Samenvatting
Partijen
Overwegingen van het arrest
Beslissing inzake de kosten
Dictum
Trefwoorden
Gemeenschappelijk douanetarief - Tariefposten - Gepasteuriseerd mengsel van gemalen en geperst kokosnootvlees en bepaalde andere stoffen - Indeling onder onderverdeling 2106 90 99 van gecombineerde nomenclatuur
Samenvatting
Een stof verkregen uit een gepasteuriseerd, gehomogeniseerd en vervolgens door verstuiving gedroogd mengsel van gemalen en geperst kokosnootvlees, waaraan ter verkrijging van de poedervorm vóór het drogen maltodextrine en natriumcaseïnaat zijn toegevoegd en dat een gering gehalte aan vezels en een saccharosegehalte van 5 % of meer heeft, moet onder onderverdeling 2106 90 99 van het gemeenschappelijk douanetarief worden ingedeeld.
Partijen
In zaak C-377/92,
betreffende een verzoek aan het Hof krachtens artikel 177 EEG-Verdrag van het Bundesfinanzhof, in het aldaar aanhangig geding tussen
Felix Koch Offenbach Couleur und Karamel GmbH
en
Oberfinanzdirektion München,
om een prejudiciële beslissing over de uitlegging van het gemeenschappelijk douanetarief in de versie van verordening (EEG) nr. 2505/92 van de Commissie van 14 juli 1992 tot wijziging van de bijlagen I en II van verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PB 1992, L 267, blz. 1),
wijst
HET HOF VAN JUSTITIE
(Eerste kamer),
samengesteld als volgt: G. C. Rodríguez Iglesias, kamerpresident, R. Joliet en D. A. O. Edward, rechters,
advocaat-generaal: F. G. Jacobs
griffier: L. Hewlett, hoofdadministrateur
gelet op de schriftelijke opmerkingen ingediend door:
- Felix Koch Offenbach Couleur und Karamel GmbH, vertegenwoordigd door H. Glashoff, belastingadviseur,
- de Commissie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door A. Bardenhewer en B. Rodríguez Galindo, leden van haar juridische dienst, als gemachtigden, bijgestaan door H.-J. Rabe, advocaat te Hamburg,
gezien het rapport ter terechtzitting,
gehoord de mondelinge opmerkingen van partijen ter terechtzitting van 1 juli 1993,
gehoord de conclusie van de advocaat-generaal ter terechtzitting van 16 september 1993,
het navolgende
Arrest
Overwegingen van het arrest
1 Bij beschikking van 26 augustus 1992, ingekomen ten Hove op 12 oktober daaraanvolgend, heeft het Bundesfinanzhof krachtens artikel 177 EEG-Verdrag een prejudiciële vraag gesteld over de uitlegging van het gemeenschappelijk douanetarief in de versie van verordening (EEG) nr. 2505/92 van de Commissie van 14 juli 1992 tot wijziging van de bijlagen I en II van verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PB 1992, L 267, blz. 1).
2 Deze vraag luidt als volgt:
"Moet het gemeenschappelijk douanetarief (gecombineerde nomenclatuur 1990) aldus worden uitgelegd, dat $kokosnootpoeder' verkregen uit een gepasteuriseerd, gehomogeniseerd en vervolgens door middel van verstuiving gedroogd mengsel van gemalen en geperst kokosnootvlees, waaraan ter verkrijging van de poedervorm vóór het drogen maltodextrine en natriumcaseïnaat zijn toegevoegd, zoals nader beschreven in de motivering, als (ander) produkt voor menselijke consumptie, elders genoemd noch elders onder begrepen, moet worden ingedeeld onder onderverdeling 2106 90 99?"
3 Voor een nadere uiteenzetting van de feiten in het hoofdgeding, het procesverloop en de bij het Hof ingediende schriftelijke opmerkingen wordt verwezen naar het rapport ter terechtzitting.
4 Om de redenen uiteengezet in de conclusie van de advocaat-generaal van 16 september 1993, moet op de vraag van de verwijzende rechter worden geantwoord, dat een stof verkregen uit een gepasteuriseerd, gehomogeniseerd en vervolgens door verstuiving gedroogd mengsel van gemalen en geperst kokosnootvlees, waaraan ter verkrijging van de poedervorm vóór het drogen maltodextrine en natriumcaseïnaat zijn toegevoegd en dat een gering gehalte aan vezels en een saccharosegehalte van 5 % of meer heeft, moet worden ingedeeld onder onderverdeling 2106 90 99 van het gemeenschappelijk douanetarief.
Beslissing inzake de kosten
Kosten
5 De kosten door de Commissie van de Europese Gemeenschappen wegens indiening van haar opmerkingen bij het Hof gemaakt, kunnen niet voor vergoeding in aanmerking komen. Ten aanzien van de partijen in het hoofdgeding is de procedure als een aldaar gerezen incident te beschouwen, zodat de nationale rechterlijke instantie over de kosten heeft te beslissen.
Dictum
HET HOF VAN JUSTITIE (Eerste kamer),
uitspraak doende op de door het Bundesfinanzhof bij beschikking van 26 augustus 1992 gestelde vraag, verklaart voor recht:
Een stof verkregen uit een gepasteuriseerd, gehomogeniseerd en vervolgens door verstuiving gedroogd mengsel van gemalen en geperst kokosnootvlees, waaraan ter verkrijging van de poedervorm vóór het drogen maltodextrine en natriumcaseïnaat zijn toegevoegd en dat een gering gehalte aan vezels en een saccharosegehalte van 5 % of meer heeft, moet onder onderverdeling 2106 90 99 van het gemeenschappelijk douanetarief worden ingedeeld.
Full & Egal Universal Law Academy