22.11.2008
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 301/11
Arrest van het Hof (Derde kamer) van 9 oktober 2008 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Fővárosi Bíróság — Republiek Hongarije) — Strafzaak tegen Győrgy Katz/István Roland Sós
(Zaak C-404/07) (1)
(Politiële en justitiële samenwerking in strafzaken - Kaderbesluit 2001/220/JBZ - Status van slachtoffer in strafprocedure - Particuliere klager die zich in plaats van openbaar ministerie stelt - Horen van slachtoffer als getuige)
(2008/C 301/20)
Procestaal: Hongaars
Verwijzende rechter
Fővárosi Bíróság
Partijen in de strafzaak
Verzoekende partij: Győrgy Katz
Verwerende partij: István Roland Sós
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Fővárosi Bíróság — Uitlegging van de artikelen 2 en 3 van kaderbesluit 2001/220/JBZ van de Raad van 15 maart 2001 inzake de status van het slachtoffer in de strafprocedure (PB L 82, blz. 1) — Nationale regeling waarbij het slachtoffer niet kan getuigen in een strafzaak die het als subsidiaire particuliere aanklager heeft ingeleid
Dictum
De artikelen 2 en 3 van kaderbesluit 2001/220/JBZ van de Raad van 15 maart 2001 inzake de status van het slachtoffer in de strafprocedure, moeten aldus worden uitgelegd dat de nationale rechter niet verplicht is, het slachtoffer van een strafbaar feit toe te staan als getuige te woorden gehoord in het kader van een subsidiaire particuliere strafvervolging zoals die in het hoofdgeding. Bestaat die mogelijkheid niet, dan moet het het slachtoffer evenwel kunnen worden toegestaan een verklaring af te leggen die in aanmerking kan worden genomen als bewijselement.
(1) PB C 283 van 24.11.2007.
Full & Egal Universal Law Academy