Samenvatting
Trefwoorden
Procedure - Beroep tot schadevergoeding - Niet-nakoming door Commissie van verplichtingen jegens opdrachtnemers voor leveringen in kader van voedselhulp - Contractuele grondslag - Arbitragebeding - Ontbreken - Onbevoegdheid van gemeenschapsrechter
(EG-Verdrag, art. 178, 181 en 183)
Samenvatting
In het kader van een geschil tussen de Commissie en de opdrachtnemer voor een levering van voedselhulp aan derde landen, berust de schadevordering die tegen de instelling wordt ingediend op grond dat deze niet heeft voldaan aan haar verplichting, ervoor te zorgen dat de goederen door de door haar aangewezen vervoerder worden overgenomen binnen de in de communautaire voorschriften gestelde en tussen de opdrachtnemer en de Commissie overeengekomen termijn, op een contractuele grondslag. De voedselhulp wordt immers ten uitvoer gelegd door overeenkomsten tussen de Commissie en de opdrachtnemers, zodat de aansprakelijkheid die jegens de Commissie kan worden ingeroepen wegens de organisatie van de leveringen, eveneens van contractuele aard is.
Bij gebreke van een arbitragebeding in de zin van artikel 181 van het Verdrag is het Gerecht derhalve, wanneer dit wordt verzocht uitspraak te doen over een krachtens artikel 178 van het Verdrag ingediende schadevordering, kennelijk onbevoegd zich in werkelijkheid uit te spreken over een schadevordering van contractuele oorsprong. Anders zou het Gerecht zijn rechterlijke bevoegdheid uitbreiden tot andere geschillen dan die waarvan de kennisneming hem limitatief is voorbehouden in artikel 183 van het Verdrag, welke bepaling juist aan de nationale rechter de bevoegdheid naar gemeen recht toekent om kennis te nemen van geschillen waarbij de Gemeenschap partij is.
Full & Egal Universal Law Academy