16.5.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 113/17
Beschikking van het Hof van 5 maart 2009 — Commissie van de Europese Gemeenschappen/Provincia di Imperia
(Zaak C-183/08 P) (1)
(Hogere voorziening - Artikel 119 van Reglement voor procesvoering - Voorwaarden voor ontvankelijkheid van beroep tot nietigverklaring - Procesbelang - Oproep tot indienen van voorstellen inzake financiering van innovatieve acties in kader van Europees Sociaal Fonds - Besluit tot afwijzing - Bestaan bij verzoekster van enig voordeel bij eventuele nietigverklaring van bestreden handeling)
2009/C 113/34
Procestaal: Frans
Partijen
Rekwirante: Commissie van de Europese Gemeenschappen (vertegenwoordigers: D. Martin en L. Flynn, gemachtigden)
Andere partij in de procedure: Provincia di Imperia (vertegenwoordigers: K. Platteau en S. Rostagno, avocats)
Voorwerp
Hogere voorziening tegen het arrest van het Gerecht van eerste aanleg (Vijfde kamer) van 14 februari 2008, Provincia di Imperia/Commissie (T-351/05), waarbij het Gerecht ontvankelijk (maar ongegrond) heeft verklaard het door verzoekster ingestelde beroep tot nietigverklaring van het besluit van de Commissie van 30 juni 2005 houdende weigering om haar een subsidie toe te kennen in het kader een oproep tot het indienen van voorstellen inzake innovatieve acties in het kader van het Europees Sociaal Fonds — Niet-inachtneming van de voorwaarden voor ontvankelijkheid van een beroep tot nietigverklaring — Begrip procesbelang — Ontbreken bij verzoekster van enig voordeel bij een eventuele nietigverklaring van de bestreden handeling
Dictum
1)
De hogere voorziening wordt kennelijk ongegrond verklaard.
2)
De Commissie van de Europese Gemeenschappen draagt haar eigen kosten.
(1) PB C 209 van 15.8.2008.
Full & Egal Universal Law Academy