Conclusie van de advocaat generaal
1. In de onderhavige niet-nakomingsprocedure verwijt de Commissie het Koninkrijk België, niet de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen tot omzetting van richtlijn 93/42/EEG van de Raad van 14 juni 1993 betreffende medische hulpmiddelen(1), te hebben aangenomen.
2. Volgens artikel 22, lid 1, van de richtlijn waren de Lid-Staten verplicht, de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen aan te nemen om uiterlijk op 1 juli 1994 aan de richtlijn te voldoen, en de Commissie daarvan onverwijld in kennis te stellen.
3. Het Koninkrijk België betwist niet, dat de betrokken richtlijn niet tijdig is omgezet. Het wijst er enkel op, dat de nodige wetgeving om de richtlijn om te zetten, in voorbereiding is.
4. Mitsdien geef ik in overweging vast te stellen dat het Koninkrijk België, door niet binnen de gestelde termijn de maatregelen vast te stellen die nodig zijn om te voldoen aan richtlijn 93/42/EEG van de Raad van 14 juni 1993 betreffende medische hulpmiddelen, de krachtens het Verdrag op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen. Bovendien geef ik in overweging, het Koninkrijk België in de kosten te verwijzen.
(1) - PB 1993, L 169, blz. 1.
Full & Egal Universal Law Academy