Beschikking van het Hof (Vijfde kamer) van 5 oktober 2006 – Schmidt-Brown / Commissie
(Zaak C‑365/05 P)
„Hogere voorziening – Ambtenaren – Bijstandsplicht – Afwijzing van verzoek om financiële bijstand in kader van voor rechterlijke instanties van Verenigd Koninkrijk ingeleide procedure wegens laster”
Hogere voorziening – Middelen – Middelen die kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond zijn (Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 119; Ambtenarenstatuut, art. 24) (cf. punten 61, 68, 78-82)
Voorwerp
Hogere voorziening tegen het arrest van het Gerecht van eerste aanleg (Eerste kamer) van 5 juli 2005, Schmidt-Brown/Commissie (T‑387/02), waarbij is afgewezen het verzoek om nietigverklaring van het besluit van de Commissie van 26 april 2002 houdende afwijzing van rekwirantes verzoek om met name financiële bijstand van die instelling in het kader van een beroep wegens laster dat rekwirante bij de High Court of Justice (England & Wales) tegen een vennootschap heeft ingesteld
Dictum
De hogere voorziening wordt afgewezen.
Schmidt-Brown wordt verwezen in de kosten.
Full & Egal Universal Law Academy