9.2.2008
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 37/3
Beroep ingesteld op 14 november 2007 — Commissie van de Europese Gemeenschappen/Tsjechische Republiek
(Zaak C-496/07)
(2008/C 37/03)
Procestaal: Tsjechisch
Partijen
Verzoekende partij: Commissie van de Europese Gemeenschappen (vertegenwoordigers: G. Rozet en M. Šimerdová, gemachtigden)
Verwerende partij: Tsjechische Republiek
Conclusies
—
vast te stellen dat de Tsjechische Republiek, door in haar nationale wettelijke regeling de functie van kapitein van een schip dat de Tsjechische vlag voert, voor te behouden aan personen met de Tsjechische nationaliteit, de krachtens artikel 39 EG op haar rustende verplichtingen niet is nagekomen;
—
de Tsjechische Republiek te verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
In het onderhavige beroep voert de Commissie de volgende bezwaren aan:
De Tsjechische wettelijke regeling (wet nr. 61/2000) verplicht de exploitant van een schip om te verzekeren dat de kapitein van een schip dat de Tsjechische vlag voert, de Tsjechische nationaliteit heeft.
Dit duidelijke en geheel onvoorwaardelijke vereiste om de Tsjechische nationaliteit te hebben is volgens de Commissie in strijd met de bevindingen van het Hof van Justitie in de arresten C-405/01 (1) en C-47/02 (2). De Commissie wijst in het bijzonder op de vaststelling van het Hof in punt 44 van het arrest in zaak C-405/01 en in punt 63 van het arrest in zaak C-47/02. Het vereiste in de Tsjechische wettelijke regeling dat de kapitein van een schip de Tsjechische nationaliteit moet hebben, is absoluut. De relevante bepalingen in de Tsjechische regeling houden geen rekening met de wijze waarop en in de mate waarin de kapitein van een schip daadwerkelijk bevoegdheden van het openbaar gezag uitoefent, zoals is vereist in bovengenoemde rechtspraak van het Hof. Het enkele feit de Tsjechische wettelijke regeling kapiteins van schepen die de Tsjechische vlag voeren, bevoegdheden van het openbaar gezag verleent, kan niet volstaan om toepassing van de in artikel 39, lid 4, EG voorziene afwijking van het vrije verkeer van werknemers te rechtvaardigen.
Volgens de Commissie is de Tsjechische Republiek verplicht om zijn nationale wettelijke regeling in overeenstemming te brengen met de rechtspraak van het Hof, niettegenstaande het feit dat er (volgens de verklaringen van de Tsjechische Republiek) momenteel geen schepen onder de Tsjechische vlag varen.
(1) Arrest van 30 september 2003, Colegio de Oficiales de la Marina Mercante Espagñola tegen Administración del Estado (C-405/01, Jurispr. blz. I-10391), betreffende de Spaanse wettelijke regeling die de functies van kapitein en eerste stuurman op onder de Spaanse vlag varende schepen voorbehoudt aan personen met de Spaanse nationaliteit.
(2) Arrest van 30 september 2003, Albert Anker, Klaas Ras en Albertus Snopek tegen Bondsrepubliek Duitsland (C-47/02, Jurispr. blz. I-10447), betreffende de Duitse wettelijke regeling die de functies van kapitein op onder de Duitse vlag varende vissersschepen die voor de kleine visserij op volle zee worden gebruikt („Kleine Seeschifffahrt”), voorbehoudt aan personen met de Duitse nationaliteit.
Full & Egal Universal Law Academy