24.10.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 256/23
Arrest van het Gerecht van eerste aanleg van 9 september 2009 — Holland Malt/Commissie
(Zaak T-369/06) (1)
(„Staatssteun - Productie van mout - Investeringssteun - Beschikking waarbij steun onverenigbaar met gemeenschappelijke markt wordt verklaard - Aantasting van mededinging - Ongunstige beïnvloeding van handelsverkeer tussen lidstaten - Motiveringsplicht - Richtsnoeren voor staatssteun in landbouwsector”)
2009/C 256/40
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: Holland Malt BV (Lieshout, Nederland) (vertegenwoordigers: aanvankelijk O. Brouwer en D. Mes, vervolgens O. Brouwer, A. Stoffer en P. Schepens, advocaten)
Verwerende partij: Commissie van de Europese Gemeenschappen (vertegenwoordigers: T. Scharf en A. Stobiecka-Kuik, gemachtigden)
Interveniënte aan de zijde van verzoekende partij: Koninkrijk der Nederlanden (vertegenwoordigers: C. Wissels, M. de Grave, C. ten Dam en Y. de Vries, gemachtigden)
Voorwerp
Verzoek tot nietigverklaring van beschikking 2007/59/EG van de Commissie van 26 september 2006 betreffende de door Nederland toegekende staatssteun ten gunste van Holland Malt BV (PB 2007, L 32, blz. 76)
Dictum
1)
Het beroep wordt verworpen.
2)
Holland Malt BV zal haar eigen kosten alsmede de kosten van de Commissie dragen.
3)
Het Koninkrijk der Nederlanden zal zijn eigen kosten dragen.
(1) PB C 42 van 24.2.2007.
Full & Egal Universal Law Academy