Zaak C‑16/08
Schenker SIA
tegen
Valsts ieņēmumu dienests
(verzoek van het Administratīvā apgabaltiesa om een prejudiciële beslissing)
„Gemeenschappelijk douanetarief – Tariefindeling – Gecombineerde nomenclatuur – Actievematrix-led’s”
Samenvatting van het arrest
Gemeenschappelijk douanetarief – Tariefposten – Actievematrix-led’s
(Verordening nr. 2658/87 van de Raad, bijlage I; verordening nr. 1789/2003 van de Commissie)
Postonderverdeling 8528 21 90 van de gecombineerde nomenclatuur, die is opgenomen in bijlage I bij verordening nr. 2658/87 met betrekking tot de tarief‑ en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, zoals gewijzigd bij verordening nr. 1789/2003, moet aldus worden uitgelegd dat deze postonderverdeling op 29 december 2004 niet van toepassing was op actieve matrix elementen met vloeibare kristallen (LCD) die in hoofdzaak bestonden uit de volgende elementen:
– twee glasplaten;
– een laag vloeibaar kristal geborgen tussen deze platen;
– verticale en horizontale signaallezers (drivers);
– achtergrondverlichting (backlighting);
– een inverter die hoogspanning opwekt voor de achtergrondverlichting, en
– een stuureenheid – interface voor datatransmissie (PCB of PWB-control), die zorgt voor de sequentiële overdracht van gegevens naar elke pixel (beeldpunt) van de LCD-module met gebruikmaking van een specifieke technologie – LVDS (Low Voltage Differential Signaling).
Dergelijke elementen vertonen namelijk niet de essentiële kenmerken van het complete of het afgewerkte goed in de zin van postonderverdeling 8528 21 90 van de gecombineerde nomenclatuur aangezien er voor het definitieve gebruik ervan in de volgende productiecyclus extra onderdelen aan moeten worden toegevoegd.
Daarentegen kunnen deze elementen als goederen die kunnen worden gebruikt in de toestellen die onder post 8528 vallen, worden ingedeeld onder post 8529 van de gecombineerde nomenclatuur („Delen waarvan kan worden onderkend dat zij uitsluitend of hoofdzakelijk bestemd zijn voor de toestellen bedoeld bij de posten 8525 tot en met 8528”), en meer bepaald onder postonderverdeling 8529 90 81 ervan. Het staat aan de verwijzende rechter na te gaan of deze elementen de noodzakelijke objectieve kenmerken en eigenschappen vertonen om te worden beschouwd als goederen die uitsluitend of hoofdzakelijk voor toestellen van de posten 8525 tot en met 8528 van de gecombineerde nomenclatuur zijn bestemd.
(cf. punten 27‑32 en dictum)
ARREST VAN HET HOF (Zesde kamer)
11 juni 2009 (*)
„Gemeenschappelijk douanetarief – Tariefindeling – Gecombineerde nomenclatuur – Actieve matrix elementen met vloeibare kristallen”
In zaak C‑16/08,
betreffende een verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens artikel 234 EG, ingediend door het Administratīvā apgabaltiesa (Letland) bij beslissing van 13 december 2007, ingekomen bij het Hof op 15 januari 2008, in de procedure
Schenker SIA
tegen
Valsts ieņēmumu dienests,
wijst
HET HOF VAN JUSTITIE (Zesde kamer),
samengesteld als volgt: J.‑C. Bonichot, kamerpresident, K. Schiemann (rapporteur) en C. Toader, rechters,
advocaat-generaal: J. Kokott,
griffier: R. Grass,
gezien de stukken,
gelet op de opmerkingen van:
– Schenker SIA, vertegenwoordigd door E. Āboliņa, procesgemachtigde,
– de Valsts ieņēmumu dienests, vertegenwoordigd door D. Jakāns als gemachtigde,
– de Hongaarse regering, vertegenwoordigd door R. Somssich, J. Fazekas en K. Borvölgyi als gemachtigden,
– de Commissie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door G. Wilms en E. Kalnins als gemachtigden,
gelet op de beslissing, de advocaat-generaal gehoord, om de zaak zonder conclusie te berechten,
het navolgende
Arrest
1 Het verzoek om een prejudiciële beslissing betreft de uitlegging van de gecombineerde nomenclatuur, die is opgenomen in bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief‑ en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PB L 256, blz. 1), zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 1789/2003 van de Commissie van 11 september 2003 (PB L 281, blz. 1; hierna: „GN”).
2 Dit verzoek is ingediend in het kader van een geding tussen Schenker SIA (hierna: „Schenker”) en de Valsts ieņēmumu dienests (Letse belastingdienst; hierna: „VID”) over de tariefindeling van bepaalde actieve matrix elementen met vloeibare kristallen (LCD).
Toepasselijke bepalingen
3 De bij verordening nr. 2658/87 ingevoerde gecombineerde nomenclatuur is gebaseerd op het geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen (hierna: „GS”), dat is opgesteld door de Internationale Douaneraad, thans de Werelddouaneorganisatie, en ingevoerd bij het Internationaal Verdrag van Brussel van 14 juni 1983 en het daarbij behorende protocol van wijziging van 24 juni 1986, die namens de Europese Economische Gemeenschap zijn goedgekeurd bij besluit 87/369/EEG van de Raad van 7 april 1987 (PB L 198, blz. 1).
4 Het eerste deel van de GN bevat een geheel van inleidende bepalingen. In dit deel, in titel I („Algemene regels”), luidt afdeling A, met als opschrift „Algemene regels voor de interpretatie van de gecombineerde nomenclatuur” (hierna: „algemene regels”), als volgt:
„Voor de indeling van goederen in de [GN] gelden de volgende bepalingen.
1. De tekst van de opschriften van de afdelingen, van de hoofdstukken en van de onderdelen van hoofdstukken wordt geacht slechts als aanwijzing te gelden; voor de indeling zijn wettelijk bepalend de bewoordingen van de posten en de aantekeningen op de afdelingen of op de hoofdstukken en – voor zover dit niet in strijd is met de bewoordingen van bedoelde posten en aantekeningen – de navolgende regels.
2. a) De vermelding van een goed in een post heeft eveneens betrekking op dat goed in niet-complete of in niet-afgewerkte staat, voor zover dit de essentiële kenmerken van het complete of het afgewerkte goed vertoont. Deze vermelding heeft eveneens betrekking op een compleet of een afgewerkt goed of een op grond van de voorgaande volzin als zodanig aan te merken goed, indien het wordt aangeboden in gedemonteerde of in niet-gemonteerde staat.
[...]”
5 Het tweede deel van de GN, waarin de tabel van de douanerechten is opgenomen, bevat een afdeling XVI, met als opschrift „Machines, toestellen en elektrotechnisch materieel, alsmede delen daarvan; toestellen voor het opnemen of het weergeven van geluid, voor het opnemen of het weergeven van beelden en geluid voor televisie, alsmede delen en toebehoren van deze toestellen”.
6 Post 8528 van de GN luidt:
„8528 Ontvangtoestellen voor televisie, ook indien met ingebouwd ontvangtoestel voor radio-omroep of toestel voor het opnemen of het weergeven van geluid of van beelden; videomonitors en videoprojectietoestellen:
[...]
– videomonitors:
8528 21 – – voor kleurenweergave:
[...]
8528 21 90 – – – andere
[...]”
7 Post 8529 van de GN luidt:
„8529 Delen waarvan kan worden onderkend dat zij uitsluitend of hoofdzakelijk bestemd zijn voor de toestellen bedoeld bij de posten 8525 tot en met 8528:
[...]
8529 90 − andere:
[...]
8529 90 81 − − − − − voor televisiecamera’s bedoeld bij onderverdeling 8525 30 en voor toestellen bedoeld bij de posten 8527 en 8528
[...]”
8 Post 9013 van de GN luidt:
„9013 Elementen met vloeibare kristallen die als zodanig geen artikelen vormen die elders meer specifiek zijn omschreven; lasers, andere dan laserdioden; andere optische instrumenten, apparaten en toestellen, niet genoemd of niet begrepen onder andere posten van dit hoofdstuk:
[...]
9013 80 − andere instrumenten, apparaten en toestellen:
− − elementen met vloeibare kristallen:
9013 80 20 − − − actieve matrix elementen met vloeibare kristallen
[...]”
9 De door de Commissie van de Europese Gemeenschappen op 23 oktober 2002 gepubliceerde toelichtingen op de gecombineerde nomenclatuur van de Europese Gemeenschappen (PB C 256, blz. 1) verwijzen voor de postonderverdelingen 8528 21 14 tot en met 8528 21 90 naar de tweede alinea, punt 6, van de toelichtingen op post 8528 van het GS in het door de Werelddouaneorganisatie gepubliceerde GS-Repertorium van indelingsadviezen.
10 De GS-toelichting op post 8528 luidt:
„[...]
Deze post omvat ontvangtoestellen voor televisie (videomonitors en videoprojectietoestellen daaronder begrepen), ook indien met ingebouwd ontvangtoestel voor radio-omroep of een toestel voor het opnemen of het weergeven van geluid of van beelden.
Van de bij deze post bedoelde toestellen kunnen worden genoemd:
[...]
6) Videomonitors. Dit zijn ontvangtoestellen die met een coaxiale kabel rechtstreeks aan een videocamera of aan een opnametoestel zijn gekoppeld en waaruit de hoogfrequentiecircuits zijn weggelaten. Het zijn toestellen voor professioneel gebruik in de controlekamers van de televisiestations of in gesloten televisiecircuits (luchthavens, stations, ijzer‑ en staalindustrie, ziekenhuizen, enzovoort). Deze apparaten zijn voornamelijk samengesteld uit inrichtingen om een lichtpunt te creëren en dit te verplaatsen op een scherm, en dit synchroon met de signalen afkomstig van de bron. Ze bevatten ook een of meer videoversterkers waarmee de intensiteit van het lichtpunt kan worden gevarieerd. Deze monitors kunnen bovendien gescheiden ingangen hebben voor rood (R), groen (G) en blauw (B) of zijn gecodeerd volgens een andere norm (NTSC, SECAM, PAL, D‑MAC, enzovoort). Voor de ontvangst van gecodeerde signalen moet de monitor zijn uitgerust met een decodeerinrichting (voor de scheiding) van de R‑, G‑ en B-signalen. Het meest gebruikte middel voor de reconstructie van het beeld is de kathodestraalbuis voor direct beeld of de projector met drie projectie-kathodestraalbuizen. Er zijn echter ook monitoren die andere middelen gebruiken om hetzelfde doel te bereiken (bijvoorbeeld schermen met vloeibare kristallen, lichtstralen die afgebogen worden op een oliefilm). Dit kunnen monitors zijn met kathodestraalbuizen of werkend met platte schermen, bijvoorbeeld met vloeibare kristallen (LCD), met luminescentiedioden (LED), met plasma, enzovoort.
[...]
Onder voorbehoud van de algemene bepalingen inzake de indeling van onderdelen (zie Algemene beschouwingen van de Afdeling) vallen onderdelen van toestellen van de onderhavige post onder nr. 85.29.”
11 De GS-toelichting op post 9013 luidt:
„[...] deze post omvat met name:
1) De elementen met vloeibare kristallen, bestaande uit een laag vloeibaar kristal geborgen tussen twee bladen of platen van glas of kunststof, al dan niet voorzien van elektrische geleiders, in stukken of gesneden volgens bepaalde vormen, die geen artikelen vormen die in andere [GN-]posten meer specifiek zijn omschreven.
[...]”
Hoofdgeding en prejudiciële vraag
12 Op 29 december 2004 deed Schenker douaneaangifte voor een aantal goederen, namelijk elementen TFT LCD met vloeibare kristallen met actieve matrix LTA320W2‑L01, LTA260W1‑L02 en LTM170W1‑L01, voor een totale waarde van 108 720 USD. Zij deelde ze in onder GN-postonderverdeling 9013 8020 en paste dus 0 % invoerrecht toe.
13 Blijkens het aan het Hof overgelegde dossier bestaan deze elementen uit twee glasplaten, een laag vloeibare kristallen tussen deze platen, verticale en horizontale signaallezers, achtergrondverlichting, een inverter die hoogspanning opwekt voor de achtergrondverlichting en ten slotte een stuureenheid – interface voor datatransmissie (PCB of PWB-control), die zorgt voor de sequentiële overdracht van gegevens naar elke pixel (beeldpunt) van de LCD-module met gebruikmaking van een specifieke technologie – LVDS (Low Voltage Differential Signaling).
14 Bij controle van de aangifte van Schenker voor deze goederen betwijfelde de Rīgas Muitas reģionālā iestāde (regionaal douanekantoor te Riga) van de VID de juistheid van de erin aangegeven GN-postonderverdeling. Derhalve zijn er monsters genomen en aan de bevoegde douanedienst gestuurd ter vaststelling van de toepasselijke GN-post. Volgens de douanebeambten was de juiste indeling postonderverdeling 8528 21 90 en niet postonderverdeling 9013 80 20 zoals in Schenker’s aangifte. Het tarief van de invoerrechten dat overeenkomstig de indeling door de VID volgens deze administratie op de goederen had moeten worden toegepast, bedroeg 14 %.
15 Bijgevolg werd Schenker bij besluit van de VID van 24 februari 2005 op basis van de bepalingen van het Letse wetboek van administratieve overtredingen schuldig bevonden aan een administratieve overtreding en een geldboete van 300 LVL opgelegd. De directeur-generaal van de VID bevestigde dit besluit op 7 juni 2005.
16 In haar op 11 juli 2005 bij de Administratīvā rajona tiesa (administratieve districtsrechtbank) ingestelde beroep tot nietigverklaring van het besluit van de directeur-generaal van de VID betoogde Schenker in wezen dat de goederen in het hoofdgeding niet onder GN-postonderverdeling 8528 21 90, dat wil zeggen als afgewerkte producten in de zin van de GN, hadden mogen worden ingedeeld, aangezien zij niet met interfaces voor de transmissie van videosignalen zijn uitgerust en dergelijke signalen evenmin kunnen ontvangen.
17 De Administratīvā rajona tiesa verwierp het beroep van Schenker op 12 mei 2006. Deze rechter was het met Schenker eens dat de betrokken goederen niet als volledige of afgewerkte producten dienden te worden aangegeven, maar wees erop dat zij volgens de technische documentatie in het dossier de hoofdbestanddelen bevatten voor de uitvoering van de hoofdfunctie van het goed, namelijk datatransmissie. De indeling door de VID was dus gerechtvaardigd, aangezien het om een onvolledig of onafgewerkt goed ging met de essentiële kenmerken van het volledige goed.
18 Op 2 juni 2006 stelde Schenker bij het Administratīvā apgabaltiesa hoger beroep in tegen dat arrest. Daar hij twijfelt aan de tariefindeling van de goederen in het hoofdgeding, heeft deze rechter de behandeling van de zaak geschorst en het Hof de volgende prejudiciële vraag gesteld:
„Moet post 8528 21 90 van de [GN] aldus worden uitgelegd dat die post op 29 december 2004 mede van toepassing was op actieve matrix elementen met vloeibare kristallen (LCD) (TFT LCD – LTA320W2-L01, LTA260W1-L02, LTM170W1-L01), die in hoofdzaak bestaan uit de volgende onderdelen:
– twee glasplaten;
– een laag vloeibaar kristal geborgen tussen deze platen;
– verticale en horizontale signaallezers (drivers);
– achtergrondverlichting (backlighting);
– een inverter die hoogspanning opwekt voor de achtergrondverlichting, en
– een stuureenheid – interface voor datatransmissie (PCB of PWB-control), die zorgt voor de sequentiële overdracht van gegevens naar elke pixel (beeldpunt) van de LCD-module met gebruikmaking van een specifieke technologie – LVDS (Low Voltage Differential Signaling)?”
Beantwoording van de prejudiciële vraag
Argumenten van partijen
19 Schenker stelt in wezen dat de elementen in het hoofdgeding niet zijn bestemd voor één enkel specifiek gebruik, maar kunnen worden gebruikt voor de vervaardiging van tal van producten als computers, videomonitors, televisietoestellen, signaalborden, medische uitrusting, automatische controle-installaties of speelautomaten. Daarom vallen deze elementen niet onder GN-postonderverdeling 8528 21 90, die betrekking heeft op videomonitors en meer algemeen op afgewerkte producten.
20 Volgens de VID en de Commissie daarentegen kunnen de elementen in het hoofdgeding, aangezien zij extra onderdelen bevatten die niet worden vermeld in GN-postonderverdeling 9013 80 20, zoals een achtergrondverlichting, een inverter voor de achtergrondverlichting en een stuureenheid voor overdracht naar elke pixel, niet onder deze postonderverdeling worden ingedeeld.
21 Bovendien kunnen de betrokken elementen volgens de VID videobeelden ontvangen en weergeven, dus de hoofdfunctie van een videomonitor technisch vervullen. Overeenkomstig de algemene regel in lid 2, sub a, van het eerste deel, titel I, A, van de GN kunnen zij dus worden beschouwd als goederen in niet-complete of niet-afgewerkte staat, die met afgewerkte of volledige goederen kunnen worden gelijkgesteld, en dus vallen onder GN-postonderverdeling 8528 21 90, die videomonitors dekt.
22 De Commissie stelt dat de goederen in het hoofdgeding, die kunnen worden beschouwd als onderdelen, bestemd voor machines die onder post 8528 van de GN vallen, volgens de relevante GS-toelichting moeten worden ingedeeld onder post 8529 van de GN, meer bepaald onder postonderverdeling 8529 90 81.
23 Volgens de Hongaarse regering vertonen de betrokken elementen niet de essentiële kenmerken van het complete of het afgewerkte goed, aangezien in dit stadium nog niet kan worden bepaald in welk soort afgewerkte goederen deze elementen zullen worden gebruikt. De geschiktste GN-post is dus post 9013.
Beoordeling door het Hof
24 Het is vaste rechtspraak dat, in het belang van de rechtszekerheid en van een gemakkelijke controle, het beslissende criterium voor de tariefindeling van goederen in de regel moet worden gezocht in de objectieve kenmerken en eigenschappen ervan, zoals deze in de tekst van de GN-post en in de aantekeningen bij de afdeling of het hoofdstuk zijn omschreven (zie met name arrest van 18 juli 2007, Olicom, C‑142/06, Jurispr. blz. I‑6675, punt 16 en aldaar aangehaalde rechtspraak).
25 Voorts kan de bestemming van het product een objectief indelingscriterium zijn, wanneer die bestemming inherent is aan het product. De inherentie moet kunnen worden beoordeeld aan de hand van de objectieve kenmerken en eigenschappen ervan (arrest van 27 november 2008, Metherma, C‑403/07, Jurispr. blz. I‑0000, punt 47).
26 De aantekeningen op de hoofdstukken van het gemeenschappelijk douanetarief alsook de GS-toelichtingen vormen immers belangrijke middelen ter verzekering van een uniforme toepassing van dit tarief en kunnen derhalve als waardevolle hulpmiddelen bij de uitlegging ervan worden beschouwd (arrest van 11 december 2008, Kip Europe e.a., C‑362/07 en C‑363/07, Jurispr. blz. I‑0000, punt 27).
27 In casu vertonen de goederen in het hoofdgeding, zoals zij door de verwijzende rechter zijn beschreven, geen kenmerken die overeenkomen met GN-postonderverdeling 9013 80 20, die „actieve matrix elementen met vloeibare kristallen” betreft. De elementen in het hoofdgeding zijn namelijk mede uitgerust met niet in deze postonderverdeling vermelde onderdelen, met name achtergrondverlichting, een inverter voor de achtergrondverlichting en een stuureenheid voor overdracht naar elke pixel. Deze elementen kunnen verschillende bestemmingen hebben, maar verschillende essentiële bestanddelen moeten eraan worden toegevoegd opdat deze goederen de essentiële kenmerken van een compleet goed vertonen. GN-postonderverdeling 8528 21 90, die ziet op „videomonitors”, namelijk afgewerkte goederen, vormt dus evenmin de geschikte postonderverdeling voor de indeling van de elementen met vloeibare kristallen in het hoofdgeding.
28 Krachtens de regel in lid 2, sub a, van het eerste deel, titel I, A, van de GN dekt een bepaalde post een goed zelfs in niet-complete of in niet-afgewerkte staat voor zover het als zodanig de essentiële kenmerken van het complete of het afgewerkte goed vertoont, maar dat lijkt niet het geval met de goederen in het hoofdgeding, aangezien er voor het definitieve gebruik ervan in de volgende productiecyclus extra onderdelen aan moeten worden toegevoegd.
29 Bijgevolg kunnen de elementen met vloeibare kristallen in het hoofdgeding niet worden ingedeeld onder GN-postonderverdeling 9013 80 20 of 8528 21 90.
30 Daarentegen kunnen deze elementen als goederen die kunnen worden gebruikt in de toestellen die onder GN-post 8528 („Ontvangtoestellen voor televisie, ook indien met ingebouwd ontvangtoestel voor radio-omroep of toestel voor het opnemen of het weergeven van geluid of van beelden; videomonitors en videoprojectietoestellen”) vallen, overeenkomstig de GS-toelichting op post 8528 worden ingedeeld onder GN-post 8529 („Delen waarvan kan worden onderkend dat zij uitsluitend of hoofdzakelijk bestemd zijn voor de toestellen bedoeld bij de posten 8525 tot en met 8528”), meer bepaald onder postonderverdeling 8529 90 81 („voor televisiecamera’s bedoeld bij onderverdeling 8525 30 en voor toestellen bedoeld bij de posten 8527 en 8528”).
31 Het staat aan de verwijzende rechter na te gaan of de elementen met vloeibare kristallen in het hoofdgeding de noodzakelijke objectieve kenmerken en eigenschappen vertonen om te worden beschouwd als goederen die uitsluitend of hoofdzakelijk voor toestellen van de GN-posten 8525 tot en met 8528 zijn bestemd.
32 Bijgevolg moet op de prejudiciële vraag worden geantwoord dat GN-postonderverdeling 8528 21 90 aldus moet worden uitgelegd dat deze postonderverdeling op 29 december 2004 niet van toepassing was op actieve matrix elementen met vloeibare kristallen (LCD) die in hoofdzaak bestonden uit de volgende onderdelen:
– twee glasplaten;
– een laag vloeibaar kristal geborgen tussen deze platen;
– verticale en horizontale signaallezers (drivers);
– achtergrondverlichting (backlighting);
– een inverter die hoogspanning opwekt voor de achtergrondverlichting, en
– een stuureenheid – interface voor datatransmissie (PCB of PWB-control), die zorgt voor de sequentiële overdracht van gegevens naar elke pixel (beeldpunt) van de LCD-module met gebruikmaking van een specifieke technologie – LVDS (Low Voltage Differential Signaling).
Kosten
33 Ten aanzien van de partijen in het hoofdgeding is de procedure als een aldaar gerezen incident te beschouwen, zodat de nationale rechterlijke instantie over de kosten heeft te beslissen. De door anderen wegens indiening van hun opmerkingen bij het Hof gemaakte kosten komen niet voor vergoeding in aanmerking.
Het Hof van Justitie (Zesde kamer) verklaart voor recht:
Postonderverdeling 8528 21 90 van de gecombineerde nomenclatuur, die is opgenomen in bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief‑ en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 1789/2003 van de Commissie van 11 september 2003, moet aldus worden uitgelegd dat deze postonderverdeling op 29 december 2004 niet van toepassing was op actieve matrix elementen met vloeibare kristallen (LCD) die in hoofdzaak bestonden uit de volgende elementen:
– twee glasplaten;
– een laag vloeibaar kristal geborgen tussen deze platen;
– verticale en horizontale signaallezers (drivers);
– achtergrondverlichting (backlighting);
– een inverter die hoogspanning opwekt voor de achtergrondverlichting, en
– een stuureenheid – interface voor datatransmissie (PCB of PWB-control), die zorgt voor de sequentiële overdracht van gegevens naar elke pixel (beeldpunt) van de LCD-module met gebruikmaking van een specifieke technologie – LVDS (Low Voltage Differential Signaling).
ondertekeningen
* Procestaal: Lets.
Full & Egal Universal Law Academy