1.5.2010
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 113/2
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 4 maart 2010 — Europese Commissie/Portugese Republiek
(Zaak C-38/06) (1)
(Niet-nakoming - Van douanerechten vrijgestelde invoer van goederen voor specifiek militair gebruik)
2010/C 113/02
Procestaal: Portugees
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: G. Wilms en M. Afonso, gemachtigden)
Verwerende partij: Portugese Republiek (vertegenwoordigers: L. Inez Fernandes, Â. Seiça Neves, J. Gomes en C. Guerra Santos, gemachtigden)
Interveniënten aan de zijde van de verwerende partij: Koninkrijk Denemarken (vertegenwoordiger: J. Molde, gemachtigde), Helleense Republiek (vertegenwoordigers: E.-M. Mamouna en M. K. Boskovits, gemachtigden), Italiaanse Republiek (vertegenwoordigers: I. Bruni, gemachtigde, G. De Bellis, avvocato dello Stato) Republiek Finland (vertegenwoordiger: A. Guimaraes-Purokoski)
Voorwerp
Niet-nakoming — Schending van de artikelen 2, 9, 10 en 11 van verordening (EEG, Euratom) nr. 1552/89 van de Raad van 29 mei 1989 houdende toepassing van besluit 88/376/EEG, Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Gemeenschappen (PB L 155, blz. 1), en, voor de periode na 31 mei 2000, van verordening (EG, Euratom) nr. 1150/2000 van de Raad van 22 mei 2000 houdende toepassing van besluit 94/728/EG, Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese Gemeenschappen (PB L 130, blz. 1) — Van douanerechten vrijgestelde invoer van oorlogsmaterieel en van goederen voor zowel militair als civiel gebruik
Dictum
1.
Door te weigeren de eigen middelen vast te stellen die verschuldigd zijn naar aanleiding van importen van uitrusting en goederen voor specifiek militair gebruik in het tijdvak van 1 januari 1998 tot en met 31 december 2002 en deze ter beschikking van de Commissie van de Europese Gemeenschappen te stellen, en door te weigeren de overeenkomstige vertragingsrente te betalen, is de Portugese Republiek in het tijdvak van 1 januari 1998 tot en met 30 mei 2000 de verplichtingen niet nagekomen die op haar rusten krachtens de artikelen 2 en 9 tot en met 11 van verordening (EEG, Euratom) nr. 1552/89 van de Raad van 29 mei 1989 houdende toepassing van besluit 88/376/EEG, Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Gemeenschappen, zoals gewijzigd bij verordening (Euratom, EG) nr. 1355/96 van de Raad van 8 juli 1996, en in het tijdvak van 31 mei 2000 tot en met 31 december 2002 evenmin de verplichtingen krachtens dezelfde artikelen van verordening (EG, Euratom) nr. 1150/2000 van de Raad van 22 mei 2000 houdende toepassing van besluit 94/728/EG, Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese Gemeenschappen.
2.
De Portugese Republiek wordt verwezen in de kosten.
3.
Het Koninkrijk Denemarken, de Helleense Republiek, de Italiaanse Republiek en de Republiek Finland dragen hun eigen kosten.
(1) PB C 74 van 25.03.2006.
Full & Egal Universal Law Academy