21.3.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 69/7
Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 15 januari 2009 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Bundesfinanzhof — Duitsland) — Hauptzollamt Hamburg-Jonas/Bayerische Hypotheken- und Vereinsbank AG
(Zaak C-281/07) (1)
(Verordening (EG, Euratom) nr. 2988/95 - Bescherming van financiële belangen van de Europese Gemeenschappen - Artikel 3 - Terugvordering van restitutie bij uitvoer - Vergissing van nationale autoriteit - Verjaringstermijn)
(2009/C 69/10)
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Bundesfinanzhof
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Hauptzollamt Hamburg-Jonas
Verwerende partij: Bayerische Hypotheken- und Vereinsbank AG
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Bundesfinanzhof — Uitlegging van artikel 3, lid 1, eerste alinea, eerste zin, van verordening (EG, Euratom) nr. 2988/95 van de Raad van 18 december 1995 betreffende de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen (PB L 312, blz. 1) — Toepasselijkheid van de verjaringstermijn van verordening nr. 2988/95 in geval van terugvordering van restitutie bij uitvoer die was betaald als gevolg van een vergissing van de nationale administratie wanneer de betrokken marktdeelnemer geen onregelmatigheid heeft begaan
Dictum
De in artikel 3, lid 1, eerste alinea, van verordening (EG, Euratom) nr. 2988/95 van de Raad van 18 december 1995 betreffende de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen vermelde verjaringstermijn van vier jaar is niet van toepassing op een procedure voor terugvordering van een restitutie bij uitvoer die wegens een vergissing van de nationale autoriteiten ten onrechte aan een exporteur werd toegekend, wanneer deze exporteur geen enkele onregelmatigheid heeft begaan in de zin van artikel 1, lid 2, van deze verordening.
(1) PB C 211 van 8.9.2007.
Full & Egal Universal Law Academy