22.5.2010
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 134/3
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 18 maart 2010 (verzoeken om een prejudiciële beslissing ingediend door de Giudice di pace di Ischia — Italië) — Rosalba Alassini/Telecom Italia SpA (C-317/08) en Filomena Califano/Wind SpA (C-318/08) en Lucia Anna Giorgia Iacono/Telecom Italia SpA (C-319/08) en Multiservice Srl/Telecom Italia SpA (C-320/08)
(Gevoegde zaken C-317/08 tot en met C-320/08) (1)
(Verzoek om prejudiciële beslissing - Beginsel van effectieve rechterlijke bescherming - Elektronische-communicatienetwerken en -diensten - Richtlijn 2002/22/EG - Universele dienst - Geschillen tussen eindgebruikers en aanbieders - Verplichte poging tot buitengerechtelijke geschillenbeslechting)
2010/C 134/04
Procestaal: Italiaans
Verwijzende rechter
Giudice di pace di Ischia
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Rosalba Alassini (C-317/08), Filomena Califano (C-318/08), Lucia Anna Giorgia Iacono (C-319/08), Multiservice Srl (C-320/08)
Verwerende partijen: Telecom Italia SpA (C-317/08), Wind SpA (C-318/08) Telecom Italia SpA (C-319/08), Telecom Italia SpA (C-320/08)
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Giudice di pace di Ischia — Uitlegging van richtlijn 2002/22/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische-communicatienetwerken en -diensten (Universeledienstrichtlijn) (PB L 108, blz. 51), van richtlijn 1999/44/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 mei 1999 betreffende bepaalde aspecten van de verkoop van en de garanties voor consumptiegoederen (PB L 171, blz. 12) en van artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens — Gedingen op het gebied van elektronische communicatie tussen eindgebruikers en exploitanten, betreffende verkrijging van vergoeding van de schade die is geleden wegens gestelde niet-uitvoering van de overeenkomst inzake de door de exploitant verleende telefoondienst — Nationale regeling volgens welke een poging tot buitengerechtelijke geschillenbeslechting moet worden ondernomen voordat beroep bij de rechter kan worden ingesteld — Mogelijkheid om bij de rechter beroep in te stellen zonder de poging tot buitengerechtelijke geschillenbeslechting te doen
Dictum
—
Artikel 34 van richtlijn 2002/22/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische-communicatienetwerken en -diensten (Universeledienstrichtlijn) moet in die zin worden uitgelegd dat het zich niet verzet tegen een regeling van een lidstaat die voor geschillen op het gebied van elektronische-communicatiediensten tussen eindgebruikers en aanbieders van deze diensten, waarvoor de bij deze richtlijn toegekende rechten gelden, als voorwaarde voor de ontvankelijkheid van beroepen bij de rechter stelt dat een verplichte poging tot buitengerechtelijke geschillenbeslechting wordt gedaan.
—
Het gelijkwaardigheids- en het doeltreffendheidsbeginsel alsmede het beginsel van effectieve rechterlijke bescherming verzetten zich evenmin tegen een nationale regeling die voor dergelijke geschillen vereist dat eerst een procedure voor buitengerechtelijke geschillenbeslechting wordt gevolgd, indien deze procedure niet tot een bindende beslissing voor de partijen leidt, geen wezenlijke vertraging voor het instellen van een beroep bij de rechter meebrengt, de verjaring van de betrokken rechten schorst en geen of zeer geringe kosten meebrengt voor de partijen, mits de elektronische weg niet de enige manier van toegang tot die procedure vormt en voorlopige maatregelen kunnen worden gelast in de uitzonderlijke gevallen waarin de spoedeisendheid van de situatie dit verlangt.
(1) PB C 236 van 13.9.2008.
Full & Egal Universal Law Academy