16.5.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 113/9
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 19 maart 2009 — Commissie van de Europese Gemeenschappen/Republiek Finland
(Zaak C-10/08) (1)
(Belastingheffing in Finland op uit andere lidstaten ingevoerde tweedehands voertuigen - Overeenstemming van nationale regeling met artikel 90, eerste alinea, EG, Zesde btw-richtlijn en richtlijn 2006/112/EG)
2009/C 113/17
Procestaal: Fins
Partijen
Verzoekende partij: Commissie van de Europese Gemeenschappen (vertegenwoordigers: I. Koskinen en D. Triantafyllou, gemachtigden)
Verwerende partij: Republiek Finland (vertegenwoordiger: J. Heliskoski, gemachtigde)
Voorwerp
Niet-nakoming — Schending van artikel 90 EG en artikel 17, leden 1 en 2, van de Zesde richtlijn (77/388/EEG) van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der lidstaten inzake omzetbelasting — Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag (PB L 145, blz. 1), thans de artikelen 167 en 168 van richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (PB L 347, blz. 1) — Nationale wettelijke regeling die in over de motorrijtuigenbelasting geheven belasting over de toegevoegde waarde voorziet, alsook in het recht om het overeenkomstige bedrag in mindering te brengen op de verschuldigde belasting over de toegevoegde waarde — Toepassing van dezelfde fiscale waarde voor voertuigen minder dan drie maanden oud en voor nieuwe voertuigen — Toepassing van een waardevermindering van 0,8 % per maand voor voertuigen minder dan zes maanden oud wanneer er op de nationale markt geen gelijkwaardige voertuigen voorhanden zijn
Dictum
1)
Door toe te staan dat de belasting van artikel 5 van wet nr. 1482/1994 over de motorrijtuigenbelasting [autoverolaki (1482/1994)] van 29 december 1994 overeenkomstig artikel 102, eerste alinea, punt 4, van wet nr. 1501/1993 betreffende de belasting over de toegevoegde waarde [arvonlisäverolaki (1501/1993)] van 30 december 1993 wordt afgetrokken van de belasting over de toegevoegde waarde, is de Republiek Finland de verplichtingen niet nagekomen die op haar rusten krachtens artikel 90, eerste alinea, EG en artikel 17, leden 1 en 2, van de Zesde richtlijn (77/388/EEG) van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der lidstaten inzake omzetbelasting — Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag, thans opgenomen in de artikelen 167 en 168 van richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde.
2)
Door bij de motorrijtuigenbelasting voor voertuigen van minder dan drie maanden oud dezelfde belastbare waarde te hanteren als voor nieuwe voertuigen, is de Republiek Finland de verplichtingen niet nagekomen die krachtens artikel 90, eerste alinea, EG op haar rusten.
3)
Het beroep wordt verworpen voor het overige.
4)
De Republiek Finland draagt, naast haar eigen kosten, drie vierde van de kosten van de Commissie van de Europese Gemeenschappen.
5)
De Commissie van de Europese Gemeenschappen draagt haar eigen kosten voor het overige.
(1) PB C 79 van 29.3.2008.
Full & Egal Universal Law Academy