Beschikking van het Hof (Tweede kamer) van 13 juli 2006 – Front national e.a. / Parlement en Raad
(Zaak C‑338/05 P)
„Hogere voorziening – Verordening (EG) nr. 2004/2003 – Statuut en financiering van politieke partijen op Europees niveau – Beroep tot nietigverklaring – Exceptie van niet-ontvankelijkheid – Handeling waartegen kan worden opgekomen – Procesbevoegdheid – Niet-ontvankelijkheid – Hogere voorziening die kennelijk niet-ontvankelijk is”
Hogere voorziening – Middelen – Loutere herhaling van voor Gerecht aangevoerde middelen en argumenten – Ontbreken van aanwijzing van gestelde onjuiste rechtsopvatting – Niet-ontvankelijkheid (Art. 225 EG; Statuut van het Hof van Justitie, art. 58, eerste alinea; Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 112, lid 1, eerste alinea, sub c) (cf. punten 23‑25)
Voorwerp
Hogere voorziening tegen de beschikking van het Gerecht van eerste aanleg (Tweede kamer) van 11 juli 2005, Front national e.a./Parlement en Raad (T‑17/04), waarbij niet-ontvankelijk is verklaard een verzoek om nietigverklaring van verordening (EG) nr. 2004/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 4 november 2003 betreffende het statuut en de financiering van politieke partijen op Europees niveau (PB L 297, blz. 1)
Dictum
De hogere voorziening wordt verworpen.
Rekwiranten worden verwezen in de kosten.
Full & Egal Universal Law Academy