28.1.2012
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 25/46
Arrest van het Gerecht van 30 november 2011 — Quinn Barlo e.a./Commissie
(Zaak T-208/06) (1)
(Mededinging - Mededingingsregelingen - Markt voor methacrylaat - Beschikking houdende vaststelling van inbreuk op artikel 81 EG en artikel 53 EER-Overeenkomst - Begrip één enkele inbreuk - Duur van inbreuk - Geldboeten - Zwaarte van inbreuk - Verzachtende omstandigheden)
2012/C 25/86
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partijen: Quinn Barlo Ltd (Cavan, Ierland); Quinn Plastics NV (Geel, België); en Quinn Plastics GmbH (Mainz, Duitsland) (vertegenwoordigers: W. Blau, F. Wijckmans en F. Tuytschaever, advocaten)
Verwerende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: aanvankelijk V. Bottka en S. Noë, vervolgens V. Bottka en N. Khan, gemachtigden)
Voorwerp
Verzoek om nietigverklaring van de artikelen 1 en 2 van beschikking C(2006) 2098 def. van de Commissie van 31 mei 2006 betreffende een procedure overeenkomstig artikel 81 EG en artikel 53 van de EER-Overeenkomst (zaak COMP/F/38.645 — Methacrylaat), voor zover die artikelen verzoeksters betreffen, en subsidiair een verzoek om nietigverklaring van artikel 2 van deze beschikking voor zover daarbij aan verzoeksters een geldboete wordt opgelegd, dan wel, meer subsidiair, een verzoek om verlaging van deze geldboete
Dictum
1)
Artikel 1 van beschikking C(2006) 2098 def. van de Commissie van 31 mei 2006 betreffende een procedure overeenkomstig artikel 81 EG en artikel 53 van de EER-Overeenkomst (zaak COMP/F/38.645 — Methacrylaat), wordt nietig verklaard, enerzijds, voor zover daarin wordt vastgesteld dat Quinn Barlo Ltd, Quinn Plastics NV en Quinn Plastics GmbH inbreuk hebben gemaakt op artikel 81 EG en artikel 53 van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (EER) door deel te nemen aan een reeks overeenkomsten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen die niet alleen betrekking hadden op massieve polymethyl-methacrylaat-platen, maar ook op polymethyl-methacrylaat-vormmassa en sanitaire polymethyl-methacrylaat-artikelen, en, anderzijds, voor zover deze vennootschappen daarin aansprakelijk worden gesteld voor deelname aan het kartel tussen 1 november 1998 en 23 februari 2000.
2)
De geldboete tot betaling waarvan Quinn Barlo, Quinn Plastics NV en Quinn Plastics GmbH krachtens artikel 2 van beschikking C(2006) 2098 def. hoofdelijk zijn gehouden, wordt vastgesteld op 8 250 000 EUR.
3)
Het beroep wordt verworpen voor het overige.
4)
Quinn Barlo, Quinn Plastics NV en Quinn Plastics GmbH dragen 60 % van hun eigen kosten en 60 % van de kosten van de Europese Commissie.
5)
De Commissie draagt 40 % van haar eigen kosten en 40 % van de kosten van Quinn Barlo, Quinn Plastics NV en Quinn Plastics GmbH.
(1) PB C 224 van 16.9.2006.
Full & Egal Universal Law Academy