren ter uitvoering van deze richtlijnen.
2.
Richtlijn 89/360 heeft richtlijn 64/432/EEG van de Raad van 26 juni 1964 ( 3 ) gewijzigd teneinde, onder meer wegens de teruggang van het aantal brucellosegevallen en de gewijzigde produktiestructuur, de eis om bepaalde soorten varkens aan een serologische test te onderwerpen, te laten vallen.
3.
Ingevolge artikel 2 van deze richtlijn moesten de Lid-Staten uiterlijk op 1 oktober 1989 de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen hebben vastgesteld om aan de bepalingen ervan te voldoen, en moesten zij de Commissie daarvan in kennis stellen.
4.
Bij richtlijn 89/321 zijn in bijlage I van richtlijn 77/96/EEG van de Raad van 21 december 1976 ( 4 ) nieuwe methodes voor het opsporen van trichinen opgenomen.
5.
Ingevolge artikel 2 van deze richtlijn moesten de Lid-Staten uiterlijk op 1 september 1989 de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vaststellen en moesten zij de Commissie daarvan in kennis te stellen.
6.
In een aanmaningsbrief van 26 juni 1990 vestigde de Commissie de aandacht van de Italiaanse regering op het ontbreken van maatregelen ter omzetting van de twee voornoemde richtlijnen.
7.
Op 18 maart 1991 zond de Commissie de Italiaanse Republiek een met redenen omkleed advies, dat dezelfde grieven vermeldde. De Italiaanse regering beantwoordde noch de aanmaningsbrief, noch het met redenen omkleed advies.
8.
De Italiaanse regering erkent in haar verweerschrift, dat de richtlijnen „niet volledig in de interne rechtsorde zijn omgezet”, en dat daartoe strekkende decreten in voorbereiding zijn.
9.
Volgens vaste rechtspraak van het Hof kunnen de niet-inachtneming van termijnen en de niet-nakoming van verplichtingen niet worden gerechtvaardigd met door de Lid-Staten aangevoerde bijzondere omstandigheden. ( 5 )
10.
Bovendien moet de omzetting van communautaire richtlijnen in intern recht verzekeren, dat deze daadwerkelijk en volledig worden toegepast ( 6 ), wat bij een gedeeltelijke omzetting niet het geval is.
11.
Ik geef het Hof derhalve in overweging vast te stellen, dat de Italiaanse Republiek de krachtens artikel 189, derde alinea, EEG-Verdrag op haar rustende verplichtingen niet is nagekomen, door niet binnen de gestelde termijn de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen om te voldoen aan de bepalingen van de richtlijnen 89/321 van de Commissie van 27 april 1989 en 89/360 van de Raad van 30 mei 1989.
12.
Overeenkomstig artikel 69, lid 2, van het Reglement voor de procesvoering zal de verwerende Lid-Staat in de kosten moeten worden verwezen.
( *1 ) Oorspronkelijke taal: Frans.
( 1 ) Richtlijn tot wijziging van richtlijn 64/432/EEG ten aanzien van de administratieve eenheden en de beëindiging van het serologisch onderzoek van bepaalde soorten varkens op brucellose (PB 1989, L 153, biz. 29).
( 2 ) Richtlijn tot tweede wijziging van de bijlagen bij richtlijn 77/96/EEG van de Raad inzake het opsporen van trichinen (Trichinelia spiralis) bij de invoer van vers vlees van varkens, huisdieren, uit derde landen (PB 1989, L133, biz. 33).
( 3 ) Richtlijn inzake veterinairrechtelijke vraagstukken op het gebied van het intracommunautaire handelsverkeer in runderen en varkens (PB 1964, blz. 1977).
( 4 ) Richdijn inzake het opsporen van trichinen bij de invoer van vers vlees van varkens, huisdieren, uit derde landen (PB 1976, L 26, blz. 67).
( 5 ) Arresten van het Hof van 2 december 1980, zaken 42/80, Commissie/Italië, Jurispr. 1980, blz. 3635, r. o. 4, en 43/80, Commissie/Italië, Jurispr. 1980, blz. 3643, en van 12 juli 1988, zaak 326/87, Commissie/Italië, Jurispr. 1988, blz. 4009, r. o. 6.
( 6 ) Zie bij voorbeeld het arrest van 12 juli 1988, zaak 322/86, Commissie/Italië, Jurispr. 1988, blz. 3995, r. o. 6.
Full & Egal Universal Law Academy