4.7.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 153/7
Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 7 mei 2009 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Supremo Tribunal Administrativo — Portugal) — Associação Nacional de Transportadores Rodoviários de Pesados de Passageiros (Antrop), J. Espírito Santo & Irmãos Lda, Sequeiro, Lucas, Venturas & Ca Lda, Barraqueiro Transportes SA, Rodoviária de Lisboa/Conselho de Ministros, Companhia Carris de Ferro de Lisboa SA (Carris), Sociedade de Transportes Colectivos do Porto SA (STCP)
(Zaak C-504/07) (1)
(Verordening (EEG) nr. 1191/69 - Openbaredienstverplichtingen - Verlening van compensaties - Sector stedelijk passagiersvervoer)
2009/C 153/14
Procestaal: Portugees
Verwijzende rechter
Supremo Tribunal Administrativo
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Associação Nacional de Transportadores Rodoviários de Pesados de Passageiros (Antrop), J. Espírito Santo & Irmãos Lda, Sequeiro, Lucas, Venturas & Ca Lda, Barraqueiro Transportes SA, Rodoviária de Lisboa
Verwerende partijen: Conselho de Ministros, Companhia Carris de Ferro de Lisboa SA (Carris), Sociedade de Transportes Colectivos do Porto SA (STCP)
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Supremo Tribunal Administrativo — Uitlegging van de artikelen 73 EG, 76 EG, 87 EG en 88 EG en van verordening (EEG) nr. 1191/69 van de Raad van 26 juni 1969 betreffende het optreden van de lidstaten ten aanzien van met het begrip openbare dienst verbonden verplichtingen op het gebied van het vervoer per spoor, over de weg en over de binnenwateren (PB L 156, blz. 1) — Gemeentelijke passagiersvervoersdienst — Al dan geen vergoedingsplicht — Steun ter dekking van exploitatieverliezen van deze ondernemingen
Dictum
1)
Verordening (EEG) nr. 1191/69 van de Raad van 26 juni 1969 betreffende het optreden van de lidstaten ten aanzien van met het begrip openbare dienst verbonden verplichtingen op het gebied van het vervoer per spoor, over de weg en over de binnenwateren, zoals gewijzigd bij verordening (EEG) nr. 1893/91 van de Raad van 20 juni 1991, moet aldus worden uitgelegd dat zij de lidstaten de ruimte laat, openbaredienstverplichtingen op te leggen aan een openbare onderneming die met het openbare passagiersvervoer in een gemeente belast is, en voorziet in de verlening van een compensatie voor de aan deze verplichtingen verbonden lasten, die wordt bepaald overeenkomstig de bepalingen van deze verordening.
2)
Verordening nr. 1191/69, zoals gewijzigd bij verordening nr. 1893/91, verzet zich tegen de verlening van compensaties als die welke in het hoofdgeding aan de orde zijn, wanneer het onmogelijk is het bedrag te bepalen van de kosten die zijn toe te schrijven aan de activiteit die de betrokken ondernemingen verrichten in het kader van de nakoming van hun openbaredienstverplichtingen.
3)
Wanneer een nationale rechterlijke instantie vaststelt dat bepaalde steunmaatregelen onverenigbaar zijn met verordening nr. 1191/69, zoals gewijzigd bij verordening nr. 1893/91, dient zij daaraan overeenkomstig het nationale recht alle nodige gevolgen te verbinden met betrekking tot de geldigheid van de handelingen tot uitvoering van deze maatregelen.
(1) PB C 22 van 26.1.2008
Full & Egal Universal Law Academy