Beschikking van het Hof (Vijfde kamer) van 23 mei 2007 – Greser / Bundesagentur für Arbeit
(Zaak C‑438/06)
„Prejudiciële verwijzing – Kennelijke niet-ontvankelijkheid”
Prejudiciële vragen – Ontvankelijkheid – Vragen gesteld zonder voldoende precisering van juridische en feitelijke context (Art. 234 EG) (cf. punten 6‑11)
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing – Sozialgericht Würzburg – Uitlegging van artikel 71, lid 1, sub b, van verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op loontrekkenden en hun gezinnen, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen (PB L 149, blz. 2) – Berekening van werkloosheidsuitkeringen voor een Rijnschipper („Rheinschiffer”) die tijdens zijn laatste dienstbetrekking verbleef op het grondgebied van een andere lidstaat dan de lidstaat van tewerkstelling en in overeenstemming met zijn arbeidsovereenkomst slechts om de twee weken naar zijn woonplaats terugkeerde – Kwalificatie van deze werknemer als „grensarbeider” of „werknemer die geen grensarbeider is”
Dictum
Het verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Sozialgericht Würzburg bij beslissing van 28 september 2006 is kennelijk niet-ontvankelijk.
Full & Egal Universal Law Academy