29.8.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 205/8
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 2 juli 2009 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door Högsta domstolen — Zweden) — SCT Industri AB i likvidation/Alpenblume AB
(Zaak C-111/08) (1)
(Justitiële samenwerking in burgerlijke zaken - Rechterlijke bevoegdheid en tenuitvoerlegging van beslissingen - Werkingssfeer - Faillissementen)
2009/C 205/12
Procestaal: Zweeds
Verwijzende rechter
Högsta domstolen
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: SCT Industri AB i likvidation
Verwerende partij: Alpenblume AB
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Högsta domstolen — Uitlegging van artikel 1, lid 2, sub b, van verordening (EG) nr. 44/2001 van de Raad van 22 december 2000 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (PB 2001, L 12, blz. 1) — Arrest van rechter van lidstaat A waarbij de curator van een in lidstaat B aanhangig gemaakte faillissementsprocedure onbevoegd wordt verklaard om de in lidstaat A gelegen goederen van de failliete vennootschap over te dragen — Door overnemende vennootschap ingestelde vordering tot revindicatie van de aandelen van een vennootschap, die zij in het kader van de faillissementsprocedure had verkregen, maar die door de overdragende vennootschap zijn teruggenomen krachtens het arrest waarbij de overdracht nietig is verklaard
Dictum
De uitzondering van artikel 1, lid 2, sub b, van verordening (EG) nr. 44/2001 van de Raad van 22 december 2000 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken moet aldus worden uitgelegd dat zij van toepassing is op een beslissing van een rechterlijke instantie van een lidstaat A betreffende de inschrijving van de eigendom van aandelen in een vennootschap met statutaire zetel in lidstaat A, krachtens welke de overdracht van die aandelen nietig moet worden geacht op grond dat de rechterlijke instantie van lidstaat A niet de bevoegdheid van een curator in een lidstaat B erkent in het kader van een in lidstaat B gevoerde en beëindigde faillissementsprocedure.
(1) PB C 116 van 9.5.2008.
Full & Egal Universal Law Academy