21.2.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 44/4
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 18 december 2008 — Commissie van de Europese Gemeenschappen/Koninkrijk Spanje
(Zaak C-338/06) (1)
(Niet-nakoming - Tweede richtlijn 77/91/EEG - Artikelen 29 en 42 - Naamloze vennootschappen - Kapitaalverhoging - Voorkeurrecht op aandelen en converteerbare obligaties - Opheffing - Bescherming van aandeelhouders - Gelijke behandeling)
(2009/C 44/05)
Procestaal: Spaans
Partijen
Verzoekende partij: Commissie van de Europese Gemeenschappen (vertegenwoordigers: G. Braun en R. Vidal Puig, gemachtigden)
Verwerende partij: Koninkrijk Spanje (vertegenwoordiger: F. Díez Moreno, gemachtigde)
Interveniënten aan de zijde van verwerende partij: Republiek Polen (vertegenwoordiger: E. Ośniecka-Tamecka, als gemachtigde), Republiek Finland (vertegenwoorder: J. Heliskoski, als gemachtigde), Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland (vertegenwoordiger: V. Jackson, als gemachtigde, bijgestaan door J. Stratford, barrister)
Voorwerp
Niet-nakoming — Schending van de artikelen 29 en 42 van de Tweede richtlijn 77/91/EEG van de Raad van 13 december 1976 strekkende tot het coördineren van de waarborgen welke in de lidstaten worden verlangd van de vennootschappen in de zin van artikel 58, tweede alinea, van het Verdrag, om de belangen te beschermen zowel van de deelnemers in deze vennootschappen als van derden met betrekking tot de oprichting van de naamloze vennootschap, alsook de instandhouding en wijziging van haar kapitaal, zulks ten einde die waarborgen gelijkwaardig te maken (PB L 26, blz. 1) — Ontbreken van bescherming van minderheidsaandeelhouders
Dictum
1)
Het Koninkrijk Spanje is de verplichtingen niet nagekomen die op hem rusten krachtens artikel 29 van de Tweede richtlijn 77/91/EEG van de Raad van 13 december 1976 strekkende tot het coördineren van de waarborgen welke in de lidstaten worden verlangd van de vennootschappen in de zin van artikel [48], tweede alinea, van het Verdrag, om de belangen te beschermen zowel van de deelnemers in deze vennootschappen als van derden met betrekking tot de oprichting van de naamloze vennootschap, alsook de instandhouding en wijziging van haar kapitaal, zulks ten einde die waarborgen gelijkwaardig te maken,
—
door bij een kapitaalverhoging tegen inbreng van geld het voorkeurrecht op aandelen niet alleen aan de aandeelhouders maar ook aan de houders van converteerbare obligaties toe te kennen;
—
door het voorkeurrecht op converteerbare obligaties niet alleen aan de aandeelhouders maar ook aan de houders van eerder uitgegeven converteerbare obligaties toe te kennen, en
—
door niet te bepalen dat de algemene vergadering van aandeelhouders het voorkeurrecht op converteerbare obligaties kan opheffen.
2)
Het beroep wordt verworpen voor het overige.
3)
Het Koninkrijk Spanje wordt verwezen in drie vierde van de kosten en de Commissie van de Europese Gemeenschappen in één vierde.
4)
De Republiek Polen, de Republiek Finland en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland dragen hun eigen kosten.
(1) PB C 261 van 28.10.2006.
Full & Egal Universal Law Academy