Samenvatting
Trefwoorden
1 Kort geding - Opschorting van tenuitvoerlegging - Toewijzing en weigering van maatregel die onherstelbaar kan blijken te zijn - Afweging van betrokken belangen
(EG-Verdrag, art. 185)
2 Hogere voorziening - Middelen - Verkeerde beoordeling van feiten - Niet-ontvankelijkheid - Toepassing in hogere voorziening tegen beschikking in kort geding
('s Hofs Statuut-EG, art. 50, tweede alinea, en 51)
3 Kort geding - Opschorting van tenuitvoerlegging - Voorwaarden - Ernstige en onherstelbare schade - Schending van verdragsbepaling door aangevochten besluit - Voorwaarde niet automatisch vervuld
(EG-Verdrag, art. 185)
4 Hogere voorziening - Middelen - Verkeerde beoordeling van bewijs - Niet-ontvankelijkheid
('s Hofs Statuut-EG, art. 51)
5 Hogere voorziening - Middelen - Ontoereikende motivering - Toepassing in geval van beschikkingen in kort geding
('s Hofs Statuut-EG, art. 51)
6 Kort geding - Voorlopige maatregelen - Voorwaarden - Ernstige en onherstelbare schade - "Fumus boni juris" - Afwijzing van verzoek wegens ontbreken van spoedeisendheid en, ten overvloede, van "fumus boni juris" - Gevolgen in kader van hogere voorziening
(EG-Verdrag, art. 186; Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 83, lid 2; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 104, lid 2)
Samenvatting
7 In de meeste kortgedingprocedures kunnen zowel de toewijzing als de ontzegging van een eis tot opschorting van de uitvoering van een handeling in zekere zin bepaalde definitieve gevolgen hebben, en het staat aan de kortgedingrechter bij wie de eis wordt ingesteld, om de risico's die aan elk van de mogelijke oplossingen verbonden zijn, tegen elkaar af te wegen. De beoordeling van het voorlopige karakter van de gevorderde opschorting is dus in beginsel niet te scheiden van de afweging van de betrokken belangen.
8 Artikel 51 van 's Hofs Statuut, volgens hetwelk de hogere voorziening alleen rechtsvragen kan betreffen en gebaseerd moet zijn op middelen ontleend aan onbevoegdheid van het Gerecht, onregelmatigheden in de procedure voor het Gerecht of schending van het gemeenschapsrecht door het Gerecht, is ook van toepassing op krachtens artikel 50, tweede lid, van genoemd Statuut ingestelde hogere voorzieningen tegen beslissingen van het Gerecht, uitspraak doende als rechter in kort geding.
9 Een eventuele schending van een verdragsbepaling door een besluit van de Raad kan wel de geldigheid van dat besluit aantasten, maar is in beginsel op zichzelf niet voldoende om aan te nemen dat de eventuele schade ernstig en onherstelbaar is en dat aldus is voldaan aan een van de voorwaarden voor toewijzing van de opschorting van de uitvoering van het besluit.
10 In hogere voorziening is het Hof in beginsel niet bevoegd om de bewijzen te onderzoeken die het Gerecht tot staving van zijn vaststelling of beoordeling van de feiten in aanmerking heeft genomen. Wanneer de rechtsregels en algemene rechtsbeginselen inzake de bewijslast en de procedureregels inzake de bewijsvoering zijn gerespecteerd, staat het enkel aan het Gerecht te beoordelen, welke waarde moet worden gehecht aan de hem voorgelegde bewijsmiddelen.
11 Van de rechter in kort geding kan niet worden geëist, dat hij uitdrukkelijk antwoordt op alle in de loop van het kort geding aan de orde gestelde rechtsvragen en feitelijke vragen. Het is voldoende, dat de door hem in aanmerking genomen redenen, gelet op de omstandigheden van de zaak, zijn beschikking behoorlijk rechtvaardigen en het Hof in staat stellen zijn rechterlijke controle uit te oefenen.
12 In een hogere voorziening tegen een beschikking waarbij een verzoek om voorlopige maatregelen niet alleen was afgewezen omdat de "fumus boni juris" ontbrak, maar ook omdat de verzoeker niet had aangetoond, dat er sprake was van ernstige en onherstelbare schade die de toewijzing van de maatregelen rechtvaardigde, zodat de redenering in de bestreden beschikking op het punt van de "fumus boni juris" overbodig lijkt, kan het hierop betrekking hebbende middel, waarmee evenwel niet wordt betwist dat de gevorderde maatregelen niet spoedeisend waren, niet tot vernietiging van de bestreden beschikking leiden, zelfs niet ten dele.
Full & Egal Universal Law Academy