Zaak C‑411/07
X BV
tegen
Staatssecretaris van Financiën
(verzoek van de Hoge Raad der Nederlanden om een prejudiciële beslissing)
„Gemeenschappelijk douanetarief – Gecombineerde nomenclatuur – Tariefindeling – Posten 8541, 8542 en 8543 – Optocouplers”
Samenvatting van het arrest
Gemeenschappelijk douanetarief – Tariefposten – Optocouplers
(Verordening nr. 2658/87 van de Raad, bijlage I, posten 8541, 8542 en 8543; verordening nr. 1832/2002 van de Commissie)
De gecombineerde nomenclatuur opgenomen in bijlage I bij verordening nr. 2658/87 met betrekking tot de tarief‑ en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, zoals gewijzigd bij verordening nr. 1832/2002, moet aldus worden uitgelegd dat een optocoupler onder post 8541 valt, ongeacht of hij een versterkerschakeling omvat. De tariefindeling van optocouplers kan immers niet verschillen naargelang al dan niet een geïntegreerde versterkerschakeling aanwezig is, aangezien deze alleen dient om de goede transmissie van de signalen te verzekeren en in wezen niets wijzigt aan de eigenschappen en de kenmerken van de optocoupler als lichtgevoelig halfgeleiderelement. Deze indeling lijkt bijgevolg specifiek en adequaat.
(cf. punten 23‑25 en dictum)
ARREST VAN HET HOF (Vijfde kamer)
2 oktober 2008 (*)
„Gemeenschappelijk douanetarief – Gecombineerde nomenclatuur – Tariefindeling – Posten 8541, 8542 en 8543 – Optocouplers”
In zaak C‑411/07,
betreffende een verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens artikel 234 EG, ingediend door de Hoge Raad der Nederlanden bij beslissing van 10 augustus 2007, ingekomen bij het Hof op 7 september 2007, in de procedure
X BV
tegen
Staatssecretaris van Financiën,
wijst
HET HOF VAN JUSTITIE (Vijfde kamer),
samengesteld als volgt: A. Tizzano, kamerpresident, M. Ilešič (rapporteur) en J.‑J. Kasel, rechters,
advocaat-generaal: Y. Bot,
griffier: M. Ferreira, hoofdadministrateur,
gezien de stukken en na de terechtzitting op 25 juni 2008,
gelet op de opmerkingen van:
– X BV, vertegenwoordigd door H. de Bie en E. Zietse, advocaten,
– de Nederlandse regering, vertegenwoordigd door C. Wissels en C. ten Dam als gemachtigden,
– de Commissie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door G. Wilms als gemachtigde, bijgestaan door R. de Bree, advocaat,
gelet op de beslissing, de advocaat-generaal gehoord, om de zaak zonder conclusie te berechten,
het navolgende
Arrest
1 Het verzoek om een prejudiciële beslissing betreft de uitlegging van de posten 8541, 8542 en 8543 van de gecombineerde nomenclatuur, opgenomen in bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief‑ en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PB L 256, blz. 1), zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 1832/2002 van de Commissie van 1 augustus 2002 (PB L 290, blz.1; hierna: „GN”).
2 Dit verzoek is ingediend in het kader van een geding tussen een vennootschap naar Nederlands recht, door de verwijzende rechter „X BV” genoemd (hierna: „X”), en de Staatssecretaris van Financiën over de tariefindeling van optocouplers.
Rechtskader
3 De bij verordening nr. 2658/87 ingevoerde GN is gebaseerd op het geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen, dat is opgesteld door de Internationale Douaneraad, thans de Werelddouaneorganisatie, en is ingevoerd bij het Internationaal Verdrag van Brussel van 14 juni 1983, dat namens de Europese Gemeenschap is goedgekeurd bij besluit 87/369/EEG van de Raad van 7 april 1987 (PB L 198, blz. 1). De GN neemt de uit zes cijfers bestaande posten en onderverdelingen van dit geharmoniseerd systeem over; alleen het zevende en het achtste cijfer duiden eigen onderverdelingen aan.
4 De versie van de GN die gold ten tijde van de feiten in het hoofdgeding, is die in bijlage I bij verordening nr. 1832/2002.
5 Afdeling XVI van de GN bevat twee hoofdstukken, waaronder hoofdstuk 85, met als titel: „Elektrische machines, apparaten, uitrustingsstukken, alsmede delen daarvan; toestellen voor het opnemen of het weergeven van geluid, toestellen voor het opnemen of het weergeven van beelden en geluid voor televisie, alsmede delen en toebehoren van deze toestellen”. Dit hoofdstuk vermeldt onder meer de volgende posten en onderverdelingen:
„8541 Dioden, transistors en dergelijke halfgeleiderelementen; lichtgevoelige halfgeleiderelementen (daaronder begrepen fotovoltaïsche cellen, ook indien samengevoegd tot modules of tot panelen); luminescentiedioden; gemonteerde piëzo-elektrische kristallen:
[...]
8541 40 – lichtgevoelige halfgeleiderelementen (daaronder begrepen fotovoltaïsche cellen, ook indien samengevoegd tot modules of tot panelen); luminescentiedioden:
8541 40 10 – – luminescentiedioden, laserdioden daaronder begrepen
8541 40 90 – – andere
[...]
8542 Elektronische geïntegreerde schakelingen en microassemblages:
8542 10 00 – kaarten voorzien van een elektronische geïntegreerde schakeling (‚intelligente kaarten’)
– monolithische geïntegreerde schakelingen:
8542 21 – – digitale:
[...]
8542 29 – – andere:
[...]
8542 29 60 – – – – besturings‑ en controle-eenheden
8542 29 70 – – – – koppeleenheden; koppeleenheden met besturings‑ of controlefuncties
[...]
8543 Elektrische machines, apparaten en toestellen, met een eigen functie, niet genoemd of niet begrepen onder andere posten van dit hoofdstuk:
[...]
8543 89 – – andere:
[...]
8543 89 95 – – – – andere
[...]”
6 De aantekeningen 2 en 5 op afdeling XVI van de GN luiden als volgt:
„2. Behoudens het bepaalde in aantekening 1 op deze afdeling en in de aantekeningen 1 op de hoofdstukken 84 en 85, worden delen van machines (andere dan delen van artikelen bedoeld bij post 8484, 8544, 8545, 8546 of 8547) ingedeeld met inachtneming van de volgende regels:
a) delen die als zodanig onder een van de posten van hoofdstuk 84 of 85 (andere dan de posten 8409, 8431, 8448, 8466, 8473, 8485, 8503, 8522, 8529, 8538 en 8548) kunnen worden ingedeeld, blijven onder die posten ingedeeld, ongeacht de machine waarvoor zij bestemd zijn;
b) delen, andere dan die bedoeld sub a hiervoor, waarvan kan worden onderkend dat zij uitsluitend of hoofdzakelijk bestemd zijn voor een bepaalde machine of voor verschillende onder eenzelfde post vallende machines (met inbegrip van die bedoeld bij post 8479 of 8543), worden ingedeeld onder de post waaronder die machine valt of die machines vallen of onder een der posten 8409, 8431, 8448, 8466, 8473, 8503, 8522, 8529 of 8538, naargelang van het geval; delen die hoofdzakelijk worden gebruikt zowel voor de goederen bedoeld bij post 8517 als voor die bedoeld bij de posten 8525 tot en met 8528, worden echter ingedeeld onder post 8517;
c) andere delen worden ingedeeld onder post 8409, 8431, 8448, 8466, 8473, 8503, 8522, 8529 of 8538, naargelang van het geval, of, indien dit niet mogelijk is, onder post 8485 of 8548.
[...]
5. Voor de toepassing van vorenstaande aantekeningen heeft het woord ‚machines’ zowel betrekking op machines als op de verschillende toestellen, apparaten, uitrustingen en werktuigen, bedoeld bij hoofdstuk 84 of 85.”
Hoofdgeding en prejudiciële vragen
7 In de loop van 2003 heeft de Inspecteur van de Douane X veertien bindende tariefinlichtingen voor optocouplers verstrekt.
8 Zoals blijkt uit het dossier, zijn optocouplers schakelelementen die worden gebruikt om een galvanische scheiding te realiseren tussen twee stroomvoerende elektrische circuits. Met een optocoupler wordt het emittor circuit gescheiden van het collector circuit doordat een lichtgevende diode („light emitting diode”, hierna: „LED”) de inkomende elektrische signalen van het emittor circuit omzet in optische signalen, waarna de fotodetector (een fotodiode of een fototransistor) de optische signalen omzet in elektrische signalen in het collector circuit. Behalve uit een LED en een fotodetector bestaat een optocoupler steeds uit een kunststof film die een hoge elektrische weerstand heeft, maar optische signalen laat passeren. De elektrische signalen worden aldus van het ene naar het andere elektronische circuit overgebracht zonder dat deze circuits met elkaar in verbinding staan.
9 Sommige optocouplers, waaronder die welke X in de handel brengt, omvatten tevens een geïntegreerde schakeling waarmee uitgaande elektrische signalen worden gestabiliseerd en versterkt.
10 De hiervoor omschreven onderdelen zijn samengevoegd in een kunststof omhulling.
11 Optocouplers worden op grote schaal toegepast voor inbouw in verschillende apparaten en instrumenten, onder meer communicatie‑ en computerapparatuur en industriële machines.
12 In de aan X verstrekte bindende tariefinlichtingen zijn elf typen optocouplers ingedeeld onder post 8541 40 90, één type onder post 8542 29 60 en twee typen onder post 8542 29 70 van de GN.
13 Bij beschikking van 17 november 2004 heeft de Inspecteur van de Douane deze bindende tariefinlichtingen ingetrokken, omdat hij tot het inzicht was gekomen dat alle in geding zijnde producten moesten worden ingedeeld onder post 8543 89 95 van de GN. Nadat X bezwaar had gemaakt, heeft de Inspecteur van de Douane deze beschikking gehandhaafd.
14 De Rechtbank te Haarlem heeft bij vonnis van 22 december 2005 het tegen laatstgenoemde uitspraak ingestelde beroep ongegrond verklaard met de overweging dat optocouplers moeten worden beschouwd als een apparaat met een eigen functie en moeten worden ingedeeld onder post 8543 89 95 van de GN.
15 Van oordeel dat optocouplers in geen geval onder post 8543 kunnen worden ingedeeld, heeft X beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad.
16 De Hoge Raad merkt op dat optocouplers onderdelen bevatten van de in post 8541 van de GN vermelde soorten. De vraag rijst of indeling in post 8541 van de GN ook mogelijk is wanneer aan de optocoupler een schakeling is toegevoegd waarmee uitgaande elektrische signalen worden gestabiliseerd en versterkt.
17 Daarop heeft de Hoge Raad de behandeling van de zaak geschorst en het Hof de volgende prejudiciële vragen gesteld:
„1) Moet een in een omhulling van kunststof geborgen optisch-elektrische schakeling, welke naast een lichtgevende diode (een light emitting diode ofwel LED), een kunststof film en een fotodetector, een versterkerschakeling omvat en bestemd is voor inbouw in onder meer communicatie‑ en computerapparatuur, consumentenelektronica en industriële machines, worden aangemerkt als een elektrische machine, apparaat of toestel als bedoeld in post 8543 van de GN?
2) Indien sprake is van een deel van een machine, moet het begrip lichtgevoelig halfgeleiderelement (daaronder begrepen fotovoltaïsche cellen, ook indien samengevoegd tot modules of tot panelen) vermeld in post 8541 van de GN zo worden uitgelegd dat onder dat begrip mede valt een optisch-elektrische schakeling als hiervoor omschreven, of moet een dergelijk product vanwege de aanwezigheid van de versterkerschakeling als een elektronische geïntegreerde schakeling in de zin van post 8542 van de GN worden aangemerkt?”
Beantwoording van de prejudiciële vragen
18 Met zijn vragen, die samen moeten worden onderzocht, wenst de verwijzende rechter in wezen te vernemen of een optocoupler met een versterkerschakeling valt onder post 8541 van de GN als lichtgevoelig halfgeleiderelement, onder post 8542 van de GN als elektronische geïntegreerde schakeling of onder post 8543 van de GN als elektrische machine, elektrisch apparaat of elektrisch toestel met een eigen functie.
19 Volgens X moeten optocouplers, waaronder die met een versterkerschakeling, worden ingedeeld in post 8541 van de GN. De Commissie van de Europese Gemeenschappen is het met die stelling eens. De Nederlandse regering is daarentegen van mening dat een optocoupler die behalve een LED en fotodiodes, ook een geïntegreerde versterkerschakeling omvat, moet worden ingedeeld in post 8543 van de GN.
20 Met het oog op de rechtszekerheid en een gemakkelijke controle moet het beslissende criterium voor de tariefindeling van goederen in de regel worden gezocht in de objectieve kenmerken en eigenschappen ervan, zoals deze in de tekst van de posten van de GN en in de aantekeningen op de afdelingen of hoofdstukken ervan zijn omschreven (arresten van 18 december 1997, Techex, C‑382/95, Jurispr. blz. I‑7363, punt 11; 27 september 2007, Medion en Canon Deutschland, C‑208/06 en C‑209/06, Jurispr. blz. I‑7963, punt 34, en 22 mei 2008, Ecco Sko, C‑165/07, nog niet gepubliceerd in de Jurisprudentie, punt 27).
21 Post 8541 van de GN betreft met name de lichtgevoelige halfgeleiderelementen. Zoals blijkt uit de verwijzingsbeslissing en uit de bij het Hof ingediende opmerkingen, staat vast dat optocouplers dergelijke elementen vormen.
22 De Nederlandse regering heeft in haar schriftelijke opmerkingen trouwens erkend dat optocouplers zonder toegevoegde schakeling moeten worden ingedeeld in post 8541 van de GN. Slechts wanneer een optocoupler een geïntegreerde schakeling omvat, is indeling in deze post niet meer mogelijk. Volgens de Nederlandse regering kunnen optocouplers met een geïntegreerde schakeling die de uitgaande elektrische signalen stabiliseert en versterkt, niet worden beschouwd als eenvoudige lichtgevoelige halfgeleiderelementen.
23 In dit verband zij opgemerkt dat de tariefindeling van optocouplers niet kan verschillen naargelang een geïntegreerde versterkerschakeling aanwezig is. Er wordt immers niet betwist dat de inbouw van een dergelijke schakeling in optocouplers een zeer verspreide techniek is die alleen dient om de goede transmissie van de signalen te verzekeren. Of een dergelijke schakeling is ingebouwd, wijzigt in wezen dus niets aan de eigenschappen en de kenmerken van de optocoupler als lichtgevoelig halfgeleiderelement.
24 Uit het voorgaande volgt dat optocouplers ook onder post 8541 van de GN vallen wanneer zij een versterkerschakeling omvatten.
25 Aangezien niet wordt betwist dat optocouplers lichtgevoelige halfgeleiderelementen zijn, lijkt indeling ervan in post 8541 van de GN, gelet op de in punt 8 van het onderhavige arrest samengevatte eigenschappen ervan, overigens specifieker en adequater dan indeling in post 8542 van de GN.
26 Ten slotte kunnen, anders dan de Nederlandse regering stelt, optocouplers, ongeacht de juiste samenstelling ervan, niet worden ingedeeld in post 8543 van de GN.
27 Laatstgenoemde post is immers slechts van toepassing wanneer de andere posten van hoofdstuk 85 van de GN niet kunnen worden toegepast. Uit punt 24 van het onderhavige arrest blijkt dat optocouplers onder post 8541 van de GN vallen, ook wanneer zij een versterkerschakeling omvatten.
28 In elk geval zouden optocouplers slechts in post 8543 van de GN kunnen worden ingedeeld wanneer zij een eigen functie hadden. Zij moeten echter worden beschouwd als delen van machines, in plaats van als „elektrische machines, apparaten en toestellen, met een eigen functie” in de zin van post 8543 van de GN. Zoals de verwijzende rechter heeft uiteengezet en X heeft benadrukt, hebben optocouplers immers als zodanig geen nuttige functie, onafhankelijk van het elektrische apparaat waarvoor ze bestemd zijn.
29 Bovendien volgt uit aantekening 2, sub a, van afdeling XVI van de GN dat delen van machines die als zodanig vallen onder een van de posten van hoofdstuk 84 of 85 van de GN, zoals in casu post 8541, in die post ingedeeld blijven, ongeacht de machine waarvoor zij bestemd zijn. Aantekening 2, sub b, van deze afdeling bepaalt weliswaar dat wanneer delen van machines uitsluitend of hoofdzakelijk bestemd zijn voor onder eenzelfde post vallende machines, zij in de post worden ingedeeld waaronder deze machines vallen. Niettemin zij vastgesteld dat deze laatste regel niet kan gelden voor optocouplers aangezien optocouplers bestemd zijn voor vele soorten machines, apparaten en toestellen, en niet alleen voor de in post 8543 van de GN bedoelde restcategorie van machines, apparaten en toestellen („elektrische machines, apparaten en toestellen, met een eigen functie, niet genoemd of niet begrepen onder andere posten van dit hoofdstuk”).
30 Gelet op al het voorgaande dient op de prejudiciële vragen te worden geantwoord dat de GN aldus moet worden uitgelegd dat een optocoupler onder post 8541 valt, ongeacht of hij een versterkerschakeling omvat.
Kosten
31 Ten aanzien van de partijen in het hoofdgeding is de procedure als een aldaar gerezen incident te beschouwen, zodat de nationale rechterlijke instantie over de kosten heeft te beslissen. De door anderen wegens indiening van hun opmerkingen bij het Hof gemaakte kosten komen niet voor vergoeding in aanmerking.
Het Hof van Justitie (Vijfde kamer) verklaart voor recht:
De gecombineerde nomenclatuur opgenomen in bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief‑ en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 1832/2002 van de Commissie van 1 augustus 2002, moet aldus worden uitgelegd dat een optocoupler onder post 8541 valt, ongeacht of hij een versterkerschakeling omvat.
ondertekeningen
* Procestaal: Nederlands.
Full & Egal Universal Law Academy