Arrest van het Gerecht (Tweede kamer) van 16 september 2008 – Nortrail Transport / Commissie
(Zaak T‑496/04)
„Douane-unie − Extern communautair douanevervoer − Visserijproducten afkomstig uit Noorwegen − Verzoek tot kwijtschelding en terugbetaling van invoerrechten − Billijkheidsclausule − Verordeningen (EEG) nrs. 2913/92 en 2454/93 – Bijzondere omstandigheden – Opening van tariefcontingenten met terugwerkende kracht”
Eigen middelen van de Europese Gemeenschappen – Terugbetaling of kwijtschelding van rechten bij invoer of uitvoer – Billijkheidsclausule ingevoerd bij artikelen 239 van communautair douanewetboek en 905 van uitvoeringsverordening nr. 2454/93 – „Bijzondere omstandigheden” (Besluit nr. 1/94 van het Gemengd Comité EG-Noorwegen, art. 17, lid 7; verordeningen van de Raad nr. 2913/92, art. 239, nr. 992/95 en nr. 3061/95, art. 2; verordening nr. 2454/93 van de Commissie, art. 905, lid 1; besluit 95/312 van de Raad, art. 5 en bijlage I) (cf. punten 40‑44, 48, 51, 53-54, 58-59, 61, 64-69)
Voorwerp
Verzoek tot nietigverklaring van beschikking REM 15/02 van de Commissie van 1 oktober 2004, waarbij wordt vastgesteld dat de terugbetaling van invoerrechten aan verzoekster, op wie het verzoek van de Bondsrepubliek Duitsland betrekking heeft, niet gerechtvaardigd is
Dictum
1)
Het beroep wordt verworpen.
2)
Nortrail Transport GmbH wordt verwezen in haar eigen kosten en in die van de Commissie.
Full & Egal Universal Law Academy