Conclusie van de advocaat generaal
1. In deze zaak verzoekt de Commissie het Hof krachtens artikel 226 EG vast te stellen dat Ierland, door niet de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen die noodzakelijk zijn om te voldoen aan richtlijn 96/49/EG van de Raad van 23 juli 1996 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten inzake het vervoer van gevaarlijke goederen per spoor, en aan richtlijn 96/87/EG van de Commissie van 13 december 1996 tot aanpassing aan de technische vooruitgang van richtlijn 96/49, of in elk geval door de Commissie niet in kennis te stellen van die maatregelen, de krachtens die richtlijnen op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen.
2. In zijn verweerschrift betwist Ierland de grief van de Commissie niet, maar stelt het, dat een ontwerp-regeling ter uitvoering van de richtlijnen in voorbereiding is.
Conclusie
3. Ik geef het Hof in overweging:
1) te verklaren dat Ierland, door niet de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen die noodzakelijk zijn om te voldoen aan richtlijn 96/49/EG van de Raad van 23 juli 1996 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten inzake het vervoer van gevaarlijke goederen per spoor, en aan richtlijn 96/87/EG van de Commissie van 13 december 1996 tot aanpassing aan de technische vooruitgang van richtlijn 96/49, de krachtens die richtlijnen op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen;
2) Ierland te verwijzen in de kosten.
Full & Egal Universal Law Academy