Samenvatting
Trefwoorden
Kort geding - Voorlopige maatregelen - Voorwaarden - Ernstige en onherstelbare schade - Zuiver geldelijke schade
(EEG-Verdrag, art. 186; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 104, lid 2)
Samenvatting
Het spoedeisend karakter van een verzoek in kort geding als bedoeld in artikel 104, lid 2, van het Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, moet worden getoetst aan de vraag, of een voorlopige beslissing noodzakelijk is ter voorkoming van ernstige en onherstelbare schade voor de partij die om de voorlopige maatregel verzoekt.
Zuiver geldelijke schade kan in beginsel niet als onherstelbaar of zelfs als moeilijk herstelbaar worden beschouwd, aangezien zij naar haar aard later financieel kan worden vergoed. De rechter in kort geding dient echter aan de hand van de bijzondere omstandigheden van het geval na te gaan, of de verzoeker, zonder de gevraagde voorlopige maatregelen, een schade dreigt te leiden die na de eventuele nietigverklaring van de bestreden besluiten in de bodemprocedure niet meer kan worden goedgemaakt.
Full & Egal Universal Law Academy