CONCLUSIE VAN ADVOCAAT-GENERAAL
C. O. LENZ
van 9 februari 1995 ( *1 )
A — Inleiding
1.
Met het onderhavige beroep wegens niet-nakoming verzoekt de Commissie het Hof vast te stellen dat de Helleense Republiek haar verplichtingen krachtens het EEG-Verdrag niet is nagekomen door niet binnen de gestelde termijn de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen om volledige uitvoering te geven aan richtlijn 89/48/EEG ( 1 ) van de Raad betreffende een algemeen stelsel van erkenning van hogeronderwijsdiploma's waarmee beroepsopleidingen van ten minste drie jaar worden afgesloten, en deze bepalingen aan de Commissie mee te delen, Ingevolge artikel 12, eerste alinea, treffen de Lid-Staten de nodige maatregelen om binnen twee jaar na de kennisgeving ervan aan de richtlijn te voldoen en stellen zij de Commissie daarvan onverwijld in kennis. De richtlijn is op 4 januari 1989 ( 2 ) ter kennis van de Lid-Staten gebracht, zodat de termijn op 4 januari 1991 verstreek.
2.
Toen bij afloop van de termijn aan de Commissie geen mededelingen waren gedaan over eventuele uitvoeringsmaatregelen, leidde zij een niet-nakomingsprocedure in. Bij brief van 28 juli 1991 nodigde de Commissie de Helleense Republiek uit binnen een termijn van twee maanden opmerkingen te maken over de verweten niet-nakoming. Deze brief bleef onbeantwoord. Bij met redenen omkleed advies van 15 oktober 1992 stelde de Commissie de Lid-Staat andermaal een termijn van twee maanden om zijn verplichtingen na te komen. Ook deze termijn liep af zonder dat de Lid-Staat opmerkingen meedeelde. Op 27 juli 1993 stelde de Commissie beroep in bij het Hof van Justitie.
Β — Standpuntbepaling
3.
De Commissie betoogt, dat de Griekse regering op 1 februari 1993 een besluit heeft meegedeeld dat gezamenlijk is vastgesteld door de ministers van Economische zaken en van Volksgezondheid en sociale zaken. Dit besluit behelst een gedeeltelijke omzetting van de richtlijn, die beperkt blijft tot de beroepen in de gezondheids- en sociale sector. De richtlijn is dus slechts gedeeltelijk omgezet en de verdragsschending is niet beëindigd.
4.
De Griekse regering verweert zich tegen het verwijt van niet-nakoming door te wijzen op een ontwerp van presidentieel decreet dat strekt tot de volledige omzetting van de richtlijn, en reeds ter ondertekening aan de president van de Republiek is voorgelegd. Voorts wijst de Griekse regering erop, dat de richtlijn tevoren reeds bij drie afzonderlijke presidentiële decreten gedeeltelijk was omgezet voor de sectoren gezondheidszorg, advocatuur en accountancy. De effectieve toepassing van de richtlijn is overigens mogelijk. Aan artikel 9, leden 2 en 3, is gevolg gegeven door de aanwijzing van de coördinator in de zin van artikel 9, lid 2 ( 3 ), en van een centrum voor verstrekking van informatie in de zin van artikel 9, lid 3. ( 4 )
5.
Artikel 9, lid 1, is evenwel nog niet in nationaal recht omgezet. Wel kan met de richtlijn rekening worden gehouden in het kader van procedures die lopen voor reeds bestaande instanties.
6.
Allereerst zij vastgesteld, dat bij afloop van de in het met redenen omkleed advies gestelde termijn de voor de omzetting nodige maatregelen niet waren genomen, en evenmin iets was meegedeeld over bestaande besluiten of organen.
7.
De reeds vastgestelde presidentiële decreten houdende omzettingsmaatregelen voor welomschreven beroepssectoren kunnen — wat de Commissie overigens erkent — als een gedeeltelijke omzetting van de richtlijn worden beschouwd. Dat neemt niet weg, dat een algemene omzetting van de richtlijn voor alle onder de richtlijn vallende sectoren vooralsnog uitblijft.
8.
Ook de omstandigheid dat aan de procedurele vereisten gedeeltelijk is voldaan door de aanwijzing van een coördinator in de zin van artikel 9, lid 2, en van het centrum voor verstrekking van informatie in de zin van artikel 9, lid 3, levert slechts een gedeeltelijke omzetting op.
9.
De Griekse regering voert aan, dat artikel 9, lid 1, ten uitvoer kan worden gelegd in het kader van bestaande procedures en met de medewerking van reeds bestaande instanties, doch erkent uitdrukkelijk, dat een formeel omzettingsbesluit nog steeds ontbreekt.
10.
Zou voor het overige aan de vereisten van artikel 9, lid 1, kunnen worden voldaan via bestaande procedures voor reeds bestaande overheidsinstanties, dan had dit hoe dan ook formeel ter kennis van de Commissie moeten worden gebracht conform artikel 12 van de richtlijn.
11.
Vaststaat dat op het tijdstip van de mondelinge behandeling op 12 januari 1995 de richtlijn nog niet volledig was omgezet. Het voor de volledige omzetting bestemde presidentiële decreet was nog niet in werking getreden. Nu het beroep er alleen toe strekt vast te stellen, dat aan richtlijn 89/48 geen volledige uitvoering is gegeven, staat de gedeeltelijke uitvoering van de richtlijn bij wege van na het afsluiten van de administratieve fase in werking getreden besluiten niet in de weg aan de toewijzing van het beroep. Ook indien voor de uitvoering van artikel 9, lid 1, van de richtlijn geen nieuwe procedures en instanties nodig waren, levert de omstandigheid dat de toepasselijke bepalingen niet conform artikel 12 van de richtlijn aan de Commissie zijn meegedeeld, een verdragsschending op. Het beroep moet dus worden toegewezen.
Kosten
12.
Ingevolge artikel 69, lid 2, van het Reglement voor de procesvoering moet de in het ongelijk gestelde partij in de kosten worden verwezen.
C — Conclusie
13.
Ik geef het Hof in overweging voor recht te verklaren:
1)
Door niet binnen de gestelde termijn de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen om volledige uitvoering te geven aan richtlijn 89/48/EEG van de Raad betreffende een algemeen stelsel van erkenning van hoger-onderwijsdiploma's waarmee beroepsopleidingen van ten minste drie jaar worden afgesloten, respectievelijk deze bepalingen niet aan de Commissie mee te delen, is de Helleense Republiek de krachtens het EEG-Verdrag op haar rustende verplichtingen niet nagekomen.
2)
De Helleense Republiek wordt verwezen in de kosten van het geding.
( *1 ) Oorspronkelijke taal: Duits.
( 1 ) PB 1989, L 19, blz. 16.
( 2 ) Zie voetnoot 2 bij richtlijn 89/48.
( 3 ) Prof. E. Konstantinidis van de universiteit van Athene en president van DIKATSA [Diapanepistimiako Kentro Anagnorissis Titlon Spoudon tis Allodapis, interuniversitair centrum voor de erkenning van buitenlandse diploma's] en Prof. G. Kalkanis als plaatsvervanger.
( 4
)
a)
DIKATSA voor diploma's, waarmee een universitaire opleiding wordt afgesloten,
b)
ITE rjnstitouto Technologikis Ekpaidefsis, instituut voor technische opleiding] voor diploma's, waarmee een technische hoger-onderwijsopleiding wordt afgesloten.
Full & Egal Universal Law Academy