Conclusie van de advocaat generaal
++++
1 In de onderhavige niet-nakomingsprocedure tegen Ierland concludeert de Commissie dat het den Hove behage:
1) vast te stellen dat Ierland, door niet de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking te doen treden, die nodig zijn om te voldoen aan richtlijn 90/425/EEG van de Raad van 26 juni 1990 inzake veterinaire en zooetechnische controles in het intracommunautaire handelsverkeer in bepaalde levende dieren en produkten in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt(1), de krachtens genoemde richtlijn, inzonderheid artikel 26, en het EG-Verdrag op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen.
2) Ierland te verwijzen in de kosten.
2 Artikel 26 van richtlijn 90/425 bepaalt, dat de Lid-Staten de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking doen treden om uiterlijk op 31 december 1991 aan de richtlijn te voldoen.
3 Daar de Commissie geen kennisgeving van een eventuele omzetting door de Lid-Staat had ontvangen, leidde zij bij aanmaningsbrief van 14 oktober 1992 de niet-nakomingsprocedure in. De aanmaningsbrief bleef onbeantwoord. Daarop bracht de Commissie op 11 mei 1993 een met redenen omkleed advies uit. Bij brief van de permanente vertegenwoordiging van Ierland bij de Europese Gemeenschappen van 15 juli 1993 deelde de Ierse regering de Commissie mee, dat een omzettingsprocedure aan de gang was. Daar de Commissie niet van de beëindiging van de procedure op de hoogte was gebracht, stelde zij op 10 juni 1994 beroep in bij het Hof van Justitie. Tot haar verdediging voerde de Ierse regering aan, dat bij verordening (statutory instrument) nr. 289 van 1994, op 21 september 1994 ondertekend door de Ierse minister van Landbouw, een deel van de richtlijn was omgezet, en dat voor het overige de nodige maatregelen in voorbereiding waren.
4 Vaststaat, dat bij het verstrijken van de door de Commissie gestelde termijn, de richtlijn nog niet volledig in nationaal recht was omgezet.
5 Derhalve moet het verzoek van de Commissie betreffende de niet-omzetting binnen de gestelde termijn, worden toegewezen.
6 Overeenkomstig artikel 69, lid 2, van het Reglement voor de procesvoering moet de in het ongelijk gestelde partij in de kosten worden verwezen.
Conclusie
7 Mitsdien geef ik het Hof in overweging vast te stellen:
1) Door niet de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking te doen treden, die nodig zijn om te voldoen aan richtlijn 90/425/EEG van de Raad van 26 juni 1990 inzake veterinaire en zooetechnische controles in het intracommunautaire handelsverkeer in bepaalde levende dieren en produkten in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt, is Ierland de krachtens genoemde richtlijn, inzonderheid artikel 26, en het EG-Verdrag op hem rustende verplichtingen niet nagekomen.
2) Ierland wordt verwezen in de kosten.
(1) - PB 1990, L 224, blz. 29.
Full & Egal Universal Law Academy