23.2.2008
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 51/6
Arrest van het Hof (Grote kamer) van 18 december 2007 — Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland/Raad van de Europese Unie
(Zaak C-137/05) (1)
(Verordening (EG) nr. 2252/2004 - Door lidstaten afgegeven paspoorten en reisdocumenten - Normen voor veiligheidskenmerken en biometrische gegevens - Geldigheid)
(2008/C 51/10)
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland (vertegenwoordigers: C. Jackson en C. Gibbs, gemachtigden, A. Dashwood, Barrister)
Interveniënten aan de zijde van de verzoekende partij: Ierland (vertegenwoordigers: D. O'Hagan, gemachtigde, bijgestaan door A. Collins, SC, en P. McGarry, BL), Slowaakse Republiek (vertegenwoordigers: R. Procházka, J. Čorba en B. Ricziová, gemachtigden)
Verwerende partij: Raad van de Europese Unie (vertegenwoordigers: M. J. Schutte, R. Szostak en G. Giglio, gemachtigden)
Interveniënten aan de zijde van de verwerende partij: Koninkrijk Spanje (vertegenwoordiger: J. Rodríguez Cárcamo, gemachtigde), Koninkrijk der Nederlanden (vertegenwoordiger: H. G. Sevenster, gemachtigde), Commissie van de Europese Gemeenschappen (vertegenwoordiger: C. O'Reilly, gemachtigde)
Voorwerp
Nietigverklaring van verordening (EG) nr. 2252/2004 van de Raad van 13 december 2004 betreffende normen voor de veiligheidskenmerken van en biometrische gegevens in door de lidstaten afgegeven paspoorten en reisdocumenten (PB L 385, blz. 1)
Dictum
1)
Het beroep wordt verworpen.
2)
Het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland wordt verwezen in de kosten.
3)
Het Koninkrijk Spanje, Ierland, het Koninkrijk der Nederlanden, de Slowaakse Republiek en de Commissie van de Europese Gemeenschappen dragen hun eigen kosten.
(1) PB C 132 van 28.5.2005.
Full & Egal Universal Law Academy