Arrest van het Gerecht (Tweede kamer) van 12 juli 2006 – Hassan / Raad en Commissie
(Zaak T‑49/04)
„Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid – Beperkende maatregelen tegen personen en entiteiten die banden hebben met Osama bin Laden, Al Qaeda-netwerk en Taliban – Bevriezing van tegoeden – Fundamentele rechten – Jus cogens – Rechterlijke toetsing – Beroep tot nietigverklaring en tot schadevergoeding”
1. Beroep tot nietigverklaring – Natuurlijke of rechtspersonen – Handelingen die hen rechtstreeks en individueel raken (Art. 230, vierde alinea, EG; verordening nr. 881/2002 van de Raad, zoals gewijzigd bij verordening nr. 2049/2003) (cf. punten 53‑58)
2. Internationaal publiekrecht – Handvest van Verenigde Naties – Besluiten van Veiligheidsraad (cf. punt 92)
3. Europese Gemeenschappen – Rechterlijk toezicht op wettigheid van handelingen van instellingen (Verordening nr. 881/2002 van de Raad) (cf. punt 92)
4. Europese Gemeenschappen – Rechterlijk toezicht op wettigheid van handelingen van instellingen (Verordening nr. 881/2002 van de Raad, zoals gewijzigd bij verordening nr. 561/2003; verordening nr. 2049/2003 van de Commissie) (cf. punten 92, 96, 99)
5. Europese Gemeenschappen – Rechterlijk toezicht op wettigheid van handelingen van instellingen (Verordening nr. 881/2002 van de Raad, zoals gewijzigd bij verordening nr. 2049/2003) (cf. punt 92)
6. Beroep tot nietigverklaring – Gemeenschapshandeling waarbij uitvoering wordt gegeven aan resoluties van Veiligheidsraad van Verenigde Naties – Verordening nr. 881/2002 (Art. 230 EG; verordening nr. 881/2002 van de Raad) (cf. punt 92)
7. Europese Gemeenschappen – Handeling waarbij uitvoering wordt gegeven aan resoluties van Veiligheidsraad van Verenigde Naties – Verordening nr. 881/2002 (Art. 6 EU; verordening nr. 881/2002 van de Raad) (cf. punten 115‑120, 122)
8. Europese Gemeenschappen – Rechterlijk toezicht op wettigheid van handelingen van instellingen – Handeling waarbij uitvoering wordt gegeven aan resoluties van Veiligheidsraad van Verenigde Naties – Verordeningen nrs. 881/2002 en 2049/2003 (Verordening nr. 881/2002 van de Raad; verordening nr. 2049/2003 van de Commissie) (cf. punten 126‑128)
9. Procedure – Inleidend verzoekschrift – Vormvereisten (Statuut van het Hof van Justitie, art. 21; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 44, lid 1, sub c) (cf. punten 139‑140)
Voorwerp
Enerzijds vordering tot nietigverklaring van verordening (EG) nr. 881/2002 van de Raad van 27 mei 2002 tot vaststelling van bepaalde specifieke beperkende maatregelen tegen sommige personen en entiteiten die banden hebben met Osama bin Laden, het Al Qaeda-netwerk en de Taliban, en tot intrekking van verordening (EG) nr. 467/2001 van de Raad tot instelling van een verbod op de uitvoer van bepaalde goederen en diensten naar Afghanistan, tot versterking van het verbod op vluchten en verlenging van de bevriezing van tegoeden en andere financiële middelen ten aanzien van de Taliban van Afghanistan (PB L 139, blz. 9), zoals gewijzigd bij verordening nr. 2049/2003 van de Commissie van 20 november 2003 tot vijfentwintigste wijziging van verordening (EG) nr. 881/2002 (PB L 303, blz. 20), en anderzijds vordering tot schadevergoeding
Dictum
Het beroep wordt verworpen.
Verzoeker wordt verwezen in de kosten.
Full & Egal Universal Law Academy