Samenvatting
Trefwoorden
Procedure - Interventie - Belanghebbende personen - Geschil over speelruimte van Commissie bij vaststelling van maximumwaarden van residuen van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik in levensmiddelen van dierlijke oorsprong - Verzoek tot interventie van representatieve vereniging van bedrijven op gebied van dierlijke gezondheid - Ontvankelijkheid
('s Hofs Statuut-EG, art. 37, tweede alinea; verordening nr. 2377/90 van de Raad)
Samenvatting
Volgens artikel 37, tweede alinea, van 's Hofs Statuut heeft elke persoon die aannemelijk maakt belang te hebben bij de beslissing van een geding, het recht om in dat geding tussen te komen. In het bijzonder wordt aan representatieve verenigingen die de bescherming van de belangen van hun leden als doel hebben, toegestaan zich te voegen in gedingen waarin principiële punten aan de orde komen, waardoor die leden worden geraakt.
In een zaak die principiële vragen doet rijzen betreffende de speelruimte van de Commissie in het kader van de bij verordening nr. 2377/90 vastgestelde communautaire procedure tot vaststelling van maximumwaarden van residuen van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik in levensmiddelen van dierlijke oorsprong, is het bestaan van een dergelijk belang aannemelijk in het geval van een vereniging waarbij nationale verenigingen van bedrijven op het gebied van de dierlijke gezondheid in Europa en fabrikanten van gezondheidsproducten voor dieren zijn aangesloten, aangezien het antwoord op die vragen van rechtstreeks belang is voor de leden van die vereniging.
Full & Egal Universal Law Academy