Partijen
Overwegingen van het arrest
Beslissing inzake de kosten
Dictum
Trefwoorden
1. Beroep wegens niet-nakoming - Onderzoek van gegrondheid door Hof - In aanmerking te nemen situatie - Situatie bij verstrijken van in met redenen omkleed advies gestelde termijn
(Art. 226 EG)
2. Lidstaten - Verplichtingen - Uitvoering van richtlijnen - Niet-nakoming - Rechtvaardiging op basis van nationale rechtsorde - Ontoelaatbaarheid
(Art. 226 EG)
Partijen
In zaak C-352/01,
Commissie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door G. Valero Jordana als gemachtigde, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg,
verzoekster,
tegen
Koninkrijk Spanje, vertegenwoordigd door L. Fraguas Gadea als gemachtigde, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg,
verweerder,
betreffende een verzoek om vast te stellen dat het Koninkrijk Spanje, door niet de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen die nodig zijn om te voldoen aan richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden (PB L 123, blz. 1), of in elk geval door deze bepalingen niet aan de Commissie mee te delen, de krachtens deze richtlijn op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen,
wijst
HET HOF VAN JUSTITIE (Eerste kamer),
samengesteld als volgt: M. Wathelet (rapporteur), kamerpresident, P. Jann en A. Rosas, rechters,
advocaat-generaal: J. Mischo,
griffier: R. Grass,
gezien het rapport van de rechter-rapporteur,
gehoord de conclusie van de advocaat-generaal ter terechtzitting van 12 september 2002,
het navolgende
Arrest
Overwegingen van het arrest
1 Bij verzoekschrift, neergelegd ter griffie van het Hof op 19 september 2001, heeft de Commissie van de Europese Gemeenschappen krachtens artikel 226 EG beroep ingesteld strekkende tot vaststelling dat het Koninkrijk Spanje, door niet de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen die nodig zijn om te voldoen aan richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden (PB L 123, blz. 1; hierna: richtlijn"), of in elk geval door haar deze bepalingen niet mee te delen, de krachtens deze richtlijn op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen.
2 Volgens artikel 34 van de richtlijn moesten de lidstaten binnen 24 maanden na de inwerkingtreding van de richtlijn de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking doen treden om aan deze richtlijn te voldoen en de Commissie hiervan onverwijld in kennis stellen. Ingevolge artikel 35 is de richtlijn in werking getreden op 14 mei 1998. De uitvoeringstermijn verstreek derhalve op 14 mei 2000.
3 Omdat zij geen mededeling van de Spaanse autoriteiten betreffende de uitvoering van de richtlijn had ontvangen, heeft de Commissie de niet-nakomingsprocedure ingeleid. Na het Koninkrijk Spanje te hebben aangemaand om zijn opmerkingen te maken, heeft de Commissie op 17 januari 2001 een met redenen omkleed advies uitgebracht waarin zij deze lidstaat verzocht, binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving ervan de nodige maatregelen te nemen om aan de richtlijn te voldoen. Toen uit de door de Spaanse autoriteiten ten vervolge op dit advies meegedeelde informatie bleek dat de uitvoering van de richtlijn niet was voltooid, heeft de Commissie het onderhavige beroep ingesteld.
4 De Commissie herinnert aan de verplichtingen die krachtens de artikelen 34 en 35 van de richtlijn op de lidstaten rusten, en stelt dat het Koninkrijk Spanje alle maatregelen had moeten nemen die nodig waren om binnen de gestelde termijn aan de richtlijn te voldoen.
5 De Spaanse regering merkt op dat de omzetting van de richtlijn in nationaal recht dient te gebeuren door middel van een Real Decreto (koninklijk decreet). De procedure tot vaststelling van een dergelijk besluit is bijzonder zwaar, doordat hiervoor tal van verslagen, adviezen en raadplegingen zijn vereist, alsmede een hoorzitting wanneer de tekst de rechten en belangen van de burgers raakt. Bovendien duurde de procedure in casu langer doordat twee ministeries, dat van Volksgezondheid en Consumentenzaken en dat van Landbouw, bij de opstelling van het besluit betrokken waren.
6 Volgens vaste rechtspraak moet het bestaan van een niet-nakoming worden beoordeeld op basis van de situatie waarin de lidstaat zich bevond aan het einde van de in het met redenen omkleed advies gestelde termijn (zie met name arrest van 15 maart 2001, Commissie/Frankrijk, C-147/00, Jurispr. blz. I-2387, punt 26).
7 In casu staat vast dat het Koninkrijk Spanje niet de nodige maatregelen heeft genomen om binnen de daartoe gestelde termijn aan het met redenen omkleed advies te voldoen.
8 Daarenboven is het vaste rechtspraak dat een lidstaat zich niet op nationale bepalingen, praktijken of situaties kan beroepen ter rechtvaardiging van de niet-uitvoering van een richtlijn binnen de gestelde termijn (zie met name arrest van 8 maart 2001, Commissie/Portugal, C-276/98, Jurispr. blz. I-1699, punt 20).
9 Het beroep van de Commissie is derhalve gegrond.
10 Mitsdien moet worden vastgesteld dat het Koninkrijk Spanje, door niet de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen die nodig zijn om aan de richtlijn te voldoen, de krachtens deze richtlijn op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen.
Beslissing inzake de kosten
Kosten
11 Volgens artikel 69, lid 2, van het Reglement voor de procesvoering wordt de in het ongelijk gestelde partij in de kosten verwezen, voorzover dit is gevorderd. Aangezien het Koninkrijk Spanje in het ongelijk is gesteld, moet het overeenkomstig de vordering van de Commissie in de kosten worden verwezen.
Dictum
HET HOF VAN JUSTITIE (Eerste kamer),
rechtdoende, verstaat:
1) Door niet binnen de gestelde termijn de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen die nodig zijn om te voldoen aan richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden, is het Koninkrijk Spanje de krachtens deze richtlijn op hem rustende verplichtingen niet nagekomen.
2) Het Koninkrijk Spanje wordt verwezen in de kosten.
Full & Egal Universal Law Academy