Beschikking van het Hof (Achtste kamer) van 11 september 2007 – Athinaïki Oikogeniaki Artopoiia / BHIM
(Zaak C‑225/06 P)
„Hogere voorziening – Gemeenschapsmerk – Verordening (EG) nr. 40/94 – Artikel 8, lid 1, sub b – Overeenstemming van twee merken – Verwarringsgevaar – Gemeenschapsmerkaanvraag voor beeld met woordelement ‚FERRÓ’ – Oppositie door houder van nationaal woordmerk FERRERO – Gedeeltelijke weigering tot inschrijving”
Gemeenschapsmerk – Definitie en verkrijging van gemeenschapsmerk – Relatieve weigeringsgronden – Oppositie door houder van gelijk of overeenstemmend ouder merk dat is ingeschreven voor zelfde of soortgelijke waren of diensten (Verordening nr. 40/94 van de Raad, art. 8, lid 1, sub b) (cf. punten 18‑21)
Voorwerp
Hogere voorziening tegen het arrest van het Gerecht van eerste aanleg (Derde kamer) van 15 maart 2006, Athinaïki Oikogeniaki Artopoiia/BHIM (T‑35/04) waarbij het Gerecht heeft verworpen het door de aanvrager van het beeldmerk „FERRÓ” voor waren van de klassen 29, 30 en 42 ingestelde beroep tot vernietiging van beslissing R 460/2002-1 van de eerste kamer van beroep van het Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (BHIM) van 1 december 2003 houdende verwerping van het beroep tegen de gedeeltelijke weigering van de oppositieafdeling om dat merk in te schrijven in het kader van de oppositie ingesteld door de houder van het nationale woordmerk „FERRERO” voor waren van de klassen 5, 29, 30, 32 en 33
Dictum
1) De hogere voorziening wordt afgewezen.
2) Athinaïki Oikogeniaki Artopoiia AVEE wordt verwezen in de kosten.
Full & Egal Universal Law Academy