12.9.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 220/9
Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 16 juli 2009 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Hof van Cassatie van België) — Gilbert Snauwaert, Algemeen Expeditiebedrijf Zeebrugge BVBA, Coldstar NV, Dirk Vlaeminck, Jeroen Den Haerynck, Ann De Wintere (C-124/08), Géry Deschaumes (C-125/08)/Belgische Staat
(Gevoegde zaken C-124/08 en C-125/08) (1)
(Verordening (EEG) nr. 2913/92 - Communautair douanewetboek - Douaneschuld - Bedrag van rechten - Mededeling aan schuldenaar - Strafrechtelijk vervolgbare handeling)
2009/C 220/14
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
Hof van Cassatie
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Gilbert Snauwaert, Algemeen Expeditiebedrijf Zeebrugge BVBA, Coldstar NV, Dirk Vlaeminck, Jeroen Den Haerynck, Ann De Wintere (C-124/08), Géry Deschaumes (C-125/08)
Verwerende partij: Belgische Staat
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Hof van Cassatie — Uitlegging van artikel 221, leden 1 en 3, van verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek (versie van 1992) (PB L 302, blz. 1) — Navordering van rechten bij in- of uitvoer — Al dan geen verplichting om bedrag aan rechten te boeken alvorens dit aan schuldenaar mee te delen — Verjaringstermijn — Douanefraude — Hoofdelijke veroordeling
Dictum
1)
Artikel 221, lid 1, van verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek, moet aldus worden uitgelegd dat de douaneautoriteiten het te betalen bedrag aan in- of uitvoerrechten enkel rechtsgeldig op een daartoe geëigende wijze aan de schuldenaar kunnen meedelen wanneer zij het bedrag van die rechten tevoren hebben geboekt.
2)
Artikel 221, lid 3, van verordening nr. 2913/92 moet aldus worden uitgelegd dat de douaneautoriteiten na het verstrijken van de termijn van drie jaar te rekenen vanaf de datum waarop de douaneschuld is ontstaan, rechtsgeldig tot mededeling van het bedrag van de wettelijk verschuldigde rechten aan de schuldenaar kunnen overgaan wanneer zij ingevolge een strafrechtelijk vervolgbare handeling niet in staat waren het juiste bedrag van die rechten vast te stellen, ook wanneer die schuldenaar de betrokken handeling niet heeft gepleegd.
(1) PB C 142 van 7.6.2008.
Full & Egal Universal Law Academy