19.7.2008
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 183/4
Arrest van het Hof (Zevende kamer) van 5 juni 2008 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Tribunal d'instance de Paris — Frankrijk) — JVC France SAS/Administration des douanes (Direction Nationale du Renseignement et des Enquêtes douanières)
(Zaak C-312/07) (1)
(Gemeenschappelijk douanetarief - Tariefindeling - Gecombineerde nomenclatuur - Camcorders - Toelichtingen - Juridische status)
(2008/C 183/07)
Procestaal: Frans
Verwijzende rechter
Tribunal d'instance de Paris
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: JVC France SAS
Verwerende partij: Administration des douanes (Direction Nationale du Renseignement et des Enquêtes douanières)
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Tribunal d'instance de Paris (Frankrijk) — Uitlegging van bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PB L 256, blz. 1), in de versie die geldt voor de feiten van het hoofdgeding — Postonderverdelingen 8525 40 91 (camcorders die enkel zijn voorzien van een opnamemogelijkheid voor het door de televisiecamera geregistreerde beeld en geluid) en 8525 40 99 (andere) — Indeling van camcorders waarmee op het tijdstip van invoer geen van buiten inkomende videosignalen kunnen worden opgenomen (dv-out), maar waarvan de videoaansluiting achteraf kan worden geactiveerd met behulp van een programma of een „dv-in-enabler” (dv-in/out), zonder dat de producent of de verkoper op deze mogelijkheid heeft gewezen of deze aanbeveelt — Mogelijkheid om de communautaire praktijk inzake de tariefindeling te wijzigen door middel van achtereenvolgende wijzigingen met terugwerkende kracht van de toelichtingen bij de gecombineerde nomenclatuur in plaats van door de vaststelling van een tariefindelingsverordening die uitsluitend voor de toekomst geldt
Dictum
1)
Een camcorder kan slechts worden ingedeeld onder postonderverdeling 8525 40 99 van de gecombineerde nomenclatuur, die is opgenomen in bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, zoals gewijzigd bij de verordeningen (EG) nr. 2261/98 van de Commissie van 26 oktober 1998, (EG) nr. 2204/1999 van de Commissie van 12 oktober 1999, (EG) nr. 2388/2000 van de Commissie van 13 oktober 2000 en (EG) nr. 2031/2001 van de Commissie van 6 augustus 2001, indien de functie om beelden en geluiden op te nemen die van andere bronnen dan de geïntegreerde camera of microfoon afkomstig zijn, op het tijdstip van de inklaring actief is of indien deze functie, ook al heeft de producent dit kenmerk niet op de voorgrond willen stellen, op een later tijdstip door een gebruiker die niet over bijzondere bekwaamheden beschikt door een eenvoudige manipulatie kan worden geactiveerd zonder dat de camcorder daarbij materiële wijzigingen ondergaat. Ingeval deze functie achteraf wordt geactiveerd, is tevens vereist dat, enerzijds, de camcorder na de activering van de functie op analoge wijze functioneert als een andere camcorder, waarvan de functie om beelden en geluiden op te nemen die van andere bronnen dan de geïntegreerde camera of microfoon afkomstig zijn, op het tijdstip van de inklaring actief is, en, anderzijds, dat hij op autonome wijze functioneert. Of aan deze voorwaarden is voldaan, moet op het tijdstip van de inklaring kunnen worden geverifieerd. Het staat aan de nationale rechter om te beoordelen of deze voorwaarden zijn vervuld. Indien deze voorwaarden niet zijn vervuld, moet de betrokken camcorder onder postonderverdeling 8525 40 91 van de gecombineerde nomenclatuur worden ingedeeld.
2)
De op 6 juli 2001 en 23 oktober 2002 bekendgemaakte toelichtingen op deze gecombineerde nomenclatuur met betrekking tot postonderverdeling 8525 40 99 zijn uitleggingen en zijn rechtens niet bindend. Zij zijn in overeenstemming met de tekst van de gecombineerde nomenclatuur en wijzigen de strekking daarvan niet. Hieruit volgt dat de vaststelling van een nieuwe indelingsverordening niet noodzakelijk was.
(1) PB C 211 van 8.9.2007.
Full & Egal Universal Law Academy