Samenvatting
Partijen
Overwegingen van het arrest
Beslissing inzake de kosten
Dictum
Trefwoorden
++++
Procedure ° Inleidend verzoekschrift ° Vormvereisten ° Summiere uiteenzetting van aangevoerde middelen
(' s Hofs Statuut-EEG, art. 19; Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 38, lid 1, sub c)
Samenvatting
Volgens artikel 38, lid 1, sub c, van het Reglement voor de procesvoering van het Hof dient het verzoekschrift het voorwerp van het geschil en een summiere uiteenzetting van de aangevoerde middelen te bevatten. De omstandigheid dat een verzoekschrift de middelen tot staving van de vorderingen van de verzoeker niet preciseert en, wanneer het een vordering tot schadevergoeding betreft, met name niet de aard van de gestelde schade alsmede het schadeveroorzakende feit, maakt die schadevordering niet-ontvankelijk.
Partijen
In zaak C-44/92,
Association of Independent Officials for the Defence of the European Civil Service/Association des fonctionnaires indépendants pour la défense de la fonction publique européenne (TAO/AFI), gevestigd te Brussel, vertegenwoordigd door L. Govaert, advocaat te Brussel, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg bij L. Dupong, advocaat aldaar, Rue des Bains 14A,
verzoekster,
tegen
Commissie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door haar juridisch hoofdadviseur G. Valsesia en S. van Raepenbusch, lid van haar juridische dienst, domicilie gekozen hebbende bij R. Hayder, representant van haar juridische dienst, Centre Wagner, Kirchberg,
verweerster,
ondersteund door
Union Syndicale-Bruxelles, vertegenwoordigd door J.-N. Louis, advocaat te Brussel, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg bij Fiduciaire Myson SARL, Rue Glesener 1,
interveniënte,
betreffende een verzoek de Commissie te gelasten erop toe te zien, dat de besluiten tot aanwijzing van personeelsvertegenwoordigers in de diverse comités collegiaal en met inachtneming van de evenredigheid worden genomen, alsmede een rangorde van de verschillende comités en subcomités vast te stellen en bekend te maken,
geeft
HET HOF VAN JUSTITIE (Zesde kamer),
samengesteld als volgt: C. N. Kakouris, kamerpresident, G. F. Mancini, F. A. Schockweiler, M. Diez de Velasco en P. J. G. Kapteyn, rechters,
advocaat-generaal: F. G. Jacobs
griffier: J.-G. Giraud
gehoord de advocaat-generaal,
de navolgende
Beschikking
Overwegingen van het arrest
1 Op 17 september 1991 hebben G. White, ambtenaar van de Commissie van de Europese Gemeenschappen, en de Association of Independent Officials for the Defence of the European Civil Service/Association des fonctionnaires indépendants pour la défense de la fonction publique européenne (TAO/AFI) bij het Gerecht van eerste aanleg beroep ingesteld tegen de Commissie.
2 Het beroep van White was gebaseerd op de artikelen 90 en 91 Ambtenarenstatuut, dat van TAO/AFI op artikel 173 EEG-Verdrag. Op 13 december 1991 heeft de Union Syndicale-Bruxelles verzocht om toelating tot interventie ter ondersteuning van de conclusies van verweerster.
3 Het door White en TAO/AFI ingediende beroep strekt er in de eerste plaats toe, dat de Commissie wordt gelast erop toe te zien, dat de besluiten tot aanwijzing van de personeelsvertegenwoordigers in de diverse comités collegiaal, zonder willekeur en in overleg worden genomen met zorgvuldige inachtneming van de evenredigheid, alsmede een rangorde van de verschillende comités en subcomités vast te stellen en bekend te maken; in de tweede plaats strekt het tot veroordeling van de Commissie tot betaling aan White en aan TAO/AFI van een schadevergoeding, ex aequo et bono vast te stellen op 250 000 BFR respectievelijk 1,5 miljoen BFR.
4 Het geschil werpt vragen op met betrekking tot de organisatie van het Europese ambtenarenapparaat en in het bijzonder met betrekking tot de vertegenwoordiging van het personeel in de statutaire en administratieve comités van de instelling.
5 Van oordeel dat het niet bevoegd was uitspraak te doen over een krachtens artikel 173 EEG-Verdrag ingesteld beroep, heeft het Gerecht bij beschikking van 27 januari 1992 het beroep, voor zover door TAO/AFI ingesteld, en het verzoek van de Union Syndicale, voor zover betrekking hebbende op het beroep van TAO/AFI, naar het Hof verwezen.
6 Ingevolge artikel 92, lid 1, van het Reglement voor de procesvoering kan het Hof, de advocaat-generaal gehoord, wanneer een verzoekschrift kennelijk niet-ontvankelijk is, zonder de behandeling voort te zetten, beslissen bij met redenen omklede beschikking.
De vordering betreffende de verplichtingen van de Commissie
7 In haar conclusies verzoekt TAO/AFI het Hof, de Commissie te gelasten erop toe te zien, dat de besluiten tot aanwijzing van de personeelsvertegenwoordigers in de diverse comités collegiaal, zonder willekeur en in overleg worden genomen met zorgvuldige inachtneming van de evenredigheid, alsmede een rangorde van de verschillende comités en subcomités vast te stellen en bekend te maken.
8 Volgens vaste rechtspraak staat het echter niet aan het Hof de communautaire administratie bevelen te geven. Hieruit volgt, dat het tweede onderdeel van het beroep van TAO/AFI niet-ontvankelijk moet worden verklaard.
De vordering tot schadevergoeding
9 TAO/AFI vordert veroordeling van de Commissie tot betaling van een bedrag van 1,5 miljoen BFR als schadevergoeding. Voor de grondslag van deze vordering wordt in het verzoekschrift nergens verwezen naar de artikelen 178 en 215, tweede alinea, EEG-Verdrag, maar wordt slechts vermeld, dat "het optreden van TAO/AFI aan de zijde van White is gebaseerd op artikel 173".
10 Er zij aan herinnerd, dat volgens artikel 38, lid 1, sub c, van het Reglement voor de procesvoering het verzoekschrift het voorwerp van het geschil en een summiere uiteenzetting van de aangevoerde middelen moet bevatten.
11 Verzoekster heeft in haar verzoekschrift echter slechts een vordering tot schadevergoeding geformuleerd, zonder voldoende nauwkeurig te motiveren of, en zo ja hoe, aan alle voorwaarden voor het vergoeden van de beweerdelijk geleden schade is voldaan.
12 Hieruit volgt, dat de vordering tot schadevergoeding niet-ontvankelijk moet worden verklaard. Bijgevolg behoeft evenmin te worden beslist op het verzoek tot interventie van de Union Syndicale-Bruxelles.
Beslissing inzake de kosten
Kosten
13 Volgens artikel 69, lid 2, van het Reglement voor de procesvoering moet de in het ongelijk gestelde partij in de kosten worden verwezen. Aangezien verzoekster in het ongelijk is gesteld, dient zij in de kosten te worden verwezen.
Dictum
HET HOF VAN JUSTITIE (Zesde kamer)
beschikt:
1) Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard.
2) Verzoekster wordt verwezen in de kosten van het geding.
Luxemburg, 3 december 1992.
Full & Egal Universal Law Academy