12.1.2008
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 8/2
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 22 november 2007 — Koninkrijk Spanje/Commissie van de Europese Gemeenschappen, Lenzing AG
(Zaak C-525/04 P) (1)
(Hogere voorziening - Staatssteun - Niet-inning van verschuldigde bijdragen, vertragingstoeslagen en rente - Ontvankelijkheid - Criterium van particuliere schuldeiser)
(2008/C 8/02)
Procestaal: Duits
Partijen
Rekwirante: Koninkrijk Spanje (vertegenwoordiger: J. M. Rodríguez Cárcamo, gemachtigde)
Andere partijen in de procedure: Commissie van de Europese Gemeenschappen (V. Kreuschitz en J. Buendía Sierra, gemachtigden, M. Núñez-Müller, Rechtsanwalt), Lenzing AG (vertegenwoordiger: U. Soltész, Rechtsanwalt)
Voorwerp
Hogere voorziening tegen het arrest van het Gerecht van eerste aanleg (Vijfde kamer — uitgebreid) van 21 oktober 2004 in zaak T-36/99, Lenzing AG tegen Commissie, voor zover het Gerecht artikel 1, lid 1 van beschikking 1999/395/EG van de Commissie van 28 oktober 1998 betreffende staatssteun die door Spanje aan Sniace SA, gevestigd te Torrelavega, Cantabrië, is verleend (PB 1999, L 149, blz. 40), zoals gewijzigd bij beschikking 2001/43/EG van de Commissie van 20 september 2000 (PB 2001, L 11, blz. 46), nietig heeft verklaard — Ontvankelijkheid van beroep tot nietigverklaring ingesteld door concurrent van begunstigde onderneming — Begrip persoon die door bestreden beschikking individueel is geraakt — Schuldherschikkings- en aflossingsovereenkomsten — Criterium van particuliere schuldeiser
Dictum
1)
De hogere voorziening wordt afgewezen.
2)
Het Koninkrijk Spanje wordt verwezen in zijn eigen kosten en in die van Lenzing AG.
3)
De Commissie van de Europese Gemeenschappen draagt haar eigen kosten.
(1) PB C 69 van 19.3.2005.
Full & Egal Universal Law Academy